In Brussel werd een onderaards paleis gevonden. Onder het Zuidstation. Geheel verlaten, maar nog piekfijn in orde. En in de oorspronkelijke Brusselse tegeltjesstijl gedecoreerd. De Standaard brengt vandaag foto's. Er werden beschaafde partijen gehouden. Tot het jaar 2000. Daarna is het dichtgemetseld en vergeten. De prijslijsten in oude Belgische francs hangen er nog.
Dit roept een boek in me wakker, gelezen op school onder leiding van leraar Frans Henri Boulan. In de eerste klas.
Parijse jongetjes vinden in een parkje een toegang tot een dichtmetselde zijtak van de metro, waar nog steeds een compleet ingericht presidentieel galarijtuig geparkeerd staat. Vergeten. Ze dringen door in pracht en praal van 1900.
Een verhaal dat herinnert aan de Wagons-Lits wagen in het bos van Compiègne waarin de voor de Duitsers smadelijke wapenstilstand van 1918 werd gesloten. In 1940 nam Hitler hem mee naar Berlijn, later stak de SS hem in brand.
Wat ik zag was een kopie, die er nog steeds staat.
De titel van het boek over de Parijse jongetjes ben ik kwijt. Wie?
En wat er onder het Brusselse Zuidstation nu eigenlijk gebeurde moet nog aan het licht komen.