Aji V.N. (2)

 Zijn je tekeningen dromen? vroeg ik. Hij dacht na. Eenvoudige antwoorden zijn er bij hem niet.

 Nee. Wel is er in een nabijgelegen stad een tempel met een slapende god. De god slaapt op een kluwen slangen. En die god droomt. Hij droomt de wereld.

 Dus ook jou en mij en jouw werk? zeg ik. Dit vindt Aji komisch. In zekere zin. Hij vertelt over de manshoge mensachtige gestalten die hij tegenwoordig tekent. Mannen, vrouwen, jong, oud. Naakt, met wildgroeiend rastahaar dat mij doet denken aan de bossages in zijn regenwoud. Waar komen ze vandaan?

 Uit houtskool en fel pastel, op gekleurd papier, als steeds. Maar gezien heeft hij ze ook. Aan de oever van de Ganges, de bron waaruit alles groeit. Woekeringen in de geest en daarbuiten. Ze zijn hem een raadsel, deze figuren. Niet alleen ik weet niet wat ze me willen vertellen, Aji zelf ook niet.

 Daarom tekent hij ze.

Tags: