Interviews deed ze maar zelden. Ik heb haar nooit gesproken. Haar nawoord bij de vertaling van 'Sneeuwland' van de Japanse schrijver Yasunari Kawabata (2007) leek een goede aanleiding, maar nee. Afgelopen week stierf ze, 51 jaar oud, ik zocht in de Nederlandse archieven naar radiomateriaal. En vond maar één interview. Van een uur, uit 1991, door Robert-Henk Zuidinga uit VARA's 'Het zout in de pap', een lang verdwenen cultureel programma. Een samenvatting in tekst:
Sinds haar zevende jaar schreef ze. Haar eerste roman toen ze tien was, 'in het meisjesboekengenre'. Als kind won ze een poëziewedstrijd en er wwrd een roman, een soort 'dierenavonturenroman' van haar uitgegeven. Ze was een wonderkind. Haar afkeer van interviews dateert uit die tijd, zegt ze.
En dan staat er: 'De latere boeken werden steeds vreemder: heel pessimistisch, met desastreuze einden.' En ze zegt: 'Ik ben een zeer solipsistisch soort schrijver. Dat is het slechte soort, in de publieke opinie.'
Soms heeft ze het gevoel dat 'schrijven het tegendeel is van echt leven'.
Als kind schreef ze praktisch de gehele dag, wat nu geheel veranderd is. Ze wijt dit aan het feit dat ze zich als kind niet goed voelde.
'Dus ik schrijf liever niet.'
Navraag leert dat het interview niet meer bestaat. Het is 'gewist'. Wie daartoe opdracht heeft gegeven? Zonder toestemming van de VARA kan zoiets niet. Besparing op bewaarkosten is meestal de reden.
Ik ga contact zoeken met Robert-Henk Zuidinga. Hij woont in Damme, bij Brugge.