Charles Baudelaire (1821-1867)
Lieven de Cauter

Lieven de Cauter (1)

 Daarover gaat 'Archeologie van de kick' van Lieven de Cauter, de Vlaamse filosoof, nu herdrukt.Ik blader. Kijk, daar heb je Baudelaire en Walter Benjamin, het 19de eeuwse Parijs met z'n flaneurs, de vaders van alle nietsnutten. En lees.

 Baudelaire wordt aangehaald: 'Gij zult altijd dronken zijn.' (...) 'Om niet de gemartelde slaaf van de tijd te zijn, bedwelm u zonder ophouden. Door wijn, poëzie of deugd, aan u de keuze.'
En daar komt de vrije tijd en met de vrije tijd de verveling.
'O ja, de tijd is weer verschenen; de tijd regeert nu als een vorst; en met de afschuwelijke grijsaard is heel zijn duivels gevolg van Herinneringen, Smarten. Krampen, Angsten, Benauwdheden, Nachtmerries, Woedeaanvallen en Zenuwziekten teruggekomen.'
De roes als het middel tegen de verveling.  

 En dus, ervaringshonger. En ja, de Spektakelmaatschappij van Guy Debord (1967).
Nog herinner ik me Baudelaire-adept Johnny van Doorn die 'Het Spleen van Parijs' altijd bij zich had in z'n koffertje. We liepen door de Nes, ’s avonds laat en kijk, daar stond het op de muur gekalkt: 'ER MOET WAT GEBEUREN'. Ziedaar, zei Johnny.