Sarah op Ijburg voor een 'Tati-huis' 

Ijburg

 Beeldend kunstenaar Sarah van Sonsbeeck studeerde architectuur en werkte een aantal jaren als architecte. Daarna ging ze in de kunst en deed de Rietveld Academie. Haar afstudeerproject ging over geluid. Sinds 2008 is ze resident artist aan de Rijksacademie.

 Afgelopen jaar onderzocht ze de stilte. En wel de stilte in de Amsterdamse nieuwbouwwijk Ijburg. Ze maakte een nauwkeurige stiltekaart van de wijk en verzorgde stilte-rondleidingen voor bewoners.
Morgen in de Avonden na 21.00 zo'n rondleiding voor de luisteraars van De Avonden. 
Verrassende gasten in haar verhaal zijn de filmer Jacques Tati (Mon Oncle, Playtime) en de componist - en geluidenman - John Cage.
Vraag: 'Van wie is de stilte'.
Haar ideaal: 'Een huis als je eigen hoofd'.

Sarah van Sonsbeeck
Beluister fragment
Leukste curiosum: de Hollanders op Dejima mochten hun vrouwen niet meenemen. De eerste en enige was in 1817 Titia Bergsma. In de paar maanden dat ze er was is ze door talrijke Japanse kunstenaars vastgelegd.
Barbara Visser: Holland (nagebouwd) in een pretpark in Nagasaki en in Holland

Holland Mania?

In de Leidse Lakenhal was ik vanmiddag bij een bizarre tentoonstelling. Zo eentje waarbij je je het meest afvraagt hoe en waarom hij tot stand is gekomen. En met wiens geld. Deze vindt z'n oorsprong in een geschiedkundige samenloop van omstandigheden.

Grofweg 400 jaar geleden, in het jaar 1609, maakte Nederland als koloniale macht op twee fronten vorderingen.
Ten eerste vestigden in dat jaar de Engelse Pilgrim Fathers, uitwijkend voor religieuze vervolging, zich in Leiden, waar ze tot 1620 bleven, waarna ze vanuit Delfshaven naar Amerika zeilden.
Terzijde: nog pasgeleden werd bekend dat de 'Nederlanders' die naar men altijd beweerde New York hebben gesticht vooral kolonisten uit Wallonië waren, die met een VOC-schip waren gekomen.

En, ook in 1609, begonnen Nederlanders als enige Westerlingen koloniale zaken te doen met Japan, dat zich ook daarna nog eeuwenlang afsloot van de rest van de wereld. De Japanners waren bang voor de Jezuïeten, die in die tijd overal in Azië zieltjes wonnen. En de Nederlanders kregen het monopolie door als enigen - heel slijmerig - hun eigen huizen in brand te steken toen dat aan alle blanken werd gevraagd. Ze kregen onder strikte beperkingen het eilandje Dejima.
Aan blanken werd voortaan de Nederlandertest opgelegd: ze moesten openlijk een crucifix vertrappen, omdat daaruit bleek dat ze de Paus niet erkenden.

Maar op de tentoonstelling Holland Mania niets daarvan. De vederlichte expositie van willekeurige historische curiosa en wat eigentijdse kunst wordt mede bekostigd door de Japan foundation, SNS Reaal en het VSB-fonds.

 

korte plechtigheid. Bente ontkurkt.
de kijk- en luisterdoos
de bouwer, beeldend kunstenaar Frank Halmans

Bente Hamel

Gisteren, op de Stadhuisbrug over de Utrechtse Oudegracht zag ik de reuzen kijkdoos die Frank Halmans gemaakt heeft voor het verhaal Ziener van Bente Hamel. Het verhaal gaat over een huis. Geen wonder dus. In de wanden zijn zes kijkgaten waardoor je de decors in wisselend licht kunt bekijken, terwijl je - op koptelefoon - luistert naar Hans Dagelet die het verhaal vertelt. Niets teveel, alles in dienst van de tekst. Het verhaal gaat in je kop zitten.

Door de trage timing die een kijkdoos eigen is - dit is geen televisie - en de glijdende lichtwisselingen van Bastian Schoof lijkt het wel of je een boek leest met lichte koorts.
Het lijkt verslavend. Menige Utrechter zag ik tenslotte na de twintig minuten 'starry eyed' zijn plaats verlaten .
Ziener staat elke dag voor het Stadhuis. Zie de site.
En binnenkort op Oerol.

