Zitten (voor Rudy K.)

 Het pornonummer van Tirade ontstond uit de vraag van Rudy Kousbroek naar betere pornofilms. Het moest mogelijk zijn ‘in zestig seconden een situatie te scheppen die maakt dat je de daarop volgende handelingen ervaart als een vervulling..

 Bestaat er zitporno? Al sinds mijn tantes Karin en Nel ben ik geobsedeerd door het vrouwelijk zitten. Te beginnen het gaan zitten. De tante komt binnen, kijkt de kamer rond. Er wordt haar een stoel aangeboden maar ze verkiest een andere. Ze is het type vrouw dat optreedt waar ze ook gaat, zich erop kleedt en opmaakt voor ze de deur uit gaat.

 Waaraan moet haar stoel voldoen? Ten eerste in het licht staan, zodat ze er goed in uitkomt, de bekleding contrasterend met wat ze draagt. Vanochtend, dit bezoek voorziend, heeft ze voor een lichte rok gekozen, wetend dat ze in deze bruinleren fauteuil terecht zou komen.

 Wat of ze drinken wil? Gin tonic. Langzaam laat ze haar achterwerk neer in het zitcomfort, uitgezocht op erin wegzakken, waarbij de knieën omhoog steken en de rok wat opschort, zodat het in gespeelde kuisheid omhoog sjorren aan de zoom in het zitten kan worden opgenomen. Voeg hierbij het delicate 'gaan verzitten'. Waarbij op goed gekozen momenten het ene been over het andere geslagen wordt. De kousen schuren  hoorbaar over elkaar.

 Dan komt het moment dat ze vraagt of men er bezwaar tegen heeft als ze haar schoenen even uitdoet, ze knellen na zo'n dag op hakken. Soepel vouwt ze haar benen onder haar kont.

Zoiets Rudy?

Tags: 

Historias

  In de film Historias etc. belandt een jeugdige fotografe in een Braziliaans spookdorp waar iedereen 'vergeet te sterven'.

 Het kerkhof is er gesloten 'omdat God het wil'. Maar als je wil weten waarin de gelukzaligheid van de oude dag van de bewoners ligt kom je niet verder dan wat cliché’s. Samenleven in pais en vree. In een vrouw altijd het meisje van 18 terug zien dat ze eens was.

 De fotografe doet wat jonge kunstenaars doen. Ze fotografeert pittoreske oude mensen, met een analoge camera. Afdru­kken doet ze zelf en de resultaten worden in zwartwit nog ouder dan oud. Er ontst­aat een arcadische voor­tijd. Ouderdom als speelgoed voor jonge mensen. Dit idee fixe wordt wel erg ver doorgevoerd. Er loopt een spoorweg door het dorp, maar treinen zie je niet, hoewel de rails zichtbaar glimmen, er moet dus die dag nog gereden zijn. Maar films­ter Julia Murat had een opgeheven lijn n­odig.

 En dan het onuitroeibare cliché: oude mensen leven in hun herinneringen. Vooruit, de grootste ramp die mij zou kunnen overkomen zou zijn weer achttien te moeten zijn. Alles wat ik goddank achter de rug heb weer van voren af aan! Ik moet er niet aan denken. De titel Historiás que só existem quando lembradas ('Verhalen die alleen bestaan wanneer ze herinnerd worden') is ook wel jammer. Zeker, een niet herinnerd verhaal verdwijnt.   

Wendelien Schönfeld in het Rembrandthuis

 Je hebt het water en de lucht. En het licht dat de twee bindt, ze kleur geeft. Het is warm, maar al te vaak.

 En dan de mensen. Wat doen mensen in zulke omstandigheden? Ze springen in het water en zwem­men. Het water, dat spat en rimpelt. Dan zie je de lijnen. Van het spoor, van hijskranen, hoogspanningsmasten, daklijsten. En de vlakken, van huizenblokken, schepen.

 Wendelien Schönfeld ontleedt en regisseert al deze elementen met strenge hand. Dwingt ze met haar guts binnen het vlak op de plaats die ze is toegedacht. Zo ontstaat de orde van haar houtsneden in vier druk­gangen. Haar orde. En dan heb ik er nog maar één beschreven. Ga kijken in het Rembrandthuis, daar hangen er nu tientallen.

 Maandag in de Avonden meer.

Porno

 Tirade heeft een pornonummer uitgebracht. Aanleiding is het stuk 'De troost der pornografie' van Rudy Kousbroek, geschre­ven in 1984, de tijd dat seksuele revolutie en feminisme aan de zelfde keukentafels ontbeten. 

 Kousbroek wilde de porno-industrie bevrijden van de Jaco­bse en Van Es-achtige exploitanten. Er van over­tuigd dat 'het mogelijk moet zijn om adembenemend mooie por­nografische films te maken'. Lukt dat in de literatuur? Hij noemt Bataille (sommige hoofdstukken) en Kawabata Yasuna­ri. Magertjes. Geen de Sade? Nee geen Sade.

 Eigenlijk leert deze Tirade wat ik wist. Hoe meer er verstan­dig over gesproken wordt, hoe minder het werkt. Porno hoort 'onder de toonbank': een cd van de markt, inter­net, een van de dertig televisiekanalen op een Italiaanse hotelkamer, een 'boekje' dat naar ver­zuurd papier riekt. Porno sterft als ie aan het daglicht komt. Hoe en waarom lees je in Tirade bij Tijs Goldsc­hmidt en Karin Amatmoekrim ('Kunstzinnige porno werkt niet').

ps. Vreemd dat Tirade het oorspronkelijke stuk van Kousbroek - waar alle scribenten op reageren - niet afdrukt.

Koperen Luistertrompet (1)

 Met Rudy Kousbroek heb ik het er nog wel over gehad. De eerste keer zaten we samen op de gang bij een uitgeverij, binnen werden toespraken gehouden.

 'Ik versta er toch niks van,' zei Rudy. 'Ik ook niet,' zei ik. We raakten in gesprek over doofheid. 'Je kan beter blind zijn,' zei Rudy, 'je weet wel waarom.' 'Zeker,' zei ik, 'blind is tragisch.' 'En een dove is een idioot. Doofheid is belachelijk.'

 Ik vertelde hem van mijn stripheld professor - hoofd bonkt wordt roodvonk, grappig - Zonnebloem. Dit alles herinnerde ik me toen ik de kunstverzamelaar Otto Schaap tegenkwam, die me onder m'n neus duwde wat ik onmiddellijk herkende als de 'koperen luistertrompet' die door Gerard Reve beschreven wordt in de Avonden. Een handig instrument, omdat je het luister­gedeelte voor de mond van de spreker kunt houden. Ik sprak keurig in de beker van de trom­pet.

 Immers een elektronisch hoortoestel heeft z'n microfoontje op een veel onvoordeliger plaats zitten: achter het oor. Zodat de stem van de spreker eerst een heel stuk akoestische ruimte - vol omgevingsherrie - moet passeren voor hij wordt opgevan­gen en versterkt.

Hoe je teweer te stellen tegen een academie

 Samen met een - inmiddels in de kunst succesvolle - oudleerlinge was ik vanmiddag op de eindexamen­tentoonstelling van de Rietveld Academie. Ze noteerde haar 'gedachtenspinsels' voor me:

 'Eigenlijk zit je op zo'n academie voortdurend opgesloten. De beste werken gaan daarom voor mij over ontsnappen. Claudia Mulder brengt dat in beeld. Een appel beeld je af (want je kan hem niet meer eten, hij is beurs) en je tanden zet je dan maar in een plaat.'

 'Wat doe je tegen het je meten en het gemeten worden? Het allermooiste antwoord staat bijna onzichtbaar tegen een plint, verstopt achter ander werk: drie half uitgewiste lineal­en. Om je op blind te staren.'

 De tentoonstelling is nog tot en met zondag te zien in de Rietveld Academie.

Fischli & Weiss

 Ook in Boijmans, bij de Duitsers gezien, betonkunst van het Zwitserse duo Fischli & Weiss. Grappig, twee platen kiezelbeton liggen in het zicht van het kantoor.

 Ik ken dat kiezelbeton. In het Hilversumse vergadercircuit kijk je er vaak op uit. Vrij grof grind. Ik denk altijd dat dat wel invloed moet hebben op de programmering.

 Hun bekendste werk is intussen de 'post-apocalyptische' halfuurfilm Der Lauf der Dinge, waarin een niet te stuiten ket­tingreactie leidt tot catastrofe. Zie de korte versie.

 Ze begonnen in 1979 met verwerking van vleeswaren in een worstserie. In 2003 kwam nog een vragenlijst. Met vragen als "Can I restore my innocence?," "Does a hidden tunnel lead directly to the kitchen?" en "Does a ghost drive my car around at night?"

 In 2003 hadden ze een grote tentoonstelling in Boijmans. David Weiss stierf in april jl.

Dr.John

 Vanavond treedt Dr.John 'the Nighttripper' op in Paradiso. Meesterpianist, erfgenaam van de New Orleans-muziektraditie.

 Niet die van de jazz, die van het 'second line' ritme in pop, voor piano en blazers. Ik ontmoette hem in 1970 in de tent op het Kralingse popfestival, waar hij zich zat om te kleden. Wat hij aantrok was zo te zien een oud pak van z'n vader, waar hij met wit en rood krijt verticale stre­pen op had gemaakt. Z'n gezicht en kleren onder de pailletjes en z'n hoofdtooi kwam uit de speelgoed­winkel. Naast hem zaten z'n twee zan­geressen te giechelen, waarvan er eentje Shirley Goodman bleek te zijn, van de hit Let the good times roll.

 Later zag ik hem terug bij de tv uitzending van vpro's Piknik, live vanaf de ruïne van Brederode. Daar kreeg hij eerst van de huisdealer een blok rode Libanon, dat hij met grote happen opat. Zijn optreden was er naar. Na een liedje of wat ging hij over op een New Orleans-parade, de traditie waarbij muzikanten in ganzenpas door de straten gaan. In dit geval verdwenen ze - met flam­bouwen en al - in het bos achter de ruïne, de microfoons vingen al snel niets meer, de camera's zagen Dr. John in het donker verdwijnen. 

Tags: 

Luftkrieg und Kunst

 W.G.Sebald schreef een vlammend schotschrift over het nagenoeg ontbreken van de vuurstormen in de Duitse literatuur.

 De vuurstormen - Hamburg, Dresden, zoveel meer - vanaf 1942 aangericht door RAF-bombardementen die 600.000 burgers het leven kostten en het einde van de oorlog geen stap dichterbij brachten. Dat was ook niet de bedoeling. Eigenlijk ging het om vergelding, om straf.

 Volgens bevelhebber Sir Arthur 'Bomber' Harris was er een 'poëtische gerechtigheid' aan het werk: 'that those who have loosed these horrors upon mankind will now in their homes and persons feel the shattering strokes of just retribution'. Drieëneenhalf miljoen huizen werden verwoest, de Duitsers ondergingen het en zwegen. Ook de schrijvers, op uit­zonderingen als Heinrich Böll (Der Engel schwieg - pas in 1992 verschenen, te pijnlijk) na. En zo blijft een essentieel stuk Duitse geschiedenis tot op heden vrijwel verzwegen.

 Sebalds 'Luftkrief en Literatur' is in 2004 vertaald als De natuurlijke historie van de verwoesting. Deze zomer komt Logies in een landhuis. Morgen in de Avonden het antwoord dat de Duitse beeldende kunst wél gaf, de kunst van de Trümmerzeit. 

Tags: 

Thomas Bernhard

 Op 22 oktober 2010 is het tijdschrift Raster online gegaan. Geleidelijk komen de archieven beschikbaar. Nu is de beurt aan de 'Ereignisse' van Thomas Bernhard, eenendertig voorvallen waarvan dertien met dodelijke afloop, want: 'Wir hassen, was wir sind, was wir aufschreiben, ist der Tod'. Vertaald in 1982 door Hans W. Bakx. De serie begint zo:

  TWEE JONGE MENSEN vluchten een toren binnen die tot verdediging van de stad heeft gediend en beklimmen hem, zonder een woord te spreken. Ze willen hun zwijgen niet door verraad teniet doen en brengen in gedachteloze haast hun plan ten uitvoer. Halverwege zien ze een onbestemde flard van het landschap waarin de toren staat. Tussen de kilte van de muren tuime­len ze als in een ijsklomp naar boven: met open monden en gestrekte armen, in het idee met die halfware gebaren de afstand die ze willen afleggen kunstmatig te verkleinen. Nu blijkt dat het meisje door haar fantasie tot groter snelheid in staat is dan de geestelijk onvolwaardige jongen, en het is belangrijk vast te stellen dat zij, hoewel ze acht of tien trappen achter de jongeman, haar minnaar, aan naar boven klimt, in werkelijkheid vijftien of twintig traplengtes op hem voorligt. De geheel en al vensterloze toren is een voorpost van het donker en als zodanig heel duidelijk herkenbaar. Als ze eindelijk boven zijn aangekomen, kleden ze zich uit en vallen naakt in elkaars armen.

Tags: 

Pagina's