Edersee

 Plaatsnamen. Vandaag van een stuwmeer nabij Kassel. Die niemand wat zegt, behalve degenen die weet hebben van The Dambusters.

 Engelse piloten en de geleerden die de bommen ontwierpen waarmee ze in 1943 de Duitse stuwdammen kapotbombardeerden die de oorlogsindustrie in het Ruhrgebied van stroom voorzagen. Een jaar lang trainden ze in Schotland met hun vinding: bommen die na het afwerpen door de Lancasters op 18 meter hoogte over het water moesten ketsen als jongenskeitjes en precies tegen de dam onder water exploderen. De Duitsers leek zoiets onmogelijk. Daarom hadden ze de luchtafweer van de dammen naar het Oostfront gestuurd.

 Pech, de Ederdam (gebouwd 1914) ging eraan, en meer dammen.

 Vanmiddag zag ik hem, in 1943 binnen vier maanden hersteld door 2000 dwangarbeiders, die tot 16 uur per dag werkten. Velen stierven..

 Ik weet dit alles omdat ik het boek van Paul Brickhill las op mijn twaalfde. Zodat de plaatsnaam Eder Talsperre een bevel werd. Ik stond vanmiddag op de Ederdam. En zag de lage aanvliegroute. 's Nachts..  

Kassel

 Net als Oblomov eindig ik vermoedelijk als een lezer van landkaarten. Omdat de namen van steden of straten nooit overtroffen kunnen worden door hun werkelijkheden.

 Waarom ben ik vandaag in Kassel en kijk naar het straatnaambordje Schöne Aussicht inplaats van me om te keren naar het dal van de Fulda en het terras vol eters achter me? Daarom. Daarom wandel ik door een straat die Am Weinberg heet.

 En was mijn redding vanavond de Philosophenweg, daar vlak achter.

 In het Haagse Bos heb je sinds jaar en dag een Filosofenpad. Nog hoor ik Remco Campert aan een jonge schrijver die zich daarover verbaasde uitleggen wat ermee bedoeld werd.

 In het witte huis woonden jarenlang de gebroeders Jakob en Wilhelm Grimm.

Fellini (3)

 Maandag 24 augustus 1962. In haar dagboek, bijgehouden tijdens de opnamen van '8 1/2', is Deena Boyer aangekomen bij de 'revolte der vrouwen'. Mastroianni als regisseur Guido hanteert de zweep. Filmen is ook vrouwendressuur. Wie oud en lelijk wordt moet weg. De vrouwen rebelleren.

 'Het draaiboek bestaat niet meer. We zitten midden in een koortswaan. Elke dag drijft Fellini het spel een beetje verder over die grens heen, die wij arme stervelingen aan zijn gemoedsbewegingen gesteld hadden. (...) De vrouwenrevolte gaat verder. Guido is een mengsel geworden van een cowboy, Superman en de markies De Sade.'

 'Je hebt me nooit bevallen!' brult hij tegen Madeleine en vernielt met twee zweepslagen de 'hoorntjes' van haar kapsel. Nu herinner je je welk een hekel hij in het werkelijke leven in één zin over die hoorntjes openbaarde: 'Je lijkt op een slak.'

 'Madeleine is te oud, te lelijk, ze moet gaan. Ze wankelt de trap op naar de vergeetzolder. Fellini heeft uit een stapel platen de muziek bij de afscheidsscene van de soubrette gekozen: 'Paris Canaill­e'.'

 Ga naar Eye, zie de films, de clips, de tentoonstelling.  

Tags: 

Lydia Davis (3)

 Steeds lees ik Lydia Davis, of beter in haar Collected Stories. Want zo'n lezer ben ik. Ze is ideaal om 'in' te lezen. Het kan nog lang duren voor ik - zo ooit - dit uit heb. Davis – die pas de Man Booker-prijs kreeg - laat je voortdurend halthouden. Haar bedachtzaamheid laat me het boek steeds neerleggen. Neem de schets 'Het gelukkigste moment':

 'Als je haar vraagt naar haar favoriet van de verhalen die ze geschreven heeft zal ze lang aarzelen en dan zeggen misschien dit verhaal dat ze eens in een boek las: een leraar Engels in China vroeg zijn Chinese leerling te zeggen wat het geluk­kigste moment in zijn leven was. De leerling aarzelde lang. Tenslotte glimlachte hij verlegen en zei dat zijn vrouw eens naar Beijing was geweest en daar eend had gegeten, en dat ze hem daar vaak van verteld had, en dat hij zou moeten zeggen dat het gelukkigste moment in zijn leven haar uitstapje was, en het eten van de eend.'

