In deze dagen van herdenken en gedenken week ik uit naar Kleve, naar de 'Werklijnen' het grote overzicht van Joseph Beuys. Die uit deze buurt vandaan komt en van 1957 tot 1964 werkte in het toen vervallen Kurhaus dat nu museum is geworden.
Hoe Duits, gedenken. Van de dertig jaar geleden gestorven Beuys (1921-1986) zijn hier op ware grootte delen van het Büdericher Ehrenmal dat hij hier bedacht. Bestaande uit de kerkdeuren van het nabije Büderich waar hij de namen van gevallenen uit beide Wereldoorlogen in kerfde.
Bij hem blijf ik tasten in de troep die hij maakt. Zijn ongrijpbare tekeningen waarin je toch altijd iets herkent, een verhaal, een opmerking zonder woorden.
Maar grote thema's zijn er ook. Rond onderwerpen als het kruis, de oorlog. Is mogelijk, maar alleen als je weg blijft van de clichés en heel eigen wegen bewandelt. Wat hem lukt, als katholieke jongen. Een drie meter hoog kruis dat tegelijk een mens is. Vreemd gevormde kruizen keren bij hem jarenlang terug. Ze staan voor lijden en dood, maar ook voor loutering. Dat kan, als hij ze maar een eigen vorm kan geven.
Beuys moest een gedenkteken voor de gevallenen maken in de oude kerktoren van Büderich (de kerk zelf is weg). Hij bedacht het kruis - opgehangen in de toren - als symbool van wederopstanding en de nieuw gemaakte poortdeuren als toegang tot de herinnering.