Arthur Slenk - Havana van Boven (2002)

Papier (2)

 Papier maak je uit oud papier, en soms wat lompen. En water, veel helder water.Tenminste voor het de fabriek in stroomde. Nog in de jaren '50 had de Eerbeekse beek, waarlangs ik naar school liep elke dag een andere kleur. Hij dampte, er dreven vellen in. Die kleuren kwamen van de verfstof waarmee papier gekleurd werd. Vrij fel rood, olijfgroen, maar meestal achromatisch grijs - alles doormekaar.

 Henk Hofland schreef over het vergeelde papier van de zestig jaar oude partituren waarmee Arthur Slenk de collages van zijn werk 'Partituur' maakte. Over handschriften: 'de  wisselende druk van de pen op het papier, verbeterde vergissingen, de slijtage aan de hoek waar het blad werd omgeslagen. Allemaal sporen van de onbekende leden van het amateur-orkest dat dit muziekpapier gebruikte.'  
Zeven jaar was Slenk met lijm en schaar bezig de uitgezochte stukjes papier te ordenen, te verschuiven en op te plakken. 'Partituur' verscheen in 2006 in boekvorm. 144 pagina's met muziektekens. 'Collages van beheerste bezetenheid' (Hofland).
Het papier zou toch verdwijnen in het digi-tijdperk? Maar dat gebeurde raadselachtig niet. Papier heeft een taai leven.
 

Hans Aarsman
het schilderij met de twee kogels..

Nacht van Duivenvoorde

Op 26 juni as. gebeurt in Wasenaar de zg. Nacht van Duivenvoorde, op en rond het gelijknamige kasteel. Eén van de optredenden is fotograaf Hans Aarsman. Met Hans weet je 't nooit, maar de kans lijkt groot dat hij een verhaal maakt bij dit schilderij.

Het schilderij van Jan van Wassenaar en de twee kogels. Jan werd getroffen door de eerste kogel, en had daarna een groot litteken, zodat op schilderijen van daarna alleen de linkerkant van zijn gezicht te zien is.

In 1509 werd hij bij Padua gewond door een schot in zijn kaak. Na vele krijgsverrichtingen in Utrecht en Gelderland werd hij in 1516 door Karel V tot stadhouder en opperste-kapitein over Friesland benoemd.
Ook daar voerde hij vele oorlogen tot hij in 1523 bij de belegering van het dorp Sloten een kogel in den arm kreeg, aan welke wond hij op 4 december van dat jaar, op 40-jarigen leeftijd te Leeuwarden stierf.
Zijn lijk werd naar 's-Gravenhage vervoerd en aldaar
in de Kloosterkerk (toen de kerk van het Jacobijnen-klooster)
begraven.
 

Papier

 In Eerbeek op de Veluwe, waar ik van mijn zesde tot mijn negende jaar woonde waren toen nog zeven papierfabrieken.

 In Eerbeek zag ik een gloednieuwe 'papierstraat', waar uit vezelrijke pulp tenslotte volautomatisch, na talloze bewerkingen papier ontstond. 
Dit kwam vanmiddag boven toen ik Apeldoorn, in het CODA-museum - een paar bushaltes van Eerbeek - de Holland Papier Biënnale 2010 zag, waar kunstenaars laten zien wat je met papier kunt doen. In Rijswijk is de andere helft van de tentoonstelling.

 Een verrassing is Arthur Slenk, die levenslang maniakaal stukjes papier knipt en plakt. Van hem is een aparte show ingericht.
Slenk houdt van herhaling. Neem nu dit hele vel met de uitgeknipte letters Z.O.Z.
Hoeveel jaren heeft Arthur Slenk papiertjes van straat opgeraapt en bijeengegaard? Wat voor een leven leid je dan? Ik sprak hem vanmiddag. Een beminnelijk mens.  
Zijn grote boek heet 'Partituur'.
Zaterdag in de weekendbijlage van de Avonden meer.
 

Tags: 
Erik Lindner
verse kalklijn, de wat versletene, als geblondeerd haar uitgegroeide zijn het mooist..

Erik Lindner

De titel van z'n nieuwe dichtbundel is 'Terrein'. Een woord dat Haagse taal oproept. Te beginnen met 'terreinknecht'. Zwijgzame heersers over voetbalvelden. Die gingen over netten, ballen en hoekvlaggen. Ze rolden het kalkwagentje dat de lijnen in het gras tekende. Afbakenen.

