Beuys was als kind al gefascineerd door de historische figuur Anarchasis Cloots, ook uit Kleef, die tijdens de Franse revolutie naar Parijs trok om daar als 'Redenaar van de Menselijheid' toespraken te houden. Wat onder de guillotine eindigde (1794). Cloots, en zijn afgehouwen hoofd keren steeds terug bij Beuys. Dat hoofd maakt ook deel uit van de installatie 'Tramhalte' (1976).
Als kind reed Beuys vaak vanuit Kleef, waar hij opgroeide, met de tram naar zijn oom in het nabije Bedburg-Hau. Hij moest dan overstappen bij de halte die in de volksmond De Ijzeren man, heette, naar een mysterieus monument dat er stond. Oorspronkelijk was dat een Cupido op een zuil. Kennelijk zo versleten dat hij onherkenbaar was geworden. Alleen de pilaar stond er nog.
Beuys heeft de zuil gekopieerd. En een kop van Cloots op de plaats van de Cupido bovenop gezet. Met daarnaast een stuk tramrail en wat authentiek spoorwegmateriaal.
Op foto's zie je hem met een dwarsdoorsnee van een tramrail.
De tram was allang opgeheven.
De installatie was te zien op de Biënnale van Venetië in 1976. En nu weer in het Kurhaus in Kleef. De mond in het afgietsel van de kop van Cloots heeft Beuys geopend, zodat hij schreeuwt of huilt.
Wat heeft de schreeuw om redelijkheid van Cloots te maken met de verdwenen tram? Ze zijn allebei ondergegaan in de geschiedenis. Joseph Beuys doet me vaak denken aan W.G.Sebald, die ook de doden recht wilde doen. Trams rijden door de tijd.