Lies van Gasse

 De dichter-schilderes Lies van Gasse heeft een meesterlijk boek getekend en geschilderd. Haar hoofdfiguur in 'Nel, een zot geweld' is de vrouw, de muze, het model, van de schilder en beeldhouwer Rik Wouters (1882-1918). 'Een zot geweld', naar het bekende beeld van Wouters, is een biografie in beeld, lijkend, pakkend. Lies heeft zich al schilderend met Nel - en Rik - vereenzelvigd.

 Dat werkt. Nel had van Wouters al iconische trekjes meegekregen. Zelf had ze daar van harte aan meegewerkt met haar ponyhaar, de roodwit gestreepte rokken en jurken. Bij Wouters was Nel al een verhaal geworden. In haar eigen memoires heeft ze dat later nog verder aangezet. Nel ontwierp zichzelf, maakte haar eigen kleren. Bij Lies van Gasse krijgt ze nu een geschilderd heiligenleven.

 Eric Min, de Wouters-biograaf geeft zich in zijn inleiding gewonnen: 'Noem het verbeelding,' zegt hij, 'noem het waarachtigheid,'

 Lies van Gasse tekent en schildert in de schoenen van Rik Wouters. Ziet Nel opnieuw, brengt haar tot leven, in luttele verfstreken, in al haar houdingen en bewegingen.

 Drama genoeg. Kort na hun gelukkige jaren op de Bezemhoek, randje Bosvoorde in Brussel, moet Rik in dienst. De Eerste Wereldoorlog drijft soldaat Wouters op de vlucht naar Nederland. Nel volgt hem. Als hij dan kanker krijgt belandt hij in het Amsterdamse Prinsengrachtziekenhuis. Ze wonen op de Derde Kostverlorenkade. Tegelijk exposeert het Stedelijk zijn werk. Hij wil het per se zien, maar laat een bloedspoor achter op de Stedelijk-trap. Dan sterft hij en wordt tijdelijk begraven op de Katholieke kerkhof tegenover waar nu de Rietveld Academie is.

 En later bijgezet in een verzamelgraf voor oorlogsslachtoffers in Bosvoorde, waar hij zijn gelukkige jaren beleefde met Nel.

Tags: 

Lies van Gasse

 'Als alles kan' is een weerkerende regel in de graphic novel ‘Zand op een Zeebed’ van Lies van Gasse. Als alles kan letterlijk. Tekst en tekeningen pakken je bij kop en kont en smijten je de diepte van het Zeebed in. 

 Lies van Gasse (1983) uit Sint Niklaas kan beestachtig goed tekenen. Ik heb het haar zien doen, live, op een Parijs-avond van deBuren. Verbazend haar kwast te volgen. Ze begint zomaar ergens op het blad, linksboven, het maakt niet uit waar, zonder opzet vooraf of wat. En improviseert dan op wat er rondom haar gebeurt. Dan komen figuren en gezichten tevoorschijn in wat een beeldverhaal blijkt te zijn. Tussendoor worden woorden en zinnen gekwast.

 Zelden zag ik tekening en woord zo vloeiend samengaan. 'Als alles kan'. Dat steeds weer. Alles, in leven, liefde en lijf, valt samen in de landschappen van Lies van Gasse. En dan zijn daar, telkens weer, de Sirenen:

 ‘Als alles kan, zullen de Sirenen komen, Zij scheuren met hun schuim de zeeën. De Azoren vangen hen, zullen hen bergen in het ruim. Zij worden vlot verkocht in Lissabon en Liverpool en in donkere hoeken ondergebracht. In hun buiken maakt men het verleden van de verste zeeen wakker. Men laaft zich aan hun stem. Hun zang is de vroege dood. Zij zullen grondeloze treurnis delen. Men vergroeit met anemonen en wier. Men voelt touwen om de kuiten. Spijts gevangen, hebben de rivieren hun macht niet afgelegd. De geur van zeewater ontbreekt. De Sirenen zullen komen. Nu, als alles kan.’

Tags: