Vriend Carel was met vakantie in Ivoorkust. Toen ie op Schiphol eenmaal zijn auto had teruggevonden en de A4 weer opreed duizelde het hem opeens. Al die reusachtige witte pijlen op het wegdek! Wat wilden die van hem? In Ivoorkust bestond dat niet. Hij moest z'n auto langs de kant zetten.
En ja, wie verzint die pijlen? Dat woud aan verkeers- en richtingborden? Het boek 'Straten maken' bevat tien vuistregels voor het maken van overzichtelijke straten en wegen. Het dringt door in ons pakket aan onbewuste vanzelfsprekendheden. Waarvan baksteen de voornaamste is.
Een stad moet een duidelijke opbouw hebben, zeggen Veenenbos en Bosch. Sterker nog, aan een straat herken je - als het goed is - een hele stad. Hun boek, vol foto's van Nederlandse straten levert een prachtig gezelschapsspel. 'Deze?' 'Haarlem. Geen twijfel mogelijk.'
En dan de 'stadsvloer'. Niet teveel materialen gebruiken daar, helder vormgeven, rust scheppen. Dan zijn al die witte strepen en -pijlen ook niet nodig.