Over staan en liggen is veel gezegd, over zitten minder.
Er wordt veel gezeten bij Maja van Hall (75), die nu exposeert in Beelden aan Zee. Op stoelen of op de grond. Het zittende lijf vertelt verhalen. Zittende ruggen, schouders, heupen, voeten, hoofden zijn anders dan staande of liggende. Dat moet wel haast komen doordat er staande, liggende en ook zittende gedachten bestaan.
Een zittend been heeft weinig te doen, hangt vaak wat doelloos omlaag, terwijl een zittende rug zich inspant of juist nadrukkelijk ontspant. Het zittende hoofd is nadenkerig. Heeft even vrij, staart in de verte of naar binnen. Terwijl de zittende heupen maar blijven bewegen, woelen, zoeken naar comfort. Zo keek ik naar het werk van Maja van Hall. Huiselijk, was het woord dat zich opdrong, nabij. Op straat staan weinig stoelen. En zomaar op de stoep gaan zitten doe je zelden.
En dan heb ik nog niks gezegd over het cruciale 'gaan zitten'. Het spektakel van de overgang van staan naar zitten. Later meer.