Martelarenplein

Martelaren

Er zijn nu Belgen die hun baard laten groeien tot 't afgelopen is. Maar wat? Er zou een Belgische regering moeten zijn. En als je vraagt naar het waarom is dat de taal.

Na 1815 waren België en Nederland één. Het Nederlands werd voertaal. De koning, Willem I, voerde 'taaldwang' in. Wallonië kreeg taalonderwijs in het Nederlands. Slagwoord: integratie.
Taal?
Vreemd, toch trokken Vlamingen en Walen kort daarna eensgezind ten strijde tegen Willem en in 1830 was 't over. Er vielen doden, die tot vandaag herdacht worden op het Martelarenplein in Brussel.
Johan Vande Lanotte moest er maar eens een krans leggen, samen met een menigte mannen met baarden. 
 

dekenmotief..
uitzicht op de gracht

Ziekenhuisje (2)

Het beddegoed deed het hem.De dunne overdekens met hun Italiaanse motiefjes. De pluizige onderdekentjes die voor de operatie werden verwarmd zodat je onder warm dek lag..!

't Ontbrak nog maar net aan lavendel en wat me t meest trof was de graad van slijtage.. Slijtage door zo vaak wassen verleent stoffen adeldom.
Neem zo’n lakentje met één enkel overlangs, verwassen streepje. Waar tref je dat nog.
En wie er niet allemaal onder gelegen hebben. Nog zie ik Hans Van Mierlo in een blauw-met-witte kamerjas door deze gang schrijden.
In Italiaanse ziekenhuizen gaat 't nog zo.
Daar komt de familie op bezoekuur met pannetjes kip, die men samen afkluift, want t ziekenhuiseten, nu ja.

Dank voor 't medeleven. 'k Ben alweer thuis.

 

Ziekenhuisje

Morgen voor een kleine ingreep naar het ziekenhuisje, midden in de stad. Dagbehandeling, 't zal wel meevallen.

Ik kwam er veel op bezoek, bijvoorbeeld bij de oude Boze Buurman Dick Swidde, als ie weer eens teveel bessenjenever met Pepsi Cola had gedronken en van het wenteltrapje op het hofje waar ie woonde was gevallen.
Hij tyranniseerde het personeel.
Het ergste werd het toen naast hem een andere artiest gelegd werd. Ik herkende hem eerst niet.
'Nee logisch niet,' zei Dick achter z'n hand, maar dat is Pipo de Clown, jeweetwel.
Pipo was onherkenbaar.
En twee artiesten op een kamer, dat lukt niet.
 

Frank Koenegracht

 Deze week begint de Avonden elke dag met een Chinees gerecht, besproken en geproefd door de dichter Frank Koenegracht.Frank is een kenner. Hij staat zelf graag in de keuken om oorspronkelijke Chinese gerechten te bereiden.

 Wat iets heel anders is dan wat wij gewoonlijk verstaan onder een portie Chinees. Chinese koks die hier komen werken moeten drastisch worden omgeschoold, leerde ik.
Ik zat erbij, slurpte, kauwde en luisterde.
De poëzie van de Chinese keuken zit hem in de omgang met voedsel: niets gaat verloren, alles wordt gebruikt. Je kunt de ingrediënten altijd afzonderlijk proeven. En het moet vers zijn, een kip of een vis koop je levend op de markt. Een varken liefst ook.
Dan weet je wat je hebt.
Een goed gemanierde Chinees praat tijdens het eten uitsluitend over eten, herkomst, bereiding en zo meer.

Het water liep me in de mond. Frank, die ook arts is, kon me uitleggen hoe dat werkt.  
 

4
3
2
1

Kimberley Clark

Was in de Hallen in Haarlem bij het fotospektakel van Kimberly Clark, de grapnaam - een toiletartikelenmerk - waaronder het Rotterdamse kunstenaarstrio Iris van Dongen (1975), Josepha de Jong (1977) en Ellemieke Schoenmaker (1969) hun solovoorstelling 'Hooley' brengen: snapshots van een nachtelijke stormtocht door Rotterdam, die doen denken aan de BBC reportages over het schoonvegen van de centra van provinciesteden na sluitingstijd. Total loss dronken mannen en vrouwen die de stad in trekken. Vernielingen, rebellie, provocaties. Ditmaal in scène gezet en gespeeld. Maar wel zeer overtuigend.

Vrouwen dus, drie rauzende 'lipstick hooligans' die samen de nachtstad afbreken. Ze provoceren, klimmen in en op alles, kleden zich uit op straat, kortom zijn van god los.
Vormgegeven als een fotoroman in razend tempo. 
Het werkt, je trapt er steeds weer in. Het ziet er goed uit en het is grappig. Eens temeer als je weet van het ernstige werk dat de drie gewoonlijk maken.
Zie het als een vorm van emancipatie.
 

preciese datering gezocht..

Beton (38)

Dit in begin jaren '60 nieuwe Haagse tramhuisje stuurt Wim de Bie me. Het model, met het halfronde dak, brengt een plotselinge ontroering teweeg. Waarom toch? Om wat?

Lees deze tekst uit 'Tramnieuws':
'Immers de uiterst eenvoudige en toch smaakvolle structuur van deze abri's maakt ze passend bij welhaast iedere omgeving, terwijl de keurige uitvoering in sierbeton, waarbij gebruik wordt gemaakt van natuursteenkorrels, het geheel een dermate fraai aanzicht geeft, dat geen enkele schoonheidscommissie bezwaren zal maken tegen plaatsing op de daarvoor geschikte punten.' 

Geen ontkomen aan, men vond ze mooi. 
 

in het souterrain

Peter Nissen

Kerkhistoricus Peter Nissen schreef 'Eene zachte aanraking van zijn zieleleven'. Over mystiek en spiritualiteit rond 1900, vergeleken met die van nu.

