Manifest

 In 1922 schreef Kurt Schwitters 'Aan het proletariaat van Berlijn!' Een collage van wat aan de bevolking zoal bekend gemaakt werd, middels plakkaten, borden, bordjes en veror­denin­gen. In de ver­taling van Willem van Toorn verscheen het in 1979 in Raster:

 Transitoverkeer

De kolenschaarste is groot

Spaart gas en prijzen van tramkaartjes! (Overgangsverkeer.)

Gevonden voorwerpen worden gezocht, de bekendmaking aan de lijn te houden

Hondenbelasting svp bij de stationsbeambten voldoen

Loketbeheer in het ziekenhuis (niet‑rokers onverwoestbaar.)

Deze plaats svp afstaan aan niet‑invalide honden

Elke handel is onbevoegde tandpasta (ook de sluikhandel.)

Juwelen zijn verboden en uitgesloten van verder reizen

Hoedenspelden zonder geleide moeten in het middenpad gaan staan

Niet in de rijdende kameraad springen (als de trein stilsta­at.)

Niet openen voordat de trein rijdt (ter verzorging der tan­den.)

Dat is de kardinale fout van onze politiek

Tags: 

Russian life (2)

 'For Valour', wat betekent 'Voor Heldenmoed' (2011) heet het drie wanden vullende panorama met oud-strijders uit 1941‑1945, voor Rusland nog steeds een Heilige Oorlog.

 De veteranen van het Rode Leger onder het opschrift dat je vast op hun medailles terugvindt. Ze staan te midden van bloe­men, al met één been in het paradijs. Is het de Styx, de rivier van de vergetelheid die rondom ze stroomt? Dat moet haast wel, want de oorlogsmythe van Stalin heeft lelijke kanten. Russen die in Duitse krijgsgevangschap terecht kwamen werden bij terugkeer in kampen gezet als mogelijke spionnen en geen Helden van de Sovjet-Unie. Dit moet wel 9 mei zijn, hun feestdag. Als ze naar ginds zijn kunnen de vetera­nen van Afghanistan en Tsjetsjenië hun plaats innemen.

 Dubossarsky en Vinogradov schilderen twee decaden post‑Sovjet geest. Van 1990 tot nu. Van ineenstorting en losbraak naar Poetin. Tot voor kort in een mengsel van ernst en ironie, soms scherend langs Andy Warhol en Jeff Koons, maar voor hun nieuwste werk gaan ze ook de straat op. Bovenin KAde is al wat te zien uit de serie Khimki life (de buurt waar ze hun atelier hebben).

Russian life (1)

 Of had hij 'Russian glamour' moeten heten, de schilderijen- expositie van Dubossarsky en Vinogradov in de Amersfoortse Kunsthal KAde? Hun vakmanschap uit de tijd van het Sovjetrealisme, passen ze toe op het Rusland van nu en daar komen vreemde voorstellingen uit voort.

 Van een prachtig tableau de la troupe van gedecoreerde Stalin-strijders - ze vullen een enorme zaal - tot hoeren in hartverscheurende interieurs. Het één al Russischer dan het ander. De kunst na Gorbatsjov en Jeltsin was depressief, zeggen Dubossarsky en Vinogradov, 'wij wilden het paradijs schilderen.'

 Alles in het groot. Het begon met een oogstfestival in 1995, klassiek van com­positie, de rode tractor ontbreekt niet, maar de boeren van deze Kolchoz geven zich over aan een totale orgie. En gek genoeg is het dan ook niet vreemd als krachtpatsers uit de Sovjet­tijd dat doen. Propagandistisch optimisme blijkt onverwoestbaar, ook als je het toepast op nieuwe, totaal andere omstandigheden.

 

Het grote veinzen

 De omslagprent is al dubbelzinnig. We zien de juffrouw met haar meid, voor haar kaptafel. Twee spiegels, in de ene - vermoed ik - hoe ze er graag uit wil zien in de andere, links terzijde haar ware gezicht, dat ze opmaakt.

 Ik heb haar uit, D'Openhertige jufrouw (1680). En kan haar iedereen aanraden. Als deze allereerste hoeren-autobiografie in Europa - verre voorloopster van de Happy Hooker - door een Nederlandse man geschreven is, zoals Inger Leemans veronderstelt, dan moet er naast hem toch wel een Amsterdamse uit het vak hebben gezeten.

 'D'ontdekte geveinsdheid' is de ondertitel, en die slaat niet alleen op de veinzerij waarmee hoeren mannen verleiden, maar op de huichelarij waarvan heel onze samenleving is doortrokken. D'openhertige juffrouw is een intelligent en ondermijnend boek. Onze moraal blijkt te hoog gegrepen voor de meeste mannen en vrouwen. En de hoeren die daar listiglijk gebruik van maken krijgen de schuld. De ondertitel Mutato nomine de te Fabula narratur, 'verander de naam en het verhaal gaat over jou' treft de lezer onder de gordel.

 Als het om de liefde gaat kun je mannen alles wijsmaken. Dat zij de enige zijn, dat vooral, dat je nog maagd bent, zelfs dat je zwanger bent. Mannen zijn een onuitputtelijke bron van vermaak. De juffrouw weet hoe ze aan te pakken, maar de echte fijne kneepjes van het vak houdt ze voor zich, zegt ze nog even. Ze 'sal se liever in een eeuwige stilswygendheid begraaven, ten einde men my niet na kan geven, dat ik de kinderen van eerlijke luiden op den doolweg geholpen heb.'

 Cultuurhistorica Inger Leemans is te horen in de seksweek van de Avonden, op 16 mei.

Tags: 

Oranje. Waarom eigenlijk?

 Met Simon Groenveld, bij wie geschiedenisstudenten Mark Rutte en Willem Alexander college liepen, gepraat over de bizarre manier waarop de twee overheden van de Republiek sinds Willem van Oranje gekoppeld raakten. De burgers van de Staten Generaal en de graven en prinsen van ministaatjes in Duitsland en Frankrijk.

 Dit naar aanleiding van 'Constantijn Huygens op dienstreis', het door hem teruggevonden reisverslag van de secretaris van Frederik Hendrik uit 1654.

 De Oranjes waren geen vorsten maar ambtenaren in dienst van het burgerlijk gezag. Frederik Hendrik kon daarmee omgaan, maar zijn zoon Willem II begreep het niet. Hoewel zijn vader door zijn secretaris Huygens het hem in twee testamenten nog wel zo duidelijk had uitgelegd gedroeg hij zich als een balorig vorstenkind. Schoffeerde links en rechts en leende geld, bijvoorbeeld twee miljoen van de rijke stad Amsterdam. Toen hij niet aan de verplichtingen kon voldoen gaf hij in 1650 opdracht de stad te belegeren. Als hij niet in dat zelfde jaar aan de pokken was gestorven was er een hoop ellende van gekomen. Gevolg: het eerste stadhouderloze tijdperk.

 Simon Groenveld vertelt ‑ primeur! - vrijdag in de Avonden van de twee waarschuwende testamenten die Frederik Hendrik zijn zoon naliet - handschrift van Huygens - en die hij terugvond in een Oostduits archief. Niet dat het geholpen heeft. Oranje. Waarom eigenlijk? Eerst waren er legeraanvoerders nodig, maar toen de tachtigjarige oorlog eenmaal gewonnen was en het rampjaar 1672 voorbij zat men met een adellijke familie die niets duidelijks te doen had.

 En zo is het nog.

Tags: 

Voorstelling

 Gisteren werd vanuit Amsterdam een nogal eigenaardig, ellenlang rechtstreeks televisieprogramma uitgezonden. Vandaag blijken er 11,2 miljoen mensen naar gekeken te hebben. 

 Reality-tv, televisie die doet alsof ze werkelijkheid is. Waarbij de acteurs zich zo spon­taan mogelijk moeten betonen. Binnen de opzet. Maar die opzet was rom­melig en zat vol stoplappen. De regie aarzelde tussen swingend en statisch. Tussen plechtigheid en show.

 Commen­tatoren die toch de schakel tussen de kijker en het gebodene moeten zijn begre­pen hun rol niet, uitleggen wat en wie er te zien en horen is. Wordt iets langdradig, dan neem je het even over. Maar nee.

 De voorstelling rammelde kortom, met als diep­tepunt een ein­deloze rondvaart zonder camera aan boord en met voorbij­suizende acts op grote afstand. Onbegrij­pelijk. Als zo'n koningshuis er werkelijk is voor ons kijkers, zoals de hoofdrolspeler benadrukte, dan gaat het toch in de eerste plaats om de voorstelling. Aan hem en zijn gezin heeft het niet gelegen. Zij begrepen wat er van ze verwacht werd. Hun per­formance was vlekkeloos, terwijl aan draaiboek, regie en bijrollen van wat professionals zouden moeten zijn onbegrijpelijk veel schortte.

Niet

 Zelden weet ik zo goed waar ik niet bij hoor. Juist omdat ik bekropen word door valse sentimenten. Nog zie ik op het schoolplein in 1955 de roodwitblauwe melkbekers met een oranje leeuw erop, uit­gereikt aan ieder schoolk­ind, in het gedrang aan scher­ven gaan. Een schoolplein vol roodwitblauworanje scherven. Mijne bleef heel en bladderde in jaren af. 

 Ook het huwelijk van Beatrix in de Westerkerk. Waar ik om de hoek woonde en rijen exoti­sche Koninklijke gasten in de stromende regen langs de ­grachten hun auto's zag terugzoeken, nadat de rook­bommetjes van Jaap en Lia Zander in de Raad­huis­traat waren afgegaan. Ik kende ze. Was tevoren bij ze langs op Witten­burg. En herinner me hoe hun schild­pad een in de zon glimmend spoor van schildpaddenstront over de planken vloer trok. 

