Frank Starik op het podium
Dan Geesin
Dan Geesin, 'Fat Head'

Zingende kunst

De eerste zg. 'Toekenning 032' van het Fonds BKVB (Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst) in 2007 gaat nogal verrassend naar vijf zingende beeldend kunstenaars. Te weten: Dan Geesin, David Haines, Jeroen Offerman, Wouter van Riessen en F.Starik. Zij exposeren films, foto's en schilderijen, dragen voor en maken er muziek bij op Brouwersgracht 276 in Amsterdam.

Dan Geesin (1970) vertelt verhalen met installaties, tekeningen of muziek, maar ook in film. Zijn nieuwe CD Fat Head, waarvan al nummers in de Avonden te horen waren is tijdens Toekenning 032 voor het eerst te beluisteren. Komisch-melancholische melodietjes op een trapharmonium, met klaagliederen, vol autobiografische elementen. Frank Starik 1958) ontwikkelde zich van fotograaf (La Photographie égoiste) tot dichter, zanger, omgevingskunstenaar en organisator. In de vroege jaren negentig exploiteerde hij het Starik Museum van kleine werken. Zijn bekendste project 'De eenzame uitvaart' noemt hij een langzaam kunstwerk, waarbij iedere dode een nieuw hoofdstuk schrijft in het grote boek van de vergetelheid. En ja, Starik zingt ook.Toekenning 032 is vandaag, 10 januari geopend met performances van Dan Geesin, Wouter van Riessen en Starik.Extra concerten zijn er donderdag 18 januari as. om 20:30 met oa. Dan Geesin (wereldpremière van 'Fat Head') en op 22 februari om 20:30 met Wouter van Riessen.

Tags: 
De werkplek van Dan Geesin
Beluister fragment
Piet Grijs
H.J.A.Hofland

Welingelichte Kringen over Hermans

Daags na het overlijden van W.F. Hermans, op 28 april 1995 hebben de Welingelichte Kringen uitgebreid daarbij stilgestaan. Radio-archivaris Nienke Feis vond de uitzending terug. Nu hier te beluisteren.

 Met Joop van Tijn, die bij hoge uitzondering een uitgeschreven In Memoriam voorleest, Henk Hofland, die met Hermans bevriend was en prachtig vertelt oa. over Hermans en zijn autorijgedragen Piet Grijs - Hugo Brandt Corstius - die bij WFH altijd 'Malle Hugo' heette, maar hier een gloedvol betoog neerzet over 'vaders en zonen' in de literatuur. Hermans als vader van schrijvend Nederland.

Bert Klunder (1956-2006)
Hans Dorrestijn

Bert Klunder

Op 14 juni 2006 stierf de cabaretier en regisseur Bert Klunder. In januari vorig jaar werd Bert ook al getroffen door een hersenbloeding in de pauze van zijn voorstelling 'Wie en wat er allemaal deugt; leuke dingen waar je overheen kijkt. Een vrolijke avond met Bert Klunder.' Ik leerde hem kennen als regisseur van Brigitte Kaandorp. Voor de VPRO-radio maakte hij met haar in '92-'94 het programma 'Brigitte Kaandorp is in gesprek' waarin Brigitte elke week met een gewone Nederlander in alle ernst praatte over de vraag 'waarom leven wij'. Later was hij regelmatig te horen in onze Music-Hall.

Hans Kik is momenteel bezig met een CD/DVD doos met het verzameld werk van Bert Klunder (1956). Met daarin vanzelfsprekend ook zijn solovoorstellingen. Maar helaas, de vijfde en laatste, die hij maar en keer of zes heeft gespeeld, ontbreekt. Nooit opgenomen, en het was zo mooi.Dit bleek de oplossing: afgelopen donderdag kwam Hans Dorrestijn naar de VPRO en 'deed' voor de microfoon 'Wie en wat er allemaal deugt; leuke dingen waar je overheen kijkt. Een vrolijke avond met Bert Klunder.' Als je het gehoord hebt weet je weer heel precies hoe een bord spaghetti kan staan voor al wat tegenvalt in het leven, wat bukken is en vooral wie Bert Klunder was.Dorrestijn deed Klunder niet na, hij 'souffleerde hem' zou je kunnen zeggen. Heel goed, heel geestig. Tegen de Boekenweek zal de Doos klaar zijn en is de voorstelling te horen op de radio. Tegelijk verschijnt dan ook het postume prozadebuut van Bert Klunder. Een roman met de vreemde titel 'Een lijk kan heus wel even wachten'.

Tags: 
Lucebert, zonder ttel (7 december 1981) 21x27 cm
Cyrille Offermans

Lucebert

 Vanmiddag was ik in Sittard bij de essayist Cyrille Offermans, die een monument heeft opgericht voor zijn levenslange held, de dichter en beeldend kunstenaar Lucebert (1924-1994). 'Vlek als levenswerk, Lucebert op papier' (Historische Uitgeverij) gaat over de tekeningen, zijn beste beeldende werk, volgens Cyrille. Sinds 2002 bracht Offermans vele dagen door in het voormalige atelier van Lucebert in Bergen. Daar is weinig veranderd, er liggen duizenden tekeningen, opgeborgen in dozen en grotendeels door bijna niemand gezien. In 'Vlek als levenswerk' staan er tientallen, paginagroot, in kleur afgedrukt. Wat zie je?

 Demonen? Gedrochten? Buren? Wie het ook zijn, ze kijken je aan, met oogjes. Elke dag zat Lucebert hier en werkte 'als een arbeider'. De zee heeft hij zelfs nooit gezien. Hij tekende wat bij hem opkwam, wat hij noemde zijn 'persoonlijke mythologie'. Naar wat klaar was keek hij nooit meer om. Een klassieke romantische kunstenaar in zijn atelier, zo ziet Offermans hem Nu ja, romantisch, niet van de hoogdravende soort. Toen hem in 1992 een eigen museum werd aangeboden weigerde hij. Hij vond dat in een museum juist werk van meerdere kunstenaars bij elkaar moet hangen. En wat die vlek uit de titel betreft, vlekken verdienen alle aandacht en respect. De mannen van de Cobra en de Vijftigers waren volgens Rudy Kousbroek 'allemaal op hun manier in meerdere of mindere mate poseurs'. Lucebert was de enige 'die beheerst leek door een onaantastbare authenticiteit', hij was 'niet te doorzien'. Maandag 8 januari na 21.00 uur is Cyrille Offermans te horen in De Avonden.

Tags: 
Vlek als levenswerk, Lucebert op papier
Beluister fragment
niet doen!

Briefgeheimen

Een nieuw project van Uitgeverij Nieuw Amsterdam heet 'briefgeheimen'. Het zou zonder de posterijen ook nooit uitgevoerd kunnen worden. Elke e-mail is te achterhalen, maar een goed uitgevoerde anonieme brief blijft altijd anoniem. Daarom mag de post nooit verdwijnen. Dit project aast op geheimen. Die dat ook zullen blijven als ze per post worden verstuurd.

Hoe maak je een geheim openbaar zonder dat uitkomt dat jij de onthuller bent. Lastig, zeker als er herkenbare personages in voorkomen, waaronder misschien de schrijver zelf. Hoe schrijf je zo'n geheim op, zonder dat het kwaad kan? En misschien het moeilijkste van al, als het eenmaal op de site, in de krant of in een boek staat, hoe hou je dan je ijdele mond? Hoe werkt het?Het geheim kan in woord en beeld vormgegeven worden op een briefkaart of in maximaal 300 woorden worden getypt, en vervolgens opgestuurd worden naar Briefgeheimen, op het gratis antwoordnummer 11903, 1000 VM in Amsterdam.Elke dag verschijnen er inzendingen op www.briefgeheimen.nl en NRC Next publiceert elke dag er een in de krant. Wekelijks overdenkt hoofdredacteur Wim Brands de inzendingen op de website van Briefgeheimen. www.briefgeheimen.nlEn najaar 2007 worden de mooiste verhalen een boek.

Pankaj Mishra
Ian Buruma
Alaa al Aswany, de schrijvende tandarts uit Caïro

Winternachten

Het internationale literatuurfestival Winternachten, komende week 10-14 januari in Den Haag, gaat grote onderwerpen niet uit de weg. Overheersend thema is de praktijk van het multiculturalisme.Zo zullen Ian Buruma, de Indiase schrijver Pankaj Mishra, religiedeskundige Gerrie ter Haar en Adriaan van Dis onder de kop 'Living Apart Together' praten over de omgang met religie in multicultureel Nederland (vrijdagmiddag 12 januari). Waarna 'de tien geboden voor multicultureel Nederland' worden gepresenteerd, die het resultaat zijn een serie debatten, in het afgelopen jaar door Winternachten en het Institute of Social Studies georganiseerd. Erg benieuwd wat daar uit komt.

De Winternachtenlezing 2007 komt ook van Pankaj Mishra, die geldt als de opvolger van V.S. Naipaul: over de invloed van globalisering op literatuur en de opkomst van 'McLiterature'.Verder is er kunst en literatuur uit Marokko en de vertaling van de controversiële Arabische roman Omaret Yacoubian van de schrijvende tandarts Alaa Al Aswany gepresenteerd, over het leven van de bewoners van een flatgebouw in Caïro. De schrijver praat met Michiel van Kempen.Ook is er een avond over de Antillen en Suriname als multicultureel voorbeeld voor Nederland. Kunnen we iets leren van de (ex?)koloniën? En nog veel meer.Vooraf, tijdens een besloten Schrijversconferentie buigen oa. Allard Schröder, Nukila Amal, Alaa Al Aswany, Fouad Laroui, Abdelkader Benali, Tsead Bruinja, Renate Dorrestein, Michiel van Kempen, Rustum Kozain en Laila Lalami zich onder leiding van Bas Heijne over fictie, engagement en satire in literatuur. Winternachten belooft veel.

Trenet in Montreal, 1946
Charles Trenet komt een paar keer voorbij in Kuifje, ook in Het Zwarte Goud, waar de motor van de auto 'Boum'' doet.

Charles Trenet

Ik ben met de vleeswagen naar Parijs gereden om het Museum van Moderne Kunst te zien en zit, 17 jaar oud, laat in de middag aan de Seine in het gras. Ik drink een fles van de goedkoopste wijn -plastic hoedjesdopje met zilverpapier erover - en wacht op het wonder, het meisje.

Maar ik val in slaap.En word wakker in het donker, van feestelijke muziek die van een verlichte rondvaartboot schalt. Charles Trenet, 'Je chante.'Helle zon gaat vloeiend over in nacht vol vuurwerk. Ik ontwaak in een hiernamaals.En nu, zoveel jaar later zoek ik de tekst op en ontdek de onverwachte sleutel. Le fou chantant, de zingende vagebond vindt niets te eten, verliest zijn geloof in het leven. En hangt zich op. Je chante!Je chante soir et matin,Je chante sur mon cheminJe chante, je vais de ferme en châteauJe chante pour du pain je chante pour de l'eauJe coucheSur l'herbe tendre des boisLes mouchesNe me piquent pasJe suis heureux, j'ai tout et j'ai rienJe chante sur mon cheminJe suis heureux et libre enfin.Je chanteMais la faim qui m'affaiblitTourmenteMon appétit.Je tombe soudain au creux d'un sentier,Je défaille en chantant et je meurs á moitié"Gendarmes,Qui passez sur le cheminGendarmes,Je tends la main.Pitié, j'ai faim, je voudrais manger,Je suis léger... léger..."Au poste,D'autres moustaches m'ont dit,Au poste,"Ah ! mon ami,C'est vous le chanteur vagabond ?On va vous enfermer... oui, votre compte est bon."Ficelle,Tu m'as sauvé de la vie,Ficelle,Sois donc bénieCar, grâce à toi j'ai rendu l'esprit,Je me suis pendu cette nuit... et depuis...Je chante !Je chante soir et matin,Je chanteSur les chemins,Je hante les fermes et les châteaux,Un fantôme qui chante, on trouve ca rigoloJe couche,Parmi les fleurs des talus,Les mouchesNe me piquent plusJe suis heureux, ca va, j'ai plus faim,Heureux, et libre enfin!

overwelving
de ondergrondse loop van de Zenne
buiten de stad (Zuid-Oost)
de Zenne, hartje Brussel

Verdwenen rivier

Brussel ligt aan een rivier, maar je ziet hem niet. Onder de grond stroomt de Zenne, grofweg van het Zuidstation naar de Beurs en vandaar staduitwaarts naar het Noorden. Vervuiling veroorzaakte een cholera-epidemie in 1865, waarna de rivier werd overwelfd. Er boven kwamen grote boulevards, de Zuidlaan, de Anspachlaan, de Adolphe Maxlaan en de Emile Jacqmainlaan. In de oude bedding van de Zenne, bij de Beurs, werd in de jaren zeventig de metro aangelegd.

Het water had bijzondere eigenschappen. Het roze kersenbier dat Kriekenlambiek heet (waaraan de stripheld zijn naam dankt) kan alleen gebrouwen worden uit water van de Zenne, met toevoeging van krieken uit de Zenne-vallei. Er bestaan schilderijen van de benedenstad rond het St.Goriksplein (de Place St.Gery die op een eilandje lag) waarop Brussel een klein Venetië lijkt. Een moerasgebied. Er waren meerdere armen, een grote en een kleine Zenne. Er is een actiegroep "ZenneSenne", die ervoor ijvert de Zenne weer open te leggen. Maar voorlopig is hij nog zo vervuild dat hij een paar jaar geleden - tussen Brussel en Vilvoorde - in brand heeft gestaan, en de brandweer het Zennewater moest blussen. Geert van Istendael schreef: Al is de stroom dan stinkend afgedropen, lees deze regels niet als doodsbericht. De tijden wisselen. Ooit zal het tij verlopen, ooit komt de Zenne weer aan het zonnelicht.

Meilleurs voeux! (2)

 Vinden wat je zocht. Wat vond zo'n brein eens een logische plaats om de bijzondere nieuwjaarskaart op te bergen? Het bleek te zijn exemplaar nummer 291 van de 500 die Herge voor zichzelf liet maken van de herdruk van zijn eersteling 'Kuifje in de Sovjetunie'. Gesigneerd in januari 1971.

 Bewijs, het is echt gebeurd. We filmden voor een programma dat 'Pik in 't is winter' heette.Ik was rustiger dan die eerste keer, in 1969, toen ik alleen voor radio opnam en mijn bandjes liet liggen. Secretaris Baudouin heeft me nog laten omroepen op Brussel-Zuid, maar vergeefs. Ze werden toen per post nagestuurd. Wat ik blijf zien is de entree op Avenue Louise als je uit de lift stapte. Je stond meteen in een halletje met vitrines, waarin het vaandel van de harmonie van Molensloot, het beeldje uit Het Gebroken Oor, de maanraket en zo meer. Ook hing er een kapstok met twee bolhoeden en twee wandelstokken.

 Op de werkkamer van Hergé aan de achterkant stond niet alleen het borstbeeld van Kuifje maar er hingen een paar grote moderne schilderijen (in mijn herinnering ook een Karel Appel), die eraan herinnerden dat Hergé eens kunstschilder wilde worden. Zie daarvoor zijn onvoltooide 'Kuifje en de Alfakunst'. En nu dan 'Beste wensen' uit 1972, een jaar waarin veel werd gedemonstreerd. Met nicotineaanslag.

Tags: 
verdwenen naamplaat
Avenue Louise 162
Hergé in 1979, het Kuifje-borstbeeld stond er in 1969 al.
de studio was op de vijfde, je kwam direct uit lift binnen.

Meilleurs voeux!

 Jarenlang wensten alle figuren uit Kuifje me elke dag een Gelukkig Nieuwjaar. De kerstkaart was van 1972. 'Avec les meilleurs voeux de: (gesigneerd met viltstift) Hergé'. Dit tableau de la troupe hing boven mijn buro. Het is wel een meter lang. De figuren vormen samen een betoging, dragen spandoeken en borden. Haddock heeft een bord vast waarop staat 'NON A LA POLLUTION'. Irma, de huishoudster van Bianca Castafiore: 'POUR LA LIBERATION DE LA FEMME'. Zonnebloem houdt het op 'VROLIJK PASEN'. De tekenaar zelf staat er ook tussen, in z'n blauwe pullover. Ik zoek me suf, waar is de kaart? Veilig opgeborgen. Maar waar?

 In 1969 kwam ik voor het eerst aan de Avenue Louise in Brussel terecht. Daar zat een man die waarachtig op Kuifje leek achter een buro waarop uitgeknipte stukjes die ik had geschreven in het weekblad De Nieuwe Linie. Stukjes vol vragen, die nu gesteld moesten worden aan, ja wie? In zijn knipsels stonden rode potloodstrepen. Hergé kon kennelijk Nederlands lezen. Volgde een een hakkelend gesprek.'Wordt u vaak geïnterviewd,' vroeg ik. 'Ach, meestal als er weer zoveel miljoen albums verkocht zijn komt er iemand van de krant,' zei hij. 'En dan mag ik van geluk spreken als hij op het station nog even een Kuifjeboek heeft gekocht.' 'De journalisten Kalebas en Salie uit 'De Juwelen van Castafiore?' 'Juist.' Hij legde me een belangrijk principe uit: 'de natuurgetrouwheid van de achtergrond'. Op de voorgrond kan alles, Jansen en Jansens maken onmogelijke buitelingen, maar dat kan alleen als op de achtergrond alles klopt, elke klinknagel aan een locomotief, elk automodel, elke knoop op een politieuniform. Eens kreeg hij klachten van kinderen over 'De Zwarte Rotsen', er klopte niets van, de Schotse ruiten waren fout, de brandweerauto ook, etc. Hergé heeft het hele album opnieuw getekend. Nu klopt alles. En daardoor kán ook alles. We zijn klaar met het gesprek. Ik vraag Hergé of hij z'n oude werk goed bewaart. Dit is lang voor de vele archiefheruitgaven.

 Hij wijst op een lage grijze kast aan de raamkant (zijn werkkamer is aan de achterzijde). Hij schuift hem open. Er liggen verfomfaaide, gebonden exemplaren in van zijn vroegste verhalen. Nog in zwart-wit. 'Ja,' zegt hij, 'de prinses kwam hier wel eens langs en dan liet ze de kinderen hier achter. Die bleven dan zoet zitten lezen tot ze terugkwam van het winkelen in de galerij verderop.'Nu denk ik: prinses? Het moet Liliane de Rethy geweest zijn, Leopolds tweede vrouw, de stiefmoeder van Boudewijn. Een foute prinses, maar toch een prinses.De schuifkast ging dicht. We aten daarna bij een Chinees. Hergé vond dat heel bijzonder. Hij raakte niet uitgepraat over het interieur van het restaurant, de prenten aan de muur. Nee, veel gereisd had hij niet: 'Ik ben één keer naar Canada geweest. Verder niet. Ik heb alles uit boeken.'De tweede keer maakte ik een filmpje. Dat moet er nog zijn bij de VPRO. Afgelopen dagen was ik in Brussel en ging toch nog even kijken. op de Avenue Louise waar ik eens twee mooie middagen doorbracht. Bij vertaler Bob de Moor, secretaris Baudouin van den Brande de Reth, de grijze inkleurdame en de autootjes- en vliegtuigenspecialist. De erven zitten er nog.

Tags: 

Pagina's