Treinschrijven (2)

Om treinschrijvers vroeg ik. Gijsbert van der Wal bracht me een treinenfotograaf: de Amerikaan O. Winston Link (1914-2001). Vorig najaar beschreef Gijsbert in de Groene Amsterdammer een droom die hij had na het zien van één foto van Link, eind jaren '50 gemaakt en toen te zien in Foam, in Amsterdam.

'Niet lang nadat ik de foto had gezien, droomde ik dat ik de fotograaf was. Ik stond in het water, kadrerend en scherpstellend, en ik wou van die kinderen af. Die waren veel te beweeglijk naar mijn zin. Het ging me om dat donkere water en die twee stil poserende bruggen. Maar toen ik verder de rivier in liep, schoven de kinderen in mijn kader mee. Het water stond nu aan mijn kin; ik had moeite de camera droog te houden. De kinderen zwommen inmiddels. Ze deden een wedstrijdje wie het eerste bij de verkeersbrug was en vervolgens wie er het eerst bovenop stond. Terwijl zij omhoog klommen verscheen er een oudklasgenoot op de brug, die zwijgend naar beneden keek, naar mij daar in het water.’ Link dacht zijn composities heel precies uit. Overal in het landschap werden flitslampen opgesteld, zodat een trein bij zestig kilometer per uur toch scherp op de foto kwam en Link - anders dan in Gijsberts droom - geen hinder ondervond van beweeglijke zwemmers.Bekijk de gelinkte site. Je weet niet wat je ziet. Wat is er met die foto's? Norman Rockwell spookt er doorheen, Edward Hopper. Amerikaans licht bestaat. Maar het moet, net als Hollands licht, wel gezien en vervolgens gemaakt worden.