Gezichten veranderden van uitdrukking. Vrouwenkoppen van laatdunkend naar lokkend. Mensenkluwens vielen uiteen in losse gestalten. Een strandscene lost zich op in verspreide groepjes in het zand.
Je moet dit met eigen ogen zien, lopend door de ruimten, zoals Appel ze maakte, lopend door zijn zeer grote ateliers. Op een tv-scherm blijft er niks van over, in een plaatjesboek ook niet. De plaats waar hij werkte en de verf spelen zwaar mee.
Appel is een schilder van beweging. Alles beweegt bij hem. Hij swingt, maar zijn solo's landen in balans. Zo staat ie voor het doek, zie je op de vertoonde film van Jan Vrijman. Dat is Appels muziek.
Tot vandaag heb ik dat niet goed gezien, niet goed begrepen.
En dan gebeurt er van alles, de verfdiepte werkt mee, het worden reliëfs. Vrouwen kijken je uit hun ooghoeken met steeds andere blikken aan.
Er was vanmiddag een jong publiek, veel goedgeklede vrouwen en meisjes. Alsof ze bij de schilder in de smaak wilden vallen. Zou Appel een generatie zijn overgesprongen?
Morgen meer.