I.M. Louis Lehmann (3)

 Je leeft niet meer en als vanzelf rijst de vraag wie je was. Terwijl dat er tijdens je leven toch veel minder toe leek te doen.

 Morgen wordt Louis Lehmann begraven, die een uitzondering was, ook hierin. Eens liet ik hem mijn vooroor­logse Radio Encyclopedie zien, waarin ook de volkslie­deren van alle landen die per radio te ontvangen waren - men draaide ze aan het eind van de zenddagen - met tekst en melodie in noten­schrift. Die avond heeft Louis alle tien volksliederen gezon­gen in tien talen - hij was componist maar ook polyg­lot. In Denemarken bestaan twee volksliederen, leerde ik, een links en een rechts - hij zong beide.

Louis is wel verdacht van ironie, maar dat is een vergissing. Er was maar één Louis. En die zat voor je neus. Je kon hem vragen wat je wilde en hij gaf antwoord. Sinds 1984 zag ik hem voortdurend, ook door het radiowerk. Gedichten publiceren deed hij niet meer: 'Het begon me te vervelen. Je hoeft er niets voor te weten. Je kunt het of je kunt het niet.' Hij werd scheepsarcheoloog. Toch, er waren de mappen. Ontbrak iemand bij Music-Hall door ziekte of trein­pech dan fietste hij naar de Koestraat en haalde zo’n map. Er zaten onaffe gedic­hten in of wat ook.

'Hee.. Heb ik dit geschreven? Merkwaardig.' In 2008 verschenen ‘Teruggevonden gedichten’, zoals:

Er staat een trap op straat,

Een oude trap om nee tegen te zeggen,

Een trap die je niet zou toestaan je aan te spreken,

Een trap die je niet in je huis zou dulden.

Tags: