Sanskriet was geen omgangstaal, eerder een soort 'stadhuistaal' voor officiële stukken. En Tieken zag ‑ als eerste Indoloog ‑ dat het niet bedoeld kon zijn als 'doeboek', daarvoor is het te vreemd. Vandaar die onmogelijke standjes, waaruit je zonder dokter niet zou loskomen en in elk geval veel bedienden nodig zou hebben.
Zo onderscheidt de auteur, Vatsyayana, in een hoofdstukje over 'Slaan en kreunen' acht verschillende kreten: 'gejank, gekreun, gekerm, gehuil, gesis, gegil, gesnik, en, als achtste uitroepen als 'moeder help', 'hou op', 'laat los' en 'genoeg'. En zegt: 'Bij wijze van kreunen kan de vrouw ook allerlei diergeluiden voortbrengen, bijvoorbeeld dat van de duif, koekoek, tortel, papegaai, bij, nachtegaal, gans, eend of patrijs.' Komisch zijn ook de 'gedichtjes' tussendoor als:
een man die over zijn gehele lichaam
op de gekste plekken met krassen is bedekt
maakt zelfs de meest degelijke vrouw helemaal gek.
Niets is opwindender en wakkert de passie meer aan
dan de sporen van bijten en krassen.
Vanavond is Herman Tieken te horen in de Avonden.