De Notre Dame de Paris was niet - zoals het nu alom wordt voorgesteld - de nationale kathedraal waar koningen gezalfd werden, dat gebeurde in Reims. Ze werden er ook niet begraven, dat gebeurde in St.Denis. Napoleon liet er zich wel tot keizer kronen en De Gaulle werd er begraven. Meer niet.
Het verwaarloosde gebouw uit de 12de eeuw werd na de revolutie opgeknapt en naar eigen inzicht bijgewerkt door de omstreden Viollet-le-Duc (1814-1879), een romanticus die de gotiek graag verbeterde. Zie het romantisch kasteel van Pierrefonds en de 'Middeleeuwse' oude stad van Carcassone.
Hij won een prijsvraag en kreeg de opdracht. De flèche, het torentje op de viering dat gisteren wegbrandde was net als veel beeldhouwwerk tijdens de Franse revolutie - toen de kerk een 'tempel van de rede' werd - gesloopt, en een vrije herschepping van Viollet. Net als de waterspuwers en karikaturen op de torens.
Tijdens de revolutie werd de Notre Dame gebruikt als opslagplaats. Het scheelde een haar of hij was afgebroken.
Viollet kon van voren af aan beginnen met aankleden en optuigen. Toevoegen en vervangen wat hij wou. Zoals de Maria met kind en twee engelen aan de voorkant onder het roosvenster en de beelden van de koningen van Judah eronder die tijdens de revolutie vernield waren omdat de revolutionairen dachten dat ze Franse koningen voorstelden.