‘Je hoort hoe iemand op een middag in zijn huiskamer een schilderij aantreft, een schilderij met daarop een beeld van zijn toekomst. Terwijl het personage in het verhaal onverbiddelijk stap voor stap het toekomstbeeld wordt ingetrokken, bekruipt je als toeschouwer het beklemmende gevoel dat jou hetzelfde overkomt, want voor je ogen ontvouwt zich een oneindig herhaald beeld dat je blik steeds dieper naar binnen zuigt.’

Vanavond (vrijdag) was Ziener als hoorspel in De Avonden te horen. Morgen online.

de Week
de wandel en fiets-route

Ypenburg (2)

Randwachter PJ Roggeband tekent aan:

 'Wat betreft piekfijn in orde - dat is de buitenkant - nog steeds zijn of gebeuren er rafelachtige taferelen: misschien de komst van een helihaven of hoge windmolens in de oksel van het Prins Clausplein.
Lees RAMPBEWONER (over de plofzone van het TNO-terrein): ik was daar onlangs en berichtte er over, want daar trof ik naast pauwen, hazen en de nodige roofvogels ook twee reeen! Daar zit het groen van de wijk, achter prikkeldraad!
Ik trof er ook resten van een vliegtuig, waarschijnlijk het laatste exemplaar op Ypenburg, doorzeefd met kogels in verband met proeven die ze daar doen.
Of schakel naar NIETPLEKKEN en bekijk het Naturistisch Clausule Gebied Ypenburg.

 Het is dus uiterlijke schijn. Ypenburg blijft een uitzonderlijke woonwijk, het ideaal voor de 'snelwegmens', met drie snelwegen en twee (bekend van de files) knooppunten. Publicist en rotondoloog Tijs van den Boomen heeft zelfs mijn wandelroute 'Langs de Randen van Ypenburg' bewerkt tot een 100% 'flaneren langs de snelweg' traject van 13 kilometer lengte.'

 NB. NIETPLEKKEN: Naturistisch Clausule Gebied. Een voormalige landeigenaar heeft bij de (gedwongen) verkoop van zijn eigendommen op Ypenburg aan de overheid, bedongen 'dat iedere toekomstige huizenkoper of huurder op de hoogte gesteld wordt van het feit dat naturisme op naburige percelen kan plaatsvinden'.

Tags: 
'Randwachter' PJ Roggeband
Ypenburgers tijdens de Week

Ypenburg (1)

 Elfletterman PJ Roggemand is nu al meer dan vier jaar 'Randwachter' van de Haagse VINEX-wijk Ypenburg, die verrees voorbij Voorburg en Rijswijk, tegen Delft aan. Op de plaats van het vliegveld waar ik eens als 12-jarige de Internationale Luchtvaart Show Ypenburg (ILSY) meemaakte. Roggeband onderzoekt of een VINEX-locatie ook zg. rafelranden kent. Hij heeft te voet de rand van het gebied grondig verkend en zich verbaasd over het rafelig karakter.

 In het 'Randarchief' van PJ vind je elfletterwoorden als BINNENKOMST: 'In Vinex-wijken heb je voortdurend het gevoel dat er iets niet klopt, zonder dat er concrete dreiging is.'
Of: TIJDGRENZEN: Ypenburg lag 5500 jaar geleden aan zee.
Of: SCHUTTINGEN: Zou dat het eerste zijn wat mensen doen, hun territorium afbakenen?
Of: BEPERKINGEN: Tien jaar na de start van de bouw staan er nog steeds grote gele borden met de tekst Wijk in aanleg, onverlichte wegen en obstakels, betreden op eigen risico.
Etc.

 Ik betrad. Maar alles bleek piekfijn in orde.

Tags: 
Walter Benjamin
Hannah Arendt (1906-1975)

Walter Benjamin en Hannah Arendt

'Illuminations' heet de bloemlezing die Hannah Arendt maakte uit het werk van Benjamin (1892-1940). Het essay dat ze erbij schreef geeft puur plezier.

Jaloezie interesseert haar enorm, bijvoorbeeld in het geval van postume roem. Onbekend blijven en wereldberoemd worden na je dood, hoe werkt dat? Ze denkt dat een handvol tijdgenoten zoiets toch ziet aankomen. Zoals bij Kafka, en ook bij Benjamin.
Ze nam mooie aantekeningen van Benjamin op over geschiedenis. Waaronder een opmerking van de filosoof Hermann Lotze (1817-1881), die zich erover verbaast dat mensen - zelfzuchtig als ze zijn - toch nooit jaloers worden op de toekomst, op degenen die na ons zullen leven. Alles wat wij denken en vinden wordt bepaald en gekleurd door de tijd waarin we leven. Toekomstig geluk raakt ons niet. Het is onvoorstelbaar.  