 En dan kan ik voorlopig niet verder. Het omgekeerde van 'pageturner' zou kunnen zijn 'pagebloc­ker'.

Tags: 

Bierviltjes

 Op een Haagse zomeravond in Pulchri, waar de nieuwe Extaze - het meest Haagse aller tijdschriften - werd gedoopt bleek de Binckhorstlaan het middelpunt van de wereld. Den Haag is overal.

 Een eerbetoon aan autosloperijen, stuifzand, het Schenkviadu­ct, waar Kees 't Hart 's nachts de frontale botsingen hoort, want hij woont er onder. De ouders van Wilma Marijnissen hadden een pompstation aan de Binckhorstlaan, ze maakte een requiem, Toon Tellegen schreef het gedicht 'Het middelpunt van de wereld'. En meer.

 De sloperij is gesloten, de Binckhorst moet­ weg.  

 De avond eindigde met bierviltjes, betekend door de meest Haagse aller fotogra­fen, mijn held Gerard Fieret. Honderden tekende hij er. Redac­teur Cor Gout vroeg Haagse kunstenaars van nu om meer. Iedereen deed mee. Hier Philip Akkerman en Marcel van Eeden.

Applaus

 Eric de Kuyper kreeg de vijfjaarlijkse essayprijs van de Academie voor Taal en Letterkunde voor zijn bundel 'Applaus' (2012). Goed idee. Nooit eerder las ik zo’n beschouwing over het fenomeen. Ik ging vorig jaar naar Brussel om hem te spreken voor de Avonden.

 'Het uitbundige applaus is unaniem en aanstekelijk. Het groeit, het is niet te stuiten, het grijpt om zich heen, maar vroeg of laat verstomt het en sterft weg.'

 Eric de Kuyper (1942), de filmregisseur, filmtheoreticus en schrijver van boeken als De hoed van tante Jeannot (1989) en het prachtige stadsportret Bruxelles, here I come (1993) werd in Brussel geboren. Hij schetste me het theater waarin hij opgroeide. Het doek gaat op, het roodfluweel van het gordijn sluit aan op de stoelen waarop wij zitten. En we weten dat - zo anders dan in film - de voorstelling elk moment onderbroken kan worden door wat ook, iets onverwachts.

 We zitten - niet toevallig - in de Muntschouwburg, waar op 25 augustus 1830 de vaderlandslievende teksten in de opera De stomme van Portici leidden tot revolutie. Nota bene op de verjaardag van koning Willem I.

 Theater berust, zegt hij, op een afspraak tussen optreders en publiek, de zogeheten 'suspension of disbelief'. We zullen tijdelijk doen of het vertoonde echt waar is. Maar na het slotapplaus is dat voorbij. Klappen mocht het publiek, hooguit boe roepen. Revolutie stond niet in het script.

 Eric verbaast zich tussen haakjes wel over de typisch Nederlandse gewoonte van de 'staande ovatie'. Een uiting van enthousiasme die verwerd tot een verplichting op weg naar de uitgang. 

Tags: 

Been

 Toen ik Joris van Casteren op radio en televisie het verhaal van zijn boek Het been in de IJssel hoorde vertellen dacht ik meteen 'Maarten Biesheuvel'. Maar die naam noemde hij niet. 

 Terwijl de plot van zijn roman toch veel gemeen heeft met het vier pagina’s lange verhaal Eén been in het graf' uit Biesheuvels Goden­cirkel (1986). Ook daar wordt een been separaat in een kinderkistje ter aarde besteld. En dat nog wel door de eigenaar - een zeevisser - zelf, die eerder al op zee een oog verloor, zodat op de zerk komt te staan: 'Hier liggen oog en been van visser Mallevoet/ te wachten op wat nog verder komen moet.'

 Bij van Casteren wordt het been gevonden in de rivier en gaat de schrijver op zoek naar de eigenaar. In de Volkskrant van vandaag krijgt zijn roman een vervolg als hij de eerlijke vinder van het been ontmoet. Die vertelt hem dat wat op pagina 37 van zijn boek staat niet klopt. Daar verhaalt Van Casteren over degeen die in het boek figureert als vinder - hij had zich telefonisch gemeld en wilde ano­niem blij­ven. De eigenaar van het been blijft intussen onbekend.

 Kern van het verhaal is bij Biesheuvel en Van Casteren het kinderkistje. En Biesheuvels oplossing lijkt me niet te overtreffen. Ook daar een gereformeerde gemeenschap. En de eigenaar van het been die zelf een schopje aarde op het kistje gooit.

Saraghina

 In Eye, op de grote Fellini-tentoonstelling is ook de dans van Saraghina te zien, uit Otto e mezzo (1963).