Wat is er veranderd sinds Lodewijk van Deyssel afknapte op Joris-Karl Huysmans, toen die - na zijn geruchtmakende 'Tegen de keer' - de bijbel van het decadentisme uit 1884 - terugkeerde in de schoot van de moederkerk?
Was Gerard Reve een romantisch decadente nabloeier of ook hierin een voortrekker. Gisteren zocht ik Peter Nissen op in zijn Nijmeegse souterrain, waar hij het 'hooggestemde' van rond 1900 - het terugverlangen naar de middeleeuwen, de Arts & crafts-beweging, de theosofie en zo door - stelde tegenover dat van nu. 
Er waren toen 2% 'onkerkelijken', nu 62% of meer. Het individuele 'ietsisme' wint het van geloofsgemeenschappen. De literaire mode van toen, het decadentisme, door de kerk veroordeeld als een 'ziekelijke uiting van zinnelijkheid' is gemeengoed geworden.

Heeft Lodewijk van Deyssel de emotiecultuur van nu voorzien toen hij schreef dat 'doorleefdheid' het enige kenmerk kon zijn van 'waarheid'. Morgen is Peter Nissen te horen in de Avonden.
 

het raam

Michael Hamburger (5)

 In het plaatsje Middleton in Suffolk belandt Max Sebald, na op de hei te zijn verdwaald, toch nog bij zijn oude vriend, de dichter Michael Hamburger, net als hij van Duitse komaf. De tuin waarin hij uitrust laat Tacita Dean zien in haar filmportret van Hamburger.

 De film is niet toevallig gemaakt in augustus. Sebald schrijft in De ringen van Saturnus: 'Augustus, we spraken over, de lege en geluidloze maand.'
Hamburger: 'For weeks there's not a bird to be seen. It is as if everything was somehow hollowed out.'
Ze spreken Engels. 
Volgt de beschrijving van de maand augustus. Alles is uitgegroeid en -gebloeid: 'Alleen het onkruid groeit verder, de akkerwinden wurgen de struiken, de gele wortels van de brandnetels kruipen onderaards voort, het kleefkruid groeit je boven het hoofd, het bruinrot en de mijt breiden zich uit en zelfs het papier waarop je moeizaam woorden en zinnen aan elkaar rijgt, voelt aan of het met meeldauw is overtrokken...'.

 Max kwam 33 jaar na Michael door de Engelse douane.
En meteen bij zijn eerste bezoek aan dit huis lijkt het hem of hij 'er ooit gewoond heeft'.
Het lijken wel zijn spullen, schrijft hij  En dan ziet hij de opeenhopingen van 'in een hoek bij de deur naar de eetkamer opgestapelde en hun hergebruik ongeduldig tegemoetziende verzendcouverts en kartonages' waarvan hij een foto maakt voor zijn boek. Stapels die hij ziet 'als stillevens, ontstaan onder mijn eigen, liefst het waardeloze bewarende hand.'
En hij weet, dit zijn meer enveloppen dan Hamburger in zijn leven ooit nog zal hergebruiken.

 Sebald richtte in Norwich de 'toevalsclub' op, Die zou ik graag heroprichten. Vrijdag meer in de Avonden.
 

instap 4
instap 3

Tacita Dean

Van Tacita Dean vond ik een album, gevuld met een verzameling foto's, zwartwit, kleur, uit alle tijden. Een overblijfsel, zo bleek, van een tentoonstelling in De Pont in Tilburg die ik miste. Een prachtige, raadselachtige verzameling.

Zou er een common denominator zijn, probeer je al starend te verzinnen. Er zijn familiefoto's, nogal vaak zie je twee vrouwen. Zusters moet een verschijnsel zijn dat Dean boeit.
Maar toch ook poseren.
En wat daarbij mis kan gaan.
Deze meneer heeft een nieuwe auto, denk ik. In zes foto's is (door zijn vrouw?) vastgelegd hoe ie er in stapt.
Tacita Dean brengt je het onthullende van het instapmoment.
De instappende mens gaat geheel op in het instappen. En bewaakt zodoende zijn verschijning even niet.
Een vorm van naaktheid wordt het. Terwijl je het juist ongedwongen, haast zwierig zou moeten doen. Zeker in een auto als deze. Hoe dikker de instappende mens hoe meer ie opgaat in het instappen.
Er staat geen tekst in het boek, behalve in potlood: Tacita Dean 2001 en het nummer van dit exemplaar.
 

De canonisering ontsnapt

Arnon Grunberg schreef op oudejaarsdag een stuk in de Volkskrant over Hermans, Reve, Mulisch en het vergeten dat volgens hem volgt op het canoniseren. Vanavond hadden we het erover in de Avonden.

Arnon had drie boeken uitgezocht die hij wilde bewaren, van elk een: van Reve de Familie Boslowits, van Hermans De tranen der acacia's en van Mulisch De zaak 40-61, zijn verslag van het Eichmann-proces.
Drie oorlogsboeken dus, want oorlog is onze leerschool en de les: er is geen vanzelfsprekende moraal, geen vanzelfsprekende beschaving.
Van Mulisch haalt Arnon de kernzin uit De zaak 40-61 aan: 'Eichmann is mijn vader.'
Ik polste: 'Dus als Eichmann had kunnen schrijven was hij volgens Harry geen moordenaar geworden?'
'Tja, als je het doorredeneert staat dat er.'
'En als Mulisch niet had kunnen schrijven..'.
Tja, dat was wel wat er stond.
Schrijven is een zaak van leven of dood.  
 

PS. De bijbehorende foto werd op last van de Bezige Bij verwijderd!

De Avonden (ma) 3 januari 2011 uur 1
Beluister fragment

Pagina's