Cornelius Quabeck (2)

 Nooit eerder was ik dit gebouw binnen geweest. Er zijn weinig plaatsten ter wereld waar beeldende kunst zo goed beveiligd wordt. Hier geen kunstroof denkbaar.

 Je komt aangefietst en stuit op een geüniformeerde bewaker die je zegt dat je ‘voor de kunst’ komt en die naar de juiste ingang verwijst. Daar binnen opnieuw een geüniformeerde die je naar een balie verwijst. Aan de beurt zeg je voor de kunstcollectie te komen. Je hebt je de dag tevoren telefonisch aangemeld, dat moet. Nu je legitimatie tonen. Dat hoort erbij. Dan naar de sluis. Telefoon, fototoestel en jas komen in een plastic bak, zelf mag je door het poortje. Maar eenmaal aan gene zijde blijkt toch dat telefoon en fototoestel in een kluisje moeten. Grappig, ook kluisjes bij de Nederlandse Bank sluiten met fietssleuteltjes met rood plastic labeltjes

 Je krijgt een pasje, zoals iedereen hier. Daarmee open je de draaideur naar de kunst. Achterin een lange gang weer een balie. Daar wordt een medewerkster van de kunst voor je gebeld. Die zie je aankomen. Je bent binnen. De ontvangst is hartelijk en deskundig. Het kost niks.

 Tevoren dus even bellen naar 020-5242183 (open alleen op werkdagen) en je opgeven. Eenmaal binnen, midden in het gebouw, oog in oog met de sluimerkunst onder Schotse plaids van Cornelius Quabeck lijkt de beveiliging opeens een logica te hebben. Alsof slaap hier zwaar bewaakt wordt.

Cornelius Quabeck (1)

 Quabeck en ik delen de Schotse plaid. De serie van dertien schilderijen die te zien is in de Nederlandse Bank is een hommage aan de plaid. In de vorm van een verhaal van slaap en droom.

 Geschilderd op grof linnen, bijna jute. Wat overkomt hem en z'n vriendin onder de wol? Ze leggen gezichten tegen de ruitmotieven, verzinken in elkaar en in vreemde dromen. Eerst doemt het monster van Loch Ness op, het kronkelt zich om de golven van de Engelse vlag. En daar is Quabecks eigen versie van Krazy Kat, die doedelzak speelt.

 Quabeck begon als striptekenaar, tekent en schildert tegelijk. De serie is het verslag van een verblijf in Glasgow. En eindigt als een voorstelling. Het doek valt in stijl: schotsgeruite toneelgordijnen. Einde voorstelling.

 Maandag na 22.00 in de Avonden meer.

Koortsrest

 Nog in het staartje van een griep kun je verrast worden door wat een koortsdroom lijkt.

 Al te grote toevalligheden. Griep is bij mij van jongsaf verbonden met een schotsgeruite wollen plaid (kleuren oker en steenrood, met smalle lijnen in diepgroen en diepblauw). Hopelijk vergeet ik niets, maar Schotse ruiten zijn achter­haalbaar en elk verbonden met een clan.

 De plaid - nee niet de zelfde - kwam vandaag op een verbazende manier mijn leven weer binnen. Namelijk via een annonce van de Nederlandse Bank. Waar een Duitse kunstenaar onder de kop 'Sleepless' dit schilderij exposeert op zijn tentoonstelling 'Schottenrock': 'Over dagdromen en slapeloosheid in de nacht, een mix van emoties als opwinding en eenzaamheid.'  Ik ruik  wol, griep, mezelf. Schotse ruitgekte.. het bestaat.

 Er zijn er nog meer daar - heel bizarre - Schotse ruitvarianten. Ik ga ze zien. Maandag meer. De maker is Cornelius Quabeck (1974)  uit Düsseldorf - die inderdaad een tijdje in Glasgow bivakkeerde. En dan als toegift van de Nederlandse Bank:

 'De tentoonstelling is uitsluitend op afspraak te bezoeken, legitimatie verplicht. Telefoon 020-5242183'