Oorlog en hooi

 In het dagboek van Robert Musil komt ook zijn diensttijd voor aan het Italiaanse front, in de Dolomieten, midden in het boerenland, waar de boerinnen gewoon doorgaan met hooien. Juni 1915 noteert hij:

 'Verwijderde kanonschoten: nauwelijks uit te maken of er niet ergens op grote afstand een poort dichtviel of op het hout van een dorsvloer geslagen werd.'

 De mannen zijn aan het front. De vrouwen halen de oogst binnen en zijn buitengewoon vriendelijk tegen Oostenrijkse militairen als Musil. Die noteert: 'Meisje op ezel, het bergpad omhoog rijdend. Licht schommelende beweging van haar hele bovenlichaam Zit in het houten draagzadel, klaarblijkelijk zonder broek. De benen onbetamelijk hoog opgetrokken.'.

 Zijn paard is ziek geworden en kan niet met de trein mee naar Trento, wordt dan op een boerenwagen vervoerd. 

 Hij kijkt naar het hooien op een bergwei:

 'Het meisje vormt (alleen op de wei) met handen en voeten een enorme bussel hooi. Gaat er op haar knieën in zitten en haalt met beide armen het hooi naar zich toe. Gaat - heel zinnelijk - er op haar buik bovenop liggen en graait van voren erin. Wentelt zich geheel op haar zij en pakt maar met haar ene arm. Kruipt er met een knie bovenop.'

 De gruwelijke slag om de Monte Grappa (1917) komt er aan, met vele duizenden doden.

 ‘Het geluid van een projectiel is een aanzwellend en, als het schot over je heen gaat, weer afnemend fluiten, waarin de ai-klank niet tot articulatie komt. Grote projectielen niet al te hoog boven de eigen positie laten het geluid tot een ruisen aanzwellen, ja tot een dreunen in de lucht, waarin een metalen bijklank zit.’

Tags: