Een liedje moet in een paar bondige, rijmende regels op een eenvoudige, onthoudbare melodie met een passend ritme een gedachte uitdrukken die je niet meer verlaat.
De olieman heeft een Fordje opgedaan. Ach, was ik maar bij moeder thuisgebleven. En het ei zei. Daar heb je het al. Wanneer de gedachte iets verder gaat kom je in het grensgebied waar Dylan (1941) pionier was. Opeens is het poëzie. Maar kitsch blijft nooit ver weg.
Eerder al waren er dichters als Howlin' Wolf, Cole Porter, Chuck Berry en Jimmie Rodgers - All around the watertank, waiting for a train. Maar zonder muziek blijft zo’n tekst hangen.
Veel begonnen er als schrijver, zoals Randy Newman. Dylans liedjes werden door anderen uitgevoerd, vaak beter. Wat had ik hem graag z'n mondharmonica afgepakt.
Maar heel goed dat de prijs nu eens deze kant op gaat. Aandacht voor het vak. Voor wat 'frasing' heet: hoe zet je woorden op muziek.
Een goed liedje heeft het in de eerste regel al gezegd: 'They call it stormy monday, but tuesday's just as bad.'
ps. Wat in de inmiddels losgebrande Dylan-discusie vergeten wordt is dat hij past in een oeroude traditie, waarin tekst en muziek veel meer samen gingen dan nu. Sinds de boekdrukkunst zit literatuur tussen twee kaften. Maar daarvoor waren er troubadours en Ovidius kende heel zijn Metamorfosen uit z'n hoofd en droeg ze voor.. Nee, die had nooit de Nobelprijs mogen krijgen..