Wat maakt deze Estlandse film zo goed? Floortje Smit schreef dat ie aan Aki Kaurismäki doet denken, wat 'n beetje waar is, maar de mannen en vrouwen hier ontberen het heldendom, de nobele Einzelgang van Kaurismäki karakters.Hier is het de drank die wint. De film laat episoden zien uit de levens van zo'n twintig mensen, en wordt in de aftiteling opgedragen 'aan alle mannen met een teer hart en een zwakke lever, die alleen staan, 's nachts in hun onderbroek'
Wat niet zegt dat de vrouwen er lelijk afkomen. Integendeel, ze zingen de dronken lorren - echtgenoten, bazen - uit en winnen, heel klassiek.
Maar wat maakt de film nu zo goed?
Ik denk dat regisseur Veiko Õunpuu je steeds een pas of drie voor blijft.
Denk je dat ie het 'de mens is slecht'-lied zingt dan brengt een slechtaard een eitje-op-bed. En nog wel voor de vrouw die eerder zo schandelijk weggezet werd door haar intellectuele echtgenoot.
En geloof je eindelijk in z'n zwartgalligheid dan gooit Õunpuu je een happy end om de oren.
De beelden zijn zo mooi dat het wel oude Orwo-foto's lijken.