In de gedeelde bundel 'ik hier jij daar' (2017) van Ghayath Almadhoun en Anne Vegter ziet de eerste - een Palestijn geboren in een kamp in Damascus - de Vlaamse herdenkingsstad Ieper. En schrijft over Damascus en Ieper oa. dit:
'In de stad Ieper waar de geschiedenis in staat is je met stalen ogen aan te kijken en met een slappe hand de slip van je overhemd vast te pakken, waar de afgelopen honderd jaar zo verwarrend zijn dat je niet meer weet waar je staat, waar mannen met snorren als vleugels voldaan op hun dood zijn afgestevend. Zeshonderdduizend mannen verspreid over de akkers, opgelost in de aarde. Hun herinneringen raakten in ontbinding, lekten weg in de bodem en drongen in het gebladerte, de koeienmelk en de klaprozen, ze vervuilden de vlakten met somberheid en een vaag gevoel dat de passerende vrouwen trof met een plotseling verlangen. Hun echtgenoten legden het uit als een lenteallergie, de dichters als een déja vu. De mannen met snorren als vleugels lazen mijn gedicht voordat ik het had geschreven en rolden vergenoegd een sigaret. Ik zag hoe een van hen zijn vinger op de wond van een vriend legde en ik dacht terug aan de ongelovige Thomas. Hij zag mij en dacht terug aan zichzelf. Er zijn daar nog steeds mannen met snorren als vleugels. Er is een eeuw vervlogen en ze zijn er nog. Hun moeders zijn dood en begraven en zij zijn er nog, hun geliefden zijn eenzaam oud geworden met andere mannen en zij zijn er nog. Ze hangen in de ruimtetijd, hun laarzen zitten vast in de modder, hun geweren zijn verroest, hun munitie is beschadigd door het water, het chloorgas verspreidt zich nog steeds en zal zich blijven verspreiden tot het Damascus heeft bereikt. In de stad Ieper is de geschiedenis in staat je aan te kijken met stalen ogen. (...)