Meteen denk ik aan de wiskundige Gauss, zoals ie in 'Het meten van de wereld' van Daniel Kehlmann voorkomt.   
De 18de-eeuwer Gauss is - in zijn hotsende koets - juist zeer jaloers op de vervoermiddelen waarover het nageslacht volgens hem zal beschikken.
Of zou Kehlmann Walter Benjamin hebben gelezen? 

maquette met banner
de bouw in Louvain-la-Neuve
Joost Swarte zondagmiddag

Hergé Museum

 In België gaan op 2 juni as. twee nieuwe musea open. In Brussel, op de Kunstberg, het Magritte-museum en in Louvain-la-Neuve het Hergé-museum. Dat laatste met een inrichting, de zg. scenografie van de Nederlandse stripauteur Joost Swarte, die ik tegenkwam op Art Amsterdam. We spraken af rond de opening een radiowandeling te maken in Louvain-la-Neuve.

 Al tijdens het leven van Hergé (1907-1983) waren er plannen voor een klein museum bijvoorbeeld in de Studio's Hergé aan de Avenue Louise 162 waar ik twee keer op bezoek was.  In de entree liep je daar tegen een grote vitrine aan, waarin Kuifje-attributen als een model van de raket naar de maan, het vaandel van de harmonie van Molensloot, het beeldje uit het Gebroken Oor en zo meer.  
Terzijde, in de hoek, een kapstok met twee bolhoeden. En op het kantoor van Hergé stond, temidden van zijn verzameling moderne kunst (Appel, De Kooning) een groot stenen borstbeeld van Kuifje.
Het zal allemaal te zien zijn in Louvain-la-Neuve.
Het idee voor een groot museum kwam later. Na de dood van Remi heeft weduwe Fanny Rodwell, de enige erfgename, goed verdiend. Hoe wordt het? 

 
 Op de site van de architect zijn voorproefjes te vinden. Het gebouw is van de Franse Christian de Portzamparc. Hij heeft het ontworpen als een schip dat in tweeën is gebroken. Je kunt dwars door het gebouw heen kijken. Het idee van een schip komt ook terug in de banner, een havengezicht uit 'De krab met de gulden scharen'. Ook de loopbrug van het museum komt uit de scheepvaart.

 Er zijn twaalf asymmetrische ruimtes, met loopbruggen  verbonden. Steeds zullen er tachtig originele Kuifje-pagina's te zien zijn. En van allerlei meer. De nv Moulinsart van Fanny is eigenaar van bijna al het originele werk. 
Hergé was Brusselaar, groeide op in Etterbeek. Er zijn dus ook locaties voor het museum voorgesteld in Brussel. Het Luxemburgstation, in de Europese wijk bijvoorbeeld, waar sinds kort een fresco van Hergé hangt. Maar Fanny kon het niet eens worden met de bestuurders.

Tags: 
de 'Kruimeldief Tomado' (2008) van Frank Halmans.

Art Amsterdam

 Vanmiddag op de slotdag van Art Amsterdam in de RAI schoot me het 'Museum met Eén Schilderij' weer te binnen. Teveel, teveel, dit. Waar een schilderij - de meerderheid van het aanbod was verf of iets anders op doek - toch alleen gedijt in rust en concentratie hingen ze hier in een maalstroom van soortgenoten, ontstaan uit zoveel hoofden, zoveel zinnen. Bekaf kwam ik na een uurtje buiten.

 Hier een paar dingen waar ik m'n kop bij kon houden. Afgezien van rots in de branding Dave Meijer.

 Vermakelijk wel om hier kunstmakers, kunsthandelaars en potentiële kopers door mekaar te zien lopen. Want wie was nou wie? Mooi herkenningsspel.   

Trends? Afgezien van de verf op doek is er een neiging tot noem het huiselijkheid. Interieurs, maar ook exterieurs. Wonen spreekt kennelijk niet meer van zelf. Tjebbe Beekman maakt school. Je ziet het bij de jonge Duitsers de laatste tijd ook heel nadrukkelijk. Een mens is een huis is een mens.

 

 

Abe maakt zijn kousen vast. geen elastiek! verbandgaas, dat niet afknelt!
Abe en (namens alle jongens) Jan.

