Vrouwenstudies. Zou daarin nog gedoceerd worden? De mijne duren al levenslang. Mijn laatste en beste docente, Alice Munro, is net 83 geworden. Vandaag: okselplooien.
In het verhaal Labor Day Dinner (1981) uit The moons of Jupiter gaat Roberta, moeder van dochters van zeventien en twaalf met hen en George naar een eetpartij in de open lucht. Wat zal iedereen aantrekken? Roberta is net afgevallen.
'Roberta draagt een gebleekt okeren katoenen broek en een los, baksteenkleurig hemdje van ruwe zij - een kleur die goed genoeg gaat bij haar donkere haar en bleke huid als ze op haar best is, maar vandaag is ze niet op haar best. Toen ze zich opmaakte in de badkamer dacht ze dat haar huid op een stuk vetvrij papier leek dat verfrommeld was tot een bal en daarna weer gladgestreken. Even was ze ingenomen met haar slankheid en had bedacht een strak zilveren haltertopje te dragen dat ze bezat - een glamoreus grapje - maar op het laatste moment was ze van gedachte veranderd. Ze draagt een zonnebril, de reden is dat ze soms in snikken uitbarst, niet als het echt slecht gaat, maar tussenin; de uitbarstingen komen net zo onaangekondigd als niesbuien.'
En dan beschrijft Munro hoe Roberta dat zilveren topje voor ze weggaan aantrekt en George binnenkomt: 'Ga je dat dragen?' Ze zegt: 'Ik dacht het ja. Ziet het er goed uit?' Waarop George zegt: 'Je oksels zijn kwabbig'.
Er staat 'flabby'. Meteen trekt Roberta iets anders aan. En wat volgt is haar verwerking van dit fatale woordje. De tevredenheid van George over het lucht geven aan zijn walging. De onvergeeflijkheid van de opmerking. En dan de vraag: bestaan er oefeningen tegen okselplooien? Met als conclusie 'Ze moet hier weg, alleen gaan leven, en lange mouwen dragen.'