Ik lig in het gras en bekijk de half witte, half groene sprieten die het strafschopgebied markeren. Voor je 't weet komt er een hele dichtbundel. Wat daarin gebeurt is ook heel Haags.Het waait er. Regels en woorden worden voortgeblazen. En vinden nauwelijks houvast. Een enkele plastic fles stuitert op een stoep. Een fiets valt om. Beetje op z'n Haags uitspreken ook. Heb je dit eenmaal gevonden dan kun je 'Terrein' lezen: 

'(...)

In een parapluwinkel valt een paraplu van de toonbank.

Op een smalle tak zit een duif
die eraf valt, fladdert en opnieuw gaat zitten.
De bes die te ver aan het uiteinde van de twijg hangt.
De tak die doorbuigt, de kraag die opbolt als de duif verschuift.'
 

Tags: 
autogeest van George Osodi

In-between things (3)

Regelmatig krijg ik post uit Afrika. Mails die zeggen dat ik heel rijk ben geworden, alleen even moet bellen of mailen om het geld op te halen. Zonet kwam dit:

Hello
My name is Michael Williams from Nigeria, I have a proposal that will give us a lot of money, get back for full details with some of your information like your full name, Age, occupation, Address, Phone Number and others.
You can call me on this +2348083049055

Toch, de formulering is sympathiek. Wij, Michael Williams en ik zullen allebei rijk worden. Hij in Nigeria, ik hier. Hoe? Heel verkeerd dat soort vragen te stellen. Dat hoeft Michael niet uit te leggen. Hij, in Nigeria, heeft weet van die dingen. Ik moet daar op vertrouwen.
En zo dacht ik aan de autogeesten van de Nigeriaanse fotograaf George Osodi. Niet bellen, mails weggooien, ik weet het. 
Als ik iets laat horen zullen ze me vinden. 
 

geen dichter..
stop de bezoekerscentra..

Maasvlaktekunst

De Tweede Maasvlakte begint vlak achter de eerste. Je rijdt de Europoort op tot je bijna niet meer verder kunt. Verderop is alleen nog het zicht op de Waterwegmonding en de bekende patattent die dit jaar opeens de naam Smickel Inn draagt. Veeg teken.

 De Eerste Vlakte is zowat volgebouwd en begint alle trekken van beschaving te vertonen: wegwijzers, straatnaambordjes, net plaveisel.
Meer dan een stuk of tien dansende konijnen kwam ik niet tegen. Waar zijn de windgliders en de experimentele vliegtuigjes gebleven die in vorige jaren over de mond van de Waterweg cirkelden? De wildkampeerders? Verdwenen, er is geen open ruimte meer. Ook niet voor de club van de radiografisch bestuurde miniatuurvliegtuigjes. Die hebben nu een veldje achter Pernis.
 Het Wilde Westen verlegt zich verder in zee. Maar daar is nog weinig anders dan opgespoten zand.
En dan, waarachtig, een Bezoekerscentrum. Met computeranimaties, folders, alles om de Tweede Vlakte aan de man en het gezin te brengen. Schrijvers, dichters en beeldend kunstenaars dragen brave steentjes bij.
Stuifzand en beschaving.
 De laatste rafels van Nederland worden met vaste hand ingekaderd. Er is geen zak meer aan.   
 

Tags: 
'1000'', de sarcofaag van Huma Bhabha (2009)

In between things (2)

Tussen de dingen kan het aardig spoken. 'Het is vaak geestig, maar ook creepy,' zegt Kerstin Winking, de curator van 'In-between Things'.Toverij is nooit ver weg.

Ze vertelt van de fotograaf George Osodi (1974) uit Nigeria, die een tentoonstelling wilde maken in Lagos met als titel 'de duivel'.
Dat komt, heel Nigeria staat vol autowrakken. En iedereen gelooft dat de duivel de hand heeft in de talloze ongelukken. George wist niet hoe gauw hij die titel moest schrappen.

Het bezielen van materie, dat is wat hier gebeurt. Huma Bhabha (1962) uit Karachi woont in New York. Van haar staat er een soort sarcofaag waar een wild gebarende dode uit lijkt te willen ontsnappen en een beeld met een lijf van piepschuim dat 'Ghost' heet.

 

Papa Adama - Kangaroo (2008)
Papa Adama - Handicap (2008)

In-between things (1)

Het Stedelijk Museum Bureau Amsterdam brengt vanaf morgen aan de Rozenstraat 59 de bescheiden internationale tentoonstelling 'In-Between Things'. Assemblage kunst, vooral sculpturen, gemaakt uit gevonden materiaal.

