Verstopppen

Wie niet weg is is gezien. Zodra ik schrijven kon begon ik de buurt in kaart te brengen in een geheim schrift. Verstopplaatsen, vluchtroutes, want je wist nooit. Mijn plattegronden met stippellijnen en pijltjes mocht niemand zien. Er waren zelfs twee ondergrondse hutten en een boomhut. Die laatste was een vergissing, in de herfst vielen de bladeren af en werd de hut voor iedereen zichtbaar.

Een leven van spieden, de vijand nauwlettend in de gaten houden (de vijand kan overal zijn, zomaar uit het niets opduiken, wie hij is weet je nooit zeker, al zijn er vermoedens).

In de films die ik zag was altijd wel iemand op de vlucht en moest zich verbergen. Ik verbaasde me erover hoe onhandig volwassen mannen dat deden. Ze kenden de oude lessen van het verstoppen niet! Het 'zien zonder gezien te worden' (het oude credo van Zorro), de gouden regel van het om een hoekje of van achter een boom de vijand gadeslaan, daarbij vergetend dat wie kijkt zich ook laat zien. 

'Pas op, achter je', wil je domme filmsterren steeds wel toeschreeuwen. Nee, ze hebben niet onthouden dat ''blijf zitten waar je zit en verroer je niet'' de boodschap is. Zo heb ik vele uren in een boom gezeten tegenover de school waarvan ik spijbelde. Niet ontdekt, maar koud dat ik het kreeg op die hoge tak. Ik hoor de klassen nog te tafels opzeggen en liedjes zingen in hun warme lokalen. En ik kreeg honger. Een goede raad dus aan alle ontsnappers: zorg voor wat mondvoorraad en een plek waar je niet sterft van de kou. En ijk nooit om hoekjes.