Er is oneindig meer dan je kunt overzien. Die veelheid dwingt tot vereenvoudiging, denkt men. Een straat beschrijven moet in drie zinnen kunnen. Of twee. Zodra je die dwang achter je laat en je begeeft in het niemandsland tussen de regels, dreigt het wegwuiven, het laat maar. Toch zijn er schrijvers en dichters die zich daar wagen. In dat weggewuifde land. Wetend dat er van alles huist. Proberen het ach laat toch maar tot leven te wekken. Met het risico zelf weggewuifd te worden. Zo'n dichter is de Vlaming Roland Jooris. Nieuwe bundel 'Bladergrond'. Alleen al in de titels van zijn gedichten. Zoals 'Tijdens':
We koesteren het schrapen
het schuren
het schrijven
In de war liggen de dingen
als tussen gedachten
verschoven
op hun plaats
Het beschouwelijke
tast steeds dunner naar
vergankelijkheid
Alsof het nooit meer
voorbijgaat
staat
een getalm voor
de deur