Alice Munro (2)

 Was gisteren niet aanwezig bij de uitreiking van haar Nobelprijs. Haar verhalen zijn vol personages die dat begrijpelijk maken. Het gaat altijd anders.

 In 'Floating bridge' gaan een zieke vrouw van veertig en haar echtgenoot schoenen ophalen voor hun nieuwe hulpje. Dat eindigt op het land bij het huis van familie van dat hulpje, waar de echtgenoot zich binnen laat noden terwijl Jinny - ze heeft kanker, krijgt chemo - liever buiten blijft in de auto. Die ze in een opwelling - het is warm - verlaat en het korenveld ingaat. Waar ze verdwaalt en zich een  'waarheidsspel' herinnert waarbij de deelnemers eerlijk moesten zeggen wat ze het eerst te binnenschoot bij het zien van elke ander. Alles wat over haar gezegd werd was verkeerd. Ze was niet verlegen, of berustend, 'natuurlijk' of 'puur'.

 En dan komt deze fatale regel: 'Als je stierf waren dit soort verkeerde meningen natuurlijk het enige wat van je overbleef.'

 In het korenveld verliest ze haar hoed, maar merkt het niet. Eenmaal uit het koren komt de deux ex machina, de zoon des huizes met zijn auto, die ziet dat het haar niet goed gaat en aanbiedt haar naar huis te brengen.

 Maar meeneemt naar een plek waarvan ze denkt 'hierheen neemt hij z'n meisjes mee'. Die plek blijkt een drijvende brug. En daar kust hij haar zoals ze nooit eerder een kus meemaakte. Vanaf dat moment is alles anders, staat er dan kortweg.

 Alice Munro laat je zien hoe ongeloofwaardig en saai de gewone, rechtlijnige verhaalvorm is. De werkelijkheid slaat toch ook voortdurend linksaf. Bijzaken worden hoofdzaken, zijwegen worden hoofdwegen. Een hoed raakt zoek. En toch, dat is het mirakel van deze verhalen, 'klopt het'.

 

 

Tags: