niet op school geweest..
de chauffeur en zijn vrouwtje Piggelmee: alles is er maar niet te betalen..

Men on the bridge

Hoe zou het toch komen dat niet veel meer mensen in Istanboel zich van de brug over de Bosporus storten?

Wat is hoop toch een raadselachtig ding.
Met die gedachte kwam ik uit de film 'Men on the Bridge' van Asli Ízge. Ik had drie mannen - en hun omgeving - leren kennen die werken op en rond de brug. Een rozenverkoper die de hele film door geen roos kwijtraakt, een dikkige politieman die 's avonds achter z'n webcam dates probeert te regelen en tussendoor steeds z'n moeder belt, en de chauffeur van een minibusje, wiens vrouw denkt dat ze veel beter zouden kunnen leven. Wat ondenkbaar is. Vrouwtje Piggelmee. 
Chagrijnige, onhandige, toekomstloze mensen zonder enige opleiding. Het zit er allemaal niet in.
Waar zouden ze op moeten hopen? Dromen of fantaseren kunnen ze - buiten dfe vaste consumptiepatronen - niet, laat staan plannen maken om hun lot te verbeteren.
Eerlijk gezegd begrijp ik steeds minder wat ze op den duur in leven kan houden. Misschien het chagrijn. Ergernis is een sterk onderschatte bron van levenskracht.
 

Marion Koeppen (ken haar jaartallen niet)
Wolfgang Koeppen (1906-1996)
de 'roman in brieven' die tenslotte verscheen

Wolfgang en Marion

Het is maar heel zelden dat flarden uit levens zoals ze geleefd en doorleefd zijn in de literatuur terechtkomen. Daarom zoek ik altijd naar brieven. Liefst geschreven zonder literair oogmerk, maar uit nood of liefde, of allebei.

 In de reeks Raster Online (nummer 121, 2007) trof ik een vertaling van Jacq Vogelaar van brieven van de Duitse schrijver Wolfgang Koeppen (1906-1996) aan zijn uitgever. In München beschrijft hij op 18 augustus 1967 de toestand waarin hij en zijn vrouw Marion zich bevinden. Zij is kennelijk een manisch depressieve alcoholiste, volstrekt onberekenbaar en grillig en hij heeft de zorg voor haar. Tegelijk moet hij na vele voorschotten eindelijk een roman afkrijgen. Het wordt tenslotte deze - gedramatiseerde - briefwisseling:
'Marion was brisant, volgestouwd met rum. Ik was uitgeput. We reisden naar Düsseldorf. In het hotel explosie, worsteling op de vloer om een koffer vol flessen, haat, troosteloosheid,
gekrakeel, doodswens. Voorlopig even gekalmeerd en ik weer in de mij vernietigende rol van ervaren gekkendokter.'
(...)
'Apathisch in de donkere ruimte. Marion alleraardigst. Op donderdag gaat het beter met me, maar Marion denkt dat ik sterf. En daar zij zonder mij, zoals ze zegt en beslist meent, niet zou kunnen leven, bezat zij zich om mij te kunnen
haten.'
(...)
'Ze valt om, staat op, valt, ze praat onzin, ze raakt weg, heeft gezichtsstoornissen, de arts komt niet meer aan de telefoon. Wanneer de schuilplaatsen leeg, de voorraden op zijn, smeken om bier en tabletten. Ze komt tot rust.'
 

pastorale folder
het jaar van het Konijn, ill. van Aiko Nakajima

Konijn

Wat trekt me in horoscopen? Gerard Reve was er jaren mee in de weer, met de 'zusjes M.'. Hij zocht houvast, zekerheid, denk ik. Of beter, onzekerheid kon hij niet verdragen.

 Maar toen eenmaal een schijn van houvast zich aandiende, in de vorm van de Katholieke geloofsleer begon iets als een liefdesrelatie. Vervuld van twijfel was en bleef hij, aangetrokken en afgestoten in eindeloze opeenvolging.
Het meest overtuigend vond ik hoe hij de erg lelijke eigentijdse folders die je in de portalen van katholieke kerken op stapeltjes vindt, hoe hij die in al hun afstotelijkheid juist beschouwde als een bewijs van de juistheid van de katholieke leer.
Reve hield niet van de Middeleeuwse kathedralen maar juist van de uitingen van de kerk van nu: 'raadgevingen voor jongverloofden' in drukwerk met één steunkleur.
Ik weet zeker dat hij - leefde hij nog - de seksschandalen van de priesters zou rechtvaardigen. Met een beroep op de zuiverheid van de leer en de onzuiverheid van de mens die elkaar niet uitsluiten, integendeel.

Intussen leven we in het Chinese jaar van het Konijn. 
Wie in een Konijnenjaar geboren werd is geduldig en tactvol, kan goed met geld omgaan. Zou ook goed kunnen gokken.
Het wordt een erg Chinees jaar. Dat staat vast.
 

binnenin de slufter (opslag vervuild slib)
daar gebeurt het

Portscapes (2)

Huizen en straten verdwijnen uit zicht. Op den duur is er niets dan stuifzand.

 Ik sta - een meter of vijf boven zeeniveau - op de slufterdam, waar je het beste overzicht hebt over het werk aan de Tweede Maasvlakte. Links de zee. Mensen zijn er wel, heel in de verte, ze besturen hijskranen, happers of gravers.
Ik kom voor Portscapes, of hoe kunstenaars reageren op het 'nieuw gewonnen land'. Het havenbedrijf steekt er geld in.
Maar - m'n kop knarst - welke kunst kan het opnemen tegen een slufterdam, een rij zwenkende hijskranen, tegen bergen steenkool, laadmachines en torenhoge stapels zeecontainers.
't Is allemaal al zo onovertrefbaar mooi. 
Wie kan nog iets verzinnen als Jan Dibbets, die z'n rechthoek door een shovel liet trekken?

 Eén troost, de leegte zal straks eerst begroeid raken. Met teunisbloem en toortsen, de onuitroeibare duinroos en duindoorn. Want dit is opgespoten duinzand. En konijnen zijn er ook, ik zag ze. Ik zou een ballet schrijven voor wipstaartjes bij maanlicht, onder de hijskranen.
 

Tags: 
Jan Dibbets bij zijn rechthoek

Portscapes (1)

Morgen een kijkje nemen op de Tweede Maasvlakte. Immers op 30 januari as. begint in Museum Boijmans de Portscapes tentoonstelling.

 Met werk van velen, oa. Jan Dibbets, fotografe Paulien Oltheten en de Franse betongek Cyprien Gaillard, die ik vorig jaar leerde kennen bij zijn 'ontgraving' van een Scheveningse bunker.
Net wat voor Cyprien, deze wereld van opgespoten zand en beton.
Jan Dibbets maakte er in 2009 zijn film '6 Hours Tide Object with Correction of Perspective', die vertoond werd in Future Land, het informatiecentrum op de Maasvlakte.
Hij zal in Boijmans weer te zien zijn.
 Een shovel trekt op een vroege zondagochtend een rechthoek - met perspectivische correctie - in het strand van de Maasvlakte. Dan komt de vloed op.

 Ruimte en leegte moet je in Nederland aanleggen.
 

Tags: 
The Field II
The Field (2007) I

Michael Borremans

 We leven in een vreemde wereld, en het erge is dat de televisie doet alsof ze hem begrijpt. Het is zaak steeds goed na te gaan wat je begrijpt en wat niet. En de mensen duidelijk te maken hoe weinig ze begrijpen.

 Dat is wat de Gentse schilder Michaël Borremans wil. Zich verzetten tegen de collectieve onverschilligheid.
In 2007 sprak ik hem bij De Appel in Amsterdam. De tekenaar, decorontwerper en maker van films is sindsdien wereldbekend geworden maar z'n werk was hier niet meer te zien.
In deze twee filmstills uit 'The Field' (16mm 2007) ze je de concentratie die hij oproept door een meisje van achteren te filmen dat zó opgaat in een handwerk - verstelwerk? aardappels schillen? - dat je onweerstaanbaar wordt aangetrokken door haar kraagje, haar nek, de ontsnappende haren daar...
 Zie ik zo'n nek in de tram dan moet ik me weerhouden hem te kussen. Als ik niet voortijdig gestenigd word zal ik een studie schrijven over haren die ontsnappen uit vrouwenkapsels (Holbein is een meester).
En wanneer komt eindelijk die grote Borremans tentoonstelling?  
 

Arnon Grunberg in Afghanistan

Mening

Eens heb ik de driekoppige jury van een prijs voor stukjesschrijven tot lichte wanhoop gebracht door in m'n dankwoordte zeggen dat ik liefst zo min mogelijk meningen schreef.

'O, had ik dat geweten,' zei jurylid Theodor Holman.
Maar hij grijnsde er wel bij.
Nu grijnst hij bij veel.
Vandaag dacht ik eraan omdat ik ook over een Nederlandse deelname aan politietraining in Afghanistan geen mening bleek te hebben.
'Ja, nee, geen mening,' een intrigerende driedeling van de mensheid.
Die zonder mening vormen altijd een kleine minderheid.
Dat zijn de domoren, dacht ik vroeger.
Maar nu heb ik zelf geen mening. Zelfs niet over al diegenen die wél meningen verkondigen.
Misschien zijn mijn meningen gewoon op.
De democratie heeft niets aan mij.
Morgen, als ik Arnon Grunberg op de radio spreek zal ik hem
vragen naar zijn mening over deelname aan iets in Afghanistan. Want in zijn krantenstukjes hield hij zich op de vlakte, ja naderde gevaarlijk het 'geen mening'.

 

Tags: 
De Avonden (ma) 17 januari 2011 uur 2
Beluister fragment
en thuis, met geit
de hoestende herder

Quattro volte

De filosoof Frits Staal heeft betoogd dat rituelen geen betekenis hebben. Je hoeft ze alleen maar met zorg, heel precies uit te voeren, dan komt alles goed. Waarom? Waarom zo? Dat doet er niet toe.

Wanneer het landleven zo overvol betekenis wordt afgebeeld als in de film Quattro volte maakt dat een misplaatst wijsgerige, stadse indruk. Je ziet een prachtige, bezielde wereld, waarin leven en dood, mens, dier, plant en materie een innig verband met elkaar onderhouden. 't Zou zelfs 'een episch gedicht over zielsverhuizing' kunnen zijn.
Van die innigheid word je goddank bevrijd door de enige herkenbare mens, een geitenherder die kuchend opkomt en vervaarlijk blijft kuchen.
Van de kostersvrouw krijgt hij stof van de kerkvloer mee, dat hij vermengd met water dagelijks inneemt. Wanneer hij zich een keer niet aan deze hoogstpersoonlijke rite houdt - hij verliest onderweg op de berg het envelopje met kerkstof - sterft hij.
En Frits Staal krijgt gelijk.
 

Denis Diderot (1713-1784)

Raster online

 Het literair tijdschrift Raster bestaat niet meer op papier, maar sinds oktober 2010 is op www.tijdschriftraster.nl iedere werkdag een bijdrage eruit te lezen.Hier een betoog over waken en slapen, uit het Diderot-nummer (Raster 94, 2001). Een passage, vertaald door Anneke Brassinga:

 'Zo is ons leven verdeeld tussen twee verschillende manieren
van waken en sluimeren. Er is het waken van het brein waarbij het ingewand gehoorzaamt, passief is. Er is het waken van het ingewand waarbij het brein passief is, gehoorzaamt, zich laat bevelen. Ofwel de werking daalt af, van het brein naar de buik, de zenuwen, de ingewanden; dat is wat wij waken noemen; ofwel de werking stijgt op, vanuit de buik, de zenuwen, de ingewanden, naar het brein, en dat is wat wij dromen noemen. Het kan voorkomen dat die laatste werking heftiger is dan de eerste, dan grijpt de droom ons sterker aan dan de werkelijkheid. Sommigen zijn misschien wakend een dwaas en dromend een geestrijk man.

 Een mens is alleen echt in slaap, als alles aan hem slaapt. U ziet een mooie vrouw. Haar schoonheid treft u, u bent jong; op slag begint het orgaan van uw genot te zwellen. U slaapt, en dat ongezeglijke orgaan speelt op; onmiddellijk verschijnt u de mooie vrouw weer, en uw genot van haar is wellicht nog wellustiger. Alles voltrekt zich in omgekeerde volgorde. Als de werking van het ingewand op het brein sterker is dan die van de buitenwereld, zien we hoe een imbeciel met koorts, of een hysterica of vapeurlijdster, opeens grote allure krijgt en fier, hooghartig en welbespraakt wordt, nil mortale sonans. De koorts zakt, de hysterie bedaart, de stompzinnigheid herleeft. Nu begrijpt u enigszins wat het is, die zachte kaas die de holte van uw en mijn schedel vult (...).'
 

Droombeeld Antarctica, 10x17cm, olieverf op hout

José op ten Berg

Niet alleen de materie is raadselachtig. Hoe water een vaste vorm kan aannemen, zo dat je er over kunt lopen?

Ook sneeuw is bevroren water, de kleur die het dan aanneemt slaat me jaarlijks met stomheid. Ik moet gaan kijken, me met eigen ogen overtuigen. De gedempte geluiden horen, de knisperstappen. En vooral het hallucinerende effect meemaken van sneeuwvlakten.
Je bent heel het jaar geconditioneerd op het zien van een halfdonker landschap tegen een wat lichtere lucht. En opeens, op een ochtend kom je buiten en is het omgekeerd. In de woestijn zie je het ook: helle zandvlakten tegen een donkerblauwe hemel. Het doet je duizelen. 't Is als het zien van een vrouw met heel heldere ogen.
Zo kom je in de kunst.

Zaterdag opent in Den Bosch de tentoonstelling van José op den Berg 'Dichter bij het ijs' in het Grafisch atelier. Ze schilderde sneeuw en ijs op Antarctica. Ja, hallucinant.
Morgen in de Avonden meer.
 

Pagina's