 Het moet wel waar gebeurd zijn, de journaliste Deena Boyer - die bij hoge uitzondering het maken van de film van begin tot eind mocht meemaken - citeert in haar boek 'De 200 dagen van 8 1/2' Fellini, die vertelt hoe deze openbaring 'in al haar schandelijke macht' tot hem kwam. Als achtjarige ging hij met vriendjes naar de hut van de hoer op het strand van Rimini: 'De zon ging onder tegen een lucht, zwaar van onweer. We tril­den van opwin­ding. Eenmaal op het strand gooiden we steentjes tegen de ramen van de hut. Tenslotte kwam ze naar buiten, gevolgd door een zwarte rookwolk - er verbrandde iets in haar haard. Onvergetelijk beeld: daar stond ze tegen de achtergrond van de schuimende zee, vloekend, reusachtig, in vodden, met witte ogen als van een leeuwin, haar kop grotesk vergroot door haar wilde haardos. 

 'We hebben geld!,' riepen de kinderen.

 'Gooi maar op,' antwoordde Saraghina.

 Maar de kinderen waren bang dat hun munten in het zand zouden zoekraken. Tenslotte moet Federico ze gaan brengen.

 'Sidderend blijf ik twee passen van Saraghina staan, dichtbij genoeg om haar geur te ruiken, een mengsel van algen, vis, tabak, rottend hout en petroleum. Saraghina telt het geld, kijkt ons vorsend aan en dan, terwijl de hemel violet kleurt, begint de rite.' 

Tags: 

Paper Art (2)

 Wat is er aan de hand met papier? Het moet hem zitten in de vergankelijkheid. Zo kwam voorzitter Mao tot zijn 'pa­pie­ren tijgers' (de tegenstander), zo raakten illusies zoek in Steve Winwoods gedichtje 'Paper sun'.

 In Apeldoorn verdween mijn wantrouwen in een middag bij wat veertig artiesten doen met vergankelijkheid.

 Movana Chen fabriceert tricot uit de papierdraden, ontstaan als je oude tijdschriften door shredder haalt. En breit er een 'Body Container' van voor Kuifje. Stond in Vogue. Huh?

 De Italiaan Andrea Mastrovito maakte een papieren versie van een archeologische vondst: een 6000 jaar oud graf in Mantova met twee geliefden, in elkaars armen begraven. De Deen Peter Callesen snijdt figuren uit en klapt ze rechtop rond zijn 'Transparent God'. Hij maakt trouwens ook vergankelijke sprookjes uit ijs en sneeuw. En de Engelse Claire Brewster laat vogels vliegen uit verknipte zeekaarten. Dan gaat het ijle papier hout en steen te boven.

 Ironisch is de recente uitvinding van het 'kranthout': hardgeperst papier dat je kunt zagen als een boomstam. Mooie doorsnee. Zo wordt papier - bij Vij5 en Mieke Meijer - weer hout, en vertimmerd tot het bankje waar ik op zit. Op het Eindhovens Dagblad. De cirkel is rond.

 Maandag in de Avonden meer.

Tags: 

Paper Art (1)

 Mijn papiergeschiedenis begint niet ver van Apeldoorn - waar het Coda Museum nu weer een Papier Biennale houdt - in Eerbeek. Ik woonde er toen er nog zes papierfabrieken stonden.

 Papier, golfkarton, doosjes voor de Prodent-tubes, etiketten voor de jampotten van Flipje Tiel. Ik zag ze geboren worden in de fabriek waarvan mijn vriendje Evert Schut de erfgenaam was. Later was hij het die de Eerbeekse papier saneerde, vertelde zijn zus me eens.

 Voor papier heb je veel water nodig, dat de beek van de hoge Veluwe aanvoerde, en dat de fabrieken uitstroomde in de kleur van de dag. De beek, vol vellen, was 's ochtends als ik er­ langs naar school liep soms groen, soms rood of paars, afhankelijk van de verfstoffen.

 Ik weet dus hoe papier gemaakt wordt, hoe het aanvoelt, van balen oud papier tot pulp en cellulose, en dan uitgedroogd in brede banen langs eindeloze rollen, tot het warm en zacht knet­terend op brede rollen werd afgevoerd.

En nu dan Paper Art. Werk van mensen die snappen hoezeer ons bestaan verweven is met het vastpakken, openslaan, dichtvouwen, bladeren. En het ruiken van bedrukt papier.

 ps. Opeens zie ik massa's dorpskinderen uitlopen naar de spoorweg, waar een goederenwagon was opengegaan, waaruit duizenden etiketten van Flipje Tiel over het talud woeien, met onderop de merkjes met 'punten' die recht gaven op Flipje-strips. 

Tags: 

Pagina's