vrijdag 17 mei 2013 - 23:49
Vanmiddag thee gedronken bij Piet Paris - illustrator, bekend van z'n werk voor Vogue, Elle, de halve modewereld - die nu in Arnhem exposeert.
Het begon bij de keus van z'n pseudoniem. Een medestudente aan de Arnhemse Modeacademie leerde hem dat het woordje 'Paris' in een merkje altijd verkocht. Piet bleef staan om de Hollandse ironie. René Gruau (1909-2004) werd een voorbeeld.
Een mode-illustrator moet een collectie kunnen samenvatten in een icoon dat de klant vanuit de rijdende metro herkent: Prada. Vereenvoudigen dus, weglaten, overdrijven. Hoe breng je vrouwen en kleren terug tot herkenbare signalen? Piet Paris gaat heel ver. Een silhouet en wat accessoires. Plus een grapje, zoals zij hier aan de wand die over straat gaat met een krokodil aan de lijn, omdat haar tas van krokodil is. En je zegt 'ja'.
Z'n simpele lijnen dankt hij aan Dick Bruna, zegt hij. Stofuitdrukking, bont en fluweel aan oa. Hans Holbein. Ik zag mijn kans schoon en vroeg hem naar zijn idee van de herkomst van de verveelde gezichtsuitdrukking waarmee modellen vanaf de catwalk op ons neerkijken. Hij denkt even na. Er zit iets in van 'maak het de mannen niet te makkelijk', zegt hij, en die onbereikbaarheid werkt natuurlijk precies omgekeerd.
Volgende week is Piet Paris te horen in de Avonden.