Jochen Mühlenbrink (2)

 Er moet hem in 2009 iets overkomen zijn, waardoor hij eerst griezelig gelijkende achterkanten van schilderijen ging schilderen, en daarna verzeilde in trompe l'oeil, de techniek waarmee schilders je misleidden in de Gouden Eeuw.

 Maar waarom zou een jongen van 32 in 2012 zulke net-echte achterkanten gaan schilderen? Nadat hij met zoveel succes - hij studeerde in 2007 af bij Markus Lüpertz, werkte in Californië waar hij veel van Edward Hopper meekreeg - vorm had gegeven aan een heel eigen wereld. Vol dreiging, dat wel. Hij zei me, menigten jagen hem angst aan, je ziet ze met z'n allen optrekken, maar waarheen? Of auto's. Menigten lege flessen ook. Ik schoot ik in de lach bij een oude fauteuil temidden van honderden lege flessen, titel: 'Zigaretten holen' (2008). Individuen zijn even weg. Of worden bedolven onder sneeuw. Metershoog ingesneeuwde parkeerplaatsen, huizen waar lawines binnenvallen. Het leven concentreert zich bij hem in dat typisch Duitse gebouwtje, de kiosk. Waar je aan de straat worst kunt eten en bier drinken, met de BILD-zeitung erbij. BILD, dat woord. Schildershumor.

 Maar toen? Er is iets gebeurd. En hij schildert zich eruit, met zijn trompe l'oeils. Wie bedriegt hij daarmee? Zou het kunnen dat hij de wereld even niet kan aanzien? En het daarom voorlopig houdt op de verpakking?

Jochen Mühlenbrink (1)

 Met eigen ogen. Ze bleken onmisbaar bij het kijken naar het verbluffende werk van Jochen Mühlenbrink. Vaak kun je uit boek- of Internetafbeeldingen heel wat afleiden. Zo niet bij hem.

 Ik stond er in de Amsterdamse Bilderdijkstraat letterlijk met mijn neus bovenop. En de schilder stond naast me. Dat hielp. Het bruine tape op al zijn recente doeken is dus nergens echt. Zelfs voor de grap heeft hij er nergens een stukje van dat 'ellendige materiaal' tussen geplakt. Waar we naar staan te kijken lijkt de verwerking van een duistere periode. In 2009 reduceerde hij zijn schildersbestaan tot een vieze - geschilderde - kartonnen doos, zijn 'schilderskist' en hier in Amsterdam is de doos opengegaan, in de vorm van een geschilderd veelluik van louter achterkanten dat kan openklappen. Een binnenstebuiten gekeerd altaar.

 'Schilderen doe je voor de eeuwigheid,' zegt Jochen.

 Om ons heen lijken stapels schilderijen tegen de muur te staan, waar soms zelfs een alpentop bovenuit steekt. Maar het is alles schijn. Pola Void heet deze unieke tentoonstelling. Wat verwijst naar kunstig nageschilderde polaroids, waar ook weer tape overheen is geschilderd. Wat gebeurt hier? Is dit na een 'painters block' een langzame terugkeer in schildersland? Met een Oosterse glimlach zegt hij 'je moet nooit te veel vertellen'. Daarna schieten we in de lach.

 Morgen opent zijn expositie.

Bedrog

 Een dezer dagen hoop ik Jochen Mühlenbrink (1980, Freiburg) te ontmoeten, de schilderende meester-oplichter van wie zaterdag een ex­positie opent in de Amsterdamse galerie Hofland.

 Nieuwe schilderijen, installaties en sculpturen worden beloofd, maar de sleutel bij Mühlenbrink blijft trompe l'oeil. Nieuw bedrog, onder de titel Pola Void. Zand in de ogen. De wereld wil bedrogen worden. Meteen zal ik hem vragen waarom hij deze eeuwenoude en hondsmoeilijke schildertechniek gebruikt. En wat hij ermee beoogt. Wat in de Gouden Eeuw een modisch grapje was kan nu niet anders dan een bedoeling hebben.

 Neem dit schilderij van een serie polaroids, met tape op een grijze achtergrond geplakt. Wat is echt, wat bedriegerij? Ik zal echt naar de Bilderdijkstraat moeten om dat vast te stellen. Mühlenbrink kan je namelijk zowat alles wijsmaken, zoals ik eerder in Haarlem zag. Polaroids overtuigend naschilderen? Tape? Pas op, in een schilderij vol onweerstaanbare, hyperprecieze nep - dat in Haarlem hing - had Müh­lenbrink om me te jennen een paar stukjes echte tape geplakt. Later meer.