Je hebt twee soorten mensen, zij die dingen van straat oprapen en de anderen. Zo staan Kurt Schwitters, Louis Lehmann en Henk Hofland opeens naast elkaar. Ze kennen de waarde, de uitdrukkingskracht van materiaal. Ze verstaan de kunst van het 'er iets in zien'. En er iets mee doen. 

In 2004 zag ik in Den Haag een meester, de Cherokee Jimmie Durham. Ik schreef: 'Een plaat zwart marmer is gevallen op een paar ivoorkleurige pumps. De neuzen kijken je verbijsterd aan: 'Baby please don't go'. Durham (1940) was in de VS sinds de jaren '70 bekend als strijder voor Indianenrechten, schrijver en kunstenaar. Hij lijkt een goed voorbeeld van hoe 'roots' en 'engagement' je in de weg kunnen zitten. Zijn materiaalkeus is vereenvoudigd. Van talrijke gevonden voorwerpen is hij nu beland bij PVC en brokken natuursteen. Sommige stenen dragen een jas. Er ligt een grote stenen balk in een bed dat onder hem is bezweken. Het is de helft van een lits-jumeaux. 'A stone in bed at home' (2000)
Van Durham zal ik morgen nieuw werk zien. En ook oa. van de oervader in het genre Daniel Spoerri en de zo grappige, in Amsterdam opererende Papa Adama uit Burkina Faso.
Morgen in de weekendbijlage van de Avonden meer.  
 

Nop Maas thuis

Nop Maas

Morgen praten met de biograaf over z'n tweede deel. Het duurde even. Zo vlug kan ik meer dan achthonderd pagina's niet lezen en overdenken. Gerard Reve, kroniek van een schuldig leven. Daar staat het. En dan volgt "De 'rampjaren' 1962-1975".

Waarin zitten hem die rampen? Niet alleen in Gerards persoonlijk leven. Hij onderging tegelijk de wereldwijde grote verwarring van de jaren '60. En ja, hij was er gevoelig voor.
In die vreemde overgangsperiode stond opeens alles op losse schroeven. Hij liep er niet voor weg. Integendeel, hij werd er door aangetrokken, maakte er deel van uit. Werd het icoon - zijns ondanks - van de vernieuwing.
Zijn brievenboek 'Op weg naar het einde' (1963) blijkt achteraf een schokgolf te hebben veroorzaakt, in de ironische stijl, in de literaire vorm, als bekentenisgeschrift.
Wat wilde hij? Niets anders dan met zelfrespect en gerespecteerd door de maatschappij door het leven kunnen gaan, als homosexueel, als katholiek, als schrijver.
Zo stelde hij het Nederland van toen op de proef.
De wereld vóór Reve heb ik nog gekend. Ik hoorde bij mij thuis in de erker volwassenen smalend praten over wat nu gevoel heet, over homo's en heel soms, heel besmuikt over seks. Eigenlijk bestond het allemaal niet.
En dan komt er een schrijver die gemeenschap heeft met God in de vorm van een muisgrijze ezel.
Hoe hield Reve het vol? Soms niet.

Morgen na 20.00 is Nop Maas te horen in de Avonden.

 

Wim Noordhoek en Nop Maas
Beluister fragment
Rose Hobart - het gezicht..
een van de dozen van Joseph Cornell

Rose Hobart

Teruggevonden: 'Rose Hobart' van Joseph Cornell (1903-1972). In de Anthology Film Archives. Speelduur 19 minuten. Toen een uniek experiment dat vertoond werd in de Julien Levy Gallery in New York in december 1936. Het publiek vond hem onbegrijpelijk.

Behalve Salvador Dalí, die in wilde drift ontstak van pure jaloezie. Dit had híj zelf namelijk al bedacht, alleen nooit uitgevoerd.
Wat? Cornell is als kunstenaar bekend om zijn dozen met raadselachtige gevonden voorwerpen. De film Rose Hobart is ook zoiets, een hermontage van een gevonden film, een onbenullig jungle melodrama uit 1931 getiteld 'East of Borneo'.
Rose Hobart, de actrice is de spil waar alles om draait.
Het gaat om haar blikken, losgesneden van de oorspronkelijke verhaallijn en ingepast in een nieuwe, surrealistische context. 'De verhalen van Hollywood zijn niet goed,' zei Cornell, 'maar de plaatjes, die zijn goed'.
Als muziek gebruikte hij Braziliaanse tangoplaten die hij bij het vuilnis had gevonden.
Waar dacht ik toch aan?
In Nederland heeft de schilder Henri Plaat op vergelijkbare manieren films geassembleerd.
 

Pagina's