 Mijn vriend Jilles Nieuwstraten, kenner van Eric de Noorman, maar ook wachtmeester bij de rijkspoli­tie in Spijkenisse, deed die dag dienst in Amste­rdam en kwam even - geschrokken - bij mij uitblazen. Zat in uniform op m'n studentenkamer thee te drinken voor ie weer moest.

 Er is altijd een andere kant. In 1980 bleef ik maar binnen. Vond de slogan 'geen woning geen kroni­ng' eenvoudig te dom.

Koning Gorilla

 Ach hadden wij nog vorsten, zoals de vrouwengek Karel IV van Bohemen, bezongen door Bohumil Hrabal in zijn Danslessen voor gevorderden of onze eigen Willem III. Koning Gorilla, tegen wie de anarchist Sicco Roorda van Eysin­ga in zijn schotschrift uit 1887 zo tekeer gaat dat hij juist een diep heimwee bij me oproept naar de ware monarchie. Zie Koning Gorilla, hier in Zwitserland:

 'Te L..... waggelde hij smoordronken over straat en liep gevaar door de glasruit van een bazar te rollen. Te V. deed hij op klaarlichten dag de vuilste sletten komen in het logement waar hij zijn intrek had genomen, terwijl hij de villa A. geheel bevolkte met veile deernen. Te C. in het hotel R. vertoonde hij zich naakt als een zwijn in den tuin, terwijl dames voorbij kwamen. Een Amerikaan, die met zijn vrouw en dochters in dezelfde plaats gelogeerd was, dreigde hem voor zijn raap te blazen als hij zich niet behoorlijk kleedde, en klaagde hem aan bij de poli­tie wegens 'aanslag tegen de zeden.' Gorilla werd daarop gedagvaard, maar antwoordde dat hij 'onschendbaar' was en heesch ten teeken daarvan boven zijn logement de vlag van zijn land, die met roem gewapperd had op alle zeeën en nu moest dienen tot bescherming van de bestialiteiten van dezen mandril.'

 Willem III had het begrepen.

Dienstreis (2)

 In de Haagse kerk opende Beatrix een Huygens-expositie. Haar laatste lint.

 Geen toeval. Het was Constantijn Huygens die - niks republiek - van de Oranjes vorsten maakte, met paleizen en kunstver­zamelingen. Zo zag hij ook toe op de bouw van Huis ten Bosch voor Frederik Hendrik en Amalia van Solms, waarvan de Oranjezaal in de kerk is nagebouwd. Een propvol monstrum van classicistische schilderkunst waaraan wel dertien schilders werkten, en de regie van Huygens faalde. Met boven in de koepel het portret van de vrouw naar wie huidige Oranjes hun oudste dochter noemden: Amalia. Het houdt nooit op.

 Huygens, de perfecte hoveling, secretaris en raadsheer. Gunsteling en dichter van gelegenheidsverzen per strek­kende meter. Altijd bezig met z'n carrière en die van z'n kinderen. Maar ik vergeef hem alles, want hij ontwierp de Schevenings­eweg, van de stad naar zee, in één rechte lijn.

 Morgen ben ik bij Simon Groenveld, die Huygens verslag van z'n dienstreis naar de Oranje-domeinen langs de Moezel en de Rijn terugvond en uitgaf. Geld innen, daar ging het om! Geld voor onze vorsten.

 ps. Ik blijf me verbazen over de Oranjezaal in Huis ten Bosch.. Waarom toch dat portret van Amalia daar bovenin op de plaats waar katholieken in een kerk god doen, die uit de hemelen neerziet? Als het nu Frederik Hendrik was geweest, die net gestorven was en voor wie ze dit als mausoleum bedoelde..

Juffrouw (3)

 Vanmorgen kwam D'Openhertige Juffrouw via Antiqbooks in de brievenbus. Ze valt niet tegen.

 Al zijn haar bekentenissen waarschijnlijk toch door een man geschreven, ze zijn meer dan een vrouwelijke schelmen­roman. De juffrouw ziet seks - ook in het huwelijk, een hoer met één klant - als handel. Goed geld en goede seks moeten hand in hand gaan. Maar geil­heid mag geen zwakte worden. Als ze soms bezwijkt voor haar eigen ver­liefdheid of begeerte komt dat haar steev­ast duur te staan. De man in kwestie kan rekenen op - vaak komis­che - wraak.

 Het boek is net als de Ragionamenti van Aretino een grote aanval op de hypocrisie. Daarbij is zij echter niet alleen de hoofdfiguur maar ook de 'schrijfster'. En zo kan ze haar collega-schrij­vers - die 'Sotte Poëten' met hun 'voddige en lamme rymen' voorhouden dat ze geen versc­hil ziet tussen haar werk als hoer en schrijven om de lezer te vermaken. Verleiden is haar werk. En daar goed mee verdienen.

 Het is soms of ik Arnon Grunberg hoor. We praatten hier eens op deze manier over

Pagina's