Vaderschap

 Verbazingwekkend blijven de tv-program­ma's waarin volwas­sen geworden kinderen de halve wereld afre­izen om aan te komen bij een verbaasde zaaddonor. Omhelzingen, tranen. Dat is televis­ie. Maar hoe het daarna verder gaat zie je nooit.

 Zondag gaat het in de Utrechtse molen bij de Vorlesebühne over het vaderschap. Waar zijn de vaders gebleven?

 Ik zoek al jaren naar een cartoon die ooit in de Panorama heeft gestaan. Je zag je een rokende vader in een leunsto­el, en die hele stoel, met vader en al, stond in een reusach­tige asbak. Zodat - als hij weer eens verstrooid de as van zijn sigaret aftipte die niet op het tapijt viel, maar in de reuze­nasbak.

 In veel culturen is het vaderschap nog steeds weinig meer dan een zaadlozing. Wat je blijft houden is de vaderwens bij kinderen en de kinde­rwens bij vrouwen. Mannen als onze koning met zijn 'wij zijn zwanger' neemt niemand serieus. Hun vrouwen nog het minst.

 Mijn oom Bob was wat je noemt een man. Een piloot, die zijn pochette parfumeerde met een paar druppels vliegtuigben­zine. Hij wilde een vrouw die onder zijn gestrekte arm door kon lopen. Zo kwam de inderdaad vrij kleine tante Elly in de familie.

 Oom Bob was nogal fors en at veel. Daarom had hij een eigen eetbord, dat flink wat groter was dan de andere borden uit het gezinsservies.