Louis Lehmann (1920-2012)

 Langzaam drong het nog onbevestigde bericht door. Louis, de dichter, componist, scheepsarcheoloog is gistermiddag gestorven. Weer zie ik hem boven voor het raam in de Bethaniënstraat staan, zomer 1997. Hij moest weg uit dat kraakpand, ik zou helpen. 

 Alida had gebeld. Min of meer ten einde raad, want Louis moest verhuizen en hij wou niet. Toch was er geen ontkomen aan, het huis zou worden gesloopt. 'Daar zijn tegenwoordig toch snelle en handige mensen met auto's voor.' Maar Louis had gezegd dat hij het zo onder geen beding wilde en was in snikken uitgebarsten. Hoe dan wel? Ik kreeg hem aan de telefoon. En zei 'je bent toch wel eens eerder verhuisd, hoe ging dat dan?'

 'Met een steekkar en touw-en-blok.' Net als in Leiden, in 1947? Goed, als het zo zou gaan was hij bereid te verhuizen. Nu moest ik gaan bellen. Al vlug bleek de steekkar niet meer te bestaan. Ik vroeg Louis of een bakfiets ook goed was. Desnoods dan. En zo stond ik op een zomerochtend in de Bethaniënstraat, met een bakfiets en een touw-en-blok. Het was een typisch Louis-huis. Zonder stoelen dus. Kwam er een gast, dan mocht die in de kruiwagen ('daar heeft Roland Holst nog in gezeten'). Zonder kasten ook, zodat papier, boeken etc. op stapeltjes op de vloer lagen, waartussen gangpaden waren uitgespaard. Aan de muur hingen interessante objecten, soms van straat opgeraapt en opgeprikt, soms op de markt gekocht (ik herinner me een in plastic verpakte multi-purpose nijptang).

 Louis had gezegd dat hij wel wat zou voorbereiden, maar daar was weinig van gekomen. Wel had hij bij Albert Heyn 5 kartonnen dozen gehaald en beschikte ook over een aantal 'eindjes touw'. Ingepakt was er niets. Het werd een gloeiendhete dag, met ook nog veel wind, die dwars door de Bethaniënstraat woei. De rolverdeling was als volgt: Louis zat boven, tweehoog met zijn inboedel, de dozen en de eindjes touw (op driehoog bevond zich nog een vlierinkje, met vooral pannen om lekkend regenwater op te vangen). Beneden stond ik, geholpen door de nicht van Alida, die ook het transport naar het nieuwe huis (in de Koestraat, twee straatjes verder) verzorgde. In het nieuwe huis richtte Alida in.

 Dit werd een lange dag. Wat ik Louis nooit heb durven vertellen is dat ik er een forse schouderblessure aan overhield. We hingen touw-en-blok aan de hijsbalk. Na het takelen van de zware dingen, de kruiwagen, kisten etc. begonnen we aan de dozen. Louis vulde er telkens een met wat voor de hand lag en bond hem toe, waarna hij hem aan de haak van het touw hing. Sommige waren onverwacht zwaar, andere vederlicht. Soms ook kwam er een onverpakte stapel buroladen naar beneden, waarvan de inhoud (doorslagen, brieven, brochures) meteen door de Bethaniënstraat woei. Telkens als een aantal dozen beneden was aangekomen en geleegd moesten ze weer terug naar boven, met de ontknoopte eindjes touw.

Tags: