Aldo Rossi, dichter en bouwer

 Het Maastrichtse Bonnefanten is bedacht door de graficus en architect Aldo Rossi, nu twintig jaar geleden. Op de tentoonstelling 'Het venster van de dichter' en in het bijbehorende boek kun je zien hoe hij tekende, etste, lithografeerde. Een gek, een kind, een war­hoofd dat huisjes tekent.

 Dat noemt men dan een dichter. Nu ja, als de geest waait vliegt dat woordje al vlug mee. Die tekeningen zijn nu te zien, er is een boek van.

 Het buitenaanzicht van zijn Bonnefanten heeft hypnotiserende rijen kleine, vierkante ramen, verwant met de lange raampjesgevels van De Chirico. In Rossi's tekeningen duiken ook komis­che figuurtjes op, die achter ramen rondwaren of er zich vervelen. Ook de architect steekt soms zijn kop om de hoek van zijn eigen schetsen.

 Het Bonnefanten staat op vroeger industrieel terrein ‑ 'de Sfinx' ‑ aan de Maasoever en Rossi heeft industriële vormen gebruikt. De metalen toren, de 'raket', die het aanzicht bepaalt zou je als opslag van chemische vloeistoffen kunnen tegenkomen bij DSM, maar is ook verwant met de koffiepot of Italiaanse koepels. Hier kruisen grafiek en industrie elkaar.

 En nu is er dan een mooi, compleet boek dat laat zien hoe hij in de gebouwde, ontworpen wereld om zich heen grabbelde naar wat hem van pas kwam, wat vaak tot komische, schots en scheve stapelingen leidde. Rossi had een idee van steden. Hij tekende, ontwierp liever stadachtige groeisels dan losse gebouwen. Zo kom je bij de onoplosbaarheid van architectuur. Hoe het ideaal van de organisch gegroeide oude stad te benaderen in nieuwbouw? Lukte het hem?

Tags: 

Aldo Rossi

 Renaissanceschilderijen verraden vaak dat de schilders tegelijk architect waren of hadden willen zijn. Ze schilderden op hun achtergronden zo graag landschappen met verzonnen steden en kastelen.

 De tekeningen van architecten geven hun bedoelingen vaak beter weer dan wat ze bouwen. Zoals je op schilderijen van elegant geklede vrouwen vaak beter kunt zien wat een costumier beoogde dan op foto’s uit die tijd. Immers, in werkelijkheid zijn de draagsters vaak zo plomp. Pas een schilder als Alfred Stevens liet zien wat de bedoeling was.

 Zo zijn de getekende ontwerpen van Aldo Rossi (1931-1997) meestal beter, leuker dan zijn bouwwerken. Ik ga morgen naar het Bonnefanten in Maastricht om allebei te zien.

 Rossi had een idee van steden. Hij tekende, ontwierp liever een stad dan losse gebouwen. Stadsmuren, als bescherming tegen vijand, weer en wind. Een organisch gegroeid geheel. Geen verweesde, loshangende bouwsels.

 Zijn tekeningen lijken ontstaan als die van Chirico of Klee, of Samuel van Hoogstraten, in harmonie met een bedachte, gebouwde omgeving.

 Zo kom je bij de onoplosbaarheid van het bouwen. Hoe de organisch gegroeide oude stad te benaderen in nieuwbouw? Niet zoals de Amsterdamse school met zijn historiserende poorten of de talrijke navolgers met hun Bofill-achtige neo-wrochtsels? Hoe oud en nieuw, planning en groei te verenigen?

 Naar Rossi in Maastricht.