'ík heb mijn doden om me heen genomen
tot mantel
ze staan daar - dag en nacht
ze zwijgen
het is of ze iets van me wachten
of ze iets vragen willen soms
iets zeggen?
ze zien me aan
ze weten het
dat ik ze tot mijn kinderen heb genomen
want ik alleen nog weet ervan
wie is er buiten mij gebleven
wat is buiten mij dan stenen onverschilligheid?
ze hebben niemand meer
zo hulpeloos
zo eindeloos verlaten
staan ze maar om me heen te zwijgen
de weerlozen
die niets meer hebben dan mijn tranen
en hoe moet dat nu toch straks
als ik bij hèn zal staan?