Abe Lenstra

'Voetballen doe je zó' (1956) van Abe Lenstra is heruitgegeven. Eens bezat ik de tweede druk uit 1958.Eigenlijk, zie ik nu, is het de apologie van een man die zo min mogelijk liep, op het voetbalveld. De foto's van de voetballessen in het boek laten ook een beetje te dikke voetballer zien. Hij hoéfde ook niet te lopen. Tegenwoordig zou je zeggen 'hij liet de bal het werk doen'. Het woordje 'techniek' keert telkens weer. In die jaren was een speler 'technisch' of niet.Een oratio pro domo is het:

'Sprinten, hard schieten uithoudingsvermogen, zijn - hoe belangrijk ook - slechts prettige bijkomstigheden in vergelijking met dat ene: de techniek van de speler individueel. In de fijne trekjes, de zwierige handelingen met de bal, ligt ook het grote plezier van mijn sport besloten. Een speler die de bal met een touwtje aan zijn schoen schijnt te hebben, heeft beslist een prettiger wedstrijd dan de zwoeger, de sjouwer, en hij is in mijn ogen ook... nuttiger.'

'De verzorging van de tekst heb ik overgelaten aan de journalist Bert Pasterkamp,' staat er. Hoe de samenwerking Lenstra-Pasterkamp verlopen is vermeldt deze uitgave niet, wat wel jammer is. De follow up 'Honderd goals!' is er ook bij.
De voetballessen lijken me nog steeds steekhoudend en te volgen. Bewegingen neerschrijven in woorden, lastig genoeg.
En, de foto van Abe met junior Jan, die deed het hem. Stel je nou toch voor.
Abe’s naam werd zo uitgesproken dat ik lang gedacht heb dat hij Abelenstra heette.
Eens bezat ik een voetbalplaatje (karikatuur van Uschi) van Abe Lenstra. Onschatbare waarde, maar ik was zes en heb het me laten aftroggelen. Abe was een beetje gescheurd, wat zijn waarde verminderde. Zeiden ze. Oudere jongens waren het. En ik kreeg er drie Nederlands elftalspelers voor terug.
Even later had ik al spijt. Zoveel spijt.    

ps. Op z'n 36ste speelde Abe nog in het Nederlands elftal. In 1956, tegen Zwitserland in Lausanne. Er werd gewonnen met 3-2, Abe scoorde een keer (eerste minuut van de wedstrijd) en gaf de andere twee aan. Wat was midvoor Lenstra voor een man? Linksbinnen Faas Wilkes zei: 'Je nam hem bij het Nederlands elftal niet in de eerste plaats voor de gezelligheid mee. Ik mocht Abe als mens heel graag, maar hij was niet altijd even vrolijk.'

Sjoerd Kuyper

Sjoerd Kuyper

Morgenochtend om tien uur praat Wim Brands in de Avonden met Sjoerd Kuyper. Dichter, en kinderboekenschrijver, jawel. Maar hoe lang nog?In zijn Annie M.G.Schmidt-lezing, afgelopen woensdag in Leiden luidde Sjoerd de noodklok. De wereld kan niet zonder kinderboeken. Er zijn geen belangrijker boeken.Aldus Sjoerd. En dus: uitgevers moeten schrijvers van kinderboeken blijven behandelen als de literaire auteurs en ze betalen volgens het standaardcontract. En let wel: illustratoren hebben nog steeds recht op een apart honorarium.Daar zit namelijk ernstig de klad in. Wie nu kinderboeken schrijft is al niet goed bij zijn hoofd, wie van plan is het te gaan doen is helemaal krankzinnig.Twee citaten:

'Waar is deze ellende toch begonnen? De schrijver maakt wat de uitgever vraagt, de uitgever maakt wat de boekhandel vraagt, de boekhandel verkoopt wat de klant vraagt, de klant vraagt wat de media hem voorschrijven te vragen. Geen goed kinderboek dus, want hoe kan de klant weten wat goed is als hoogleraren letterkunde van de daken schreeuwen dat lectuur de hoogste vorm van literatuur is?'
(...) 
'Zullen we nog één keer het wapen van de solidariteit ter hand nemen, wij kinderboekenschrijvers, zoals onze collega's in de jaren zestig dat deden? Dat waren nog eens kerels en wijven! Zullen we weigeren boeken te publiceren bij uitgevers die het modelcontract niet hanteren? Dan doe ik mee.'

Tags: 

Pagina's