Je doet mee, aan een spel, had je deze dichtbundel maar niet moeten kopen. Maar welk? Bij Lecompte is het eind zoek. Zoeken zul je.
Blindemannetje? Verstoppertje? Je doet mee, 159 pagina's lang in De Baldadige Walvis, haar nieuwe bundel ontsnappingskunst. Er moet toch een waarom zijn. Een iets. Een iemand. Waar woorden staan is immers betekenis. Maar wie is die vrouw in het zwart onder de kast? Lees de eerste strofen van 'Nuchter zelfportret met gestolen zaag':
'Ik ben niet duister, ik denk aan gisteren
Gisteren heb ik een zaag gestolen van de sponzenverkoper
Dat is bijna alles, bijna alles wat ik verkeerd heb gedaan
Gisteren ben ik in een kerk geweest, alle Maria's leken op mijn vaders eerste fee
De eerste fee sprak hortend Russisch, de eerste fee gaf mij een vos.
Een vos toen ik tien werd, een diadeem een jaar later
Wat was ze rood en mooi, ze rook altijd naar lavendel
Met andere woorden: de eerste fee rook naar lavendel van zichzelf,
Calvados van mijn vader, en lavendel van mijn vader.
Ik ben niet somber, ik plan vandaag
Vandaag zal ik een moeilijke hond adopteren
Vandaag zal ik een moeilijke hond met de zaag van de sponzenverkoper
Doormidden snijden, en weer heel maken
Weer heel zal ik hem Tom noemen.
(...)'
En zo verder. Om met Gerard Reve te spreken ‘Moedig voorwaarts’. Waaraan hij altijd toevoegde ‘Waarheen?’