Hoe Lotte's dobberende robot verdween (2)

 Drijvende robot 27109 werd dus aan de zuidpunt van Portugal losgelaten in de sterke Canarische Stroom. Robot 127110 in de Golf van Mexico. Beide bollen zijn uitgerust met sensoren onder zeeniveau.

 De bedoeling is dat de robots mekaar tegen september van dit jaar halverwege zullen ontmoeten. Lotte werkt met vier maritieme instituten aan voorspellingen van zeestromen. De oceanografen berekenen de kansen, mogelijke tijden en plaatsen voor een ontmoeting. Althans, dat is de bedoeling.

 Totdat 127109 vier weken geleden plots met een kaarsrechte lijn naar een haven in Marokko bewoog. Lotte schrijft: 'Sinds 127109 aan land is wil iedereen die het project volgt weten wat er is gebeurd. Ik ook.' Ze gaat naar Marokko. Documentairemaker Heidi Vogels legt haar zoektocht vast op film. Vier dagen geleden is het laatste signaal afgegeven in de haven van Asilah. Daarna niets.

 Eindeloze omzwervingen volgen, zonder resultaat. Tot het mirakel volgt. De volgende middag om drie uur komen ze weer op het hoofdbureau van politie in Asilah: 'En daar ligt plots 127109 ongeschonden voor de poort. "Niets vragen!" zegt het hoofd van de politie in het Frans. "Maar we zijn gekomen voor het verhaal, helemaal uit Nederland en zijn benieuwd wat er is gebeurd!".

 'Na veel omhaal stemt hij in om de dief/vinder te halen. Die komt lichtelijk beschroomd aanzetten. We groeten hem hartelijk en hij vertelt een verhaal dat zo ongelooflijk is dat het bijna wel waar moet zijn. Of niet: "Ik ging met de boot op zee in de avond, ik had al lang geen vis gevangen en ging verder op zee dan normaal om te kijken of ik daar meer geluk zou hebben. Ver van de kust verscheen er plots iets op mijn radar. Ik naderde het signaal en vond een bolvormig object. Ik dacht dat het een boei was; toen keek ik goed. Onder de boei spartelden tientallen vissen; minstens 50 waren gevangen in de rok die onder water aan het object hangt."'

 Ondertussen heeft Lotte het Amerikaanse oceanografisch instituut ingelicht en zij hebben geopperd een onderzoeksschip dat in de buurt is langs Asilah te laten varen en dat het object weer op koers te laten zetten.

 En zo zal 127109 binnenkort weer verder dobberen, op weg naar 127110. En komt er een film‑documentaire over Lotte's omzwervingen.

 Later meer

Tags: 

Hoe Lotte's dobberende robot verdween (1)

 In september jl. berichtte ik over het Oceanische project van kunstenaar Lotte Geeven. Vanuit Portugal en de Golf van Mexico staken haar twee robots, 127109 en 127110, van wal om elkaar hopelijk halverwege te ontmoeten. Enkel voortgestuwd door de berekende, complexe zeestromin­gen.

 Zou zo'n ontmoeting mogelijk zijn? Amerikaanse wetenschappers volgden de twee per satelliet vanuit de ruimte, liefhebbers op Internet. En juist maakten ze zich gereed voor de grote oversteek toen opeens 27109 van de schermen verdween, nabij de Marokkaanse kust.

 Lotte reisde met filmster Heidi Vogels naar Tanger en Asilah, de haven waar het signaal verdwenen was. Zou de robot defect zijn, gestolen? Ze moest er heen. Uit haar reisverslag:

 'Iedereen in Nederland vertelde me: "Ga niet! Dat ding is open gezaagd en leeggeroofd." Ik weet het niet. De bol ziet er heel gewoon uit; niets aan de buitenkant verraadt wat voor technologie er binnenin zit. Het is ‑ eerlijk is eerlijk‑ een saai object dat op een boei lijkt en dat zou wel eens mijn redding kunnen zijn.'

 Eenmaal in Asilah - een beruchte haven voor drugs en mensentransport - ontwikkelt zich een scenario dat doet denken aan Kuifje en de Krab met de Gulden Scharen, met professor Zonnebloem als satelliet-wetenschapper, maar ook de film Casablanca.

 Lotte en Heidi gaan met een uitgeprinte foto van de 127109 op weg naar de plek waar het laatste signaal is afgegeven, vier dagen geleden, traceerbaar, hier in de haven. Lotte: 'Helaas. Daar blijkt niets te liggen. Alleen maar haven, een leeg stuk zee, een kade en een gebouwtje in het gebied rond het coordinaat. Het vermiste object werkt als een rattenvanger van Hamelen, meer en meer mensen bemoeien zich met de zoektocht. De imam en lokale vissers gaan demonstratief meezoeken; wijzen richting lege plekken in het water en roepen: 'Ce n'est pas ici!'. Iemand oppert een mogelijk verband met drugstransport. Zo'n object gevuld met hasj! het idee. Hoeveel drugs zou er in die bol kunnen zitten.' 

 De politie doet moeilijk. Maar de politiechef verandert van inzicht als hij Lotte's beschrijving van het wetenschappelijk kunstproject in het Frans heeft gelezen: 'Mais.. c'est magnifique, c'est poésie!'

 Wordt morgen vervolgd. 

Tags: 

Belle van Zuylen verfilmd

 Al lezend in haar brieven en biografie maak je een film over Belle van Zuylen. Het scenario komt in de buurt van Liaisons dangereuses, een boek dat pas 18 jaar na onderstaand drama zou verschijnen.

 Het meisje Van Tuyll van Serooskerken, de latere schrijfster Belle van Zuylen wandelt door 18de eeuws Nederland en Frankrijk, schrijft in het Frans, wordt beroemd. En - uitzonderlijk – formuleert in taal van nu wat ze denkt. Ze ontmoet Voltaire en vele anderen. Ze heeft een 18 jaar oudere minnaar, Constant d'Hermenches, de liefde van haar leven. Dat ze met hem wil trouwen vinden haar ouders niet bezwaarlijk. Wel dat hij katholiek is. Ze schrijft hem op 16 augustus 1764 (ze is 20):

 'Ik had geweigerd om te gaan wandelen, ik had mijn kamer niet willen verlaten. Ik was zo geagiteerd dat mijn moeder er van schrok toen ze naar me kwam kijken; maar ik hield vol dat er niets met me aan de hand was, ik gaf haar de brief aan mijn vader, en wij zwegen lange tijd. Toen greep ik de eerste de beste gelegenheid aan om de stilte te verbreken en zei duizend dwaze dingen die jou zouden hebben geamuseerd, ondanks onze narigheid. Onveranderlijk volgt dat bij mij op verdriet; uit de agitatie van mijn geest, de opwinding in mijn hoofd worden duizend grappige ideeën geboren die ik niet kan tegenhouden, en die mij zelfs in de grootse vertwijfeling nog zouden laten lachen.' (...)

 En dus bedenkt het stel een list: Belle zal voor de vorm trouwen met een vriend van d'Hermenches, een zekere Bellegarde. Dan hebben ze vrij spel.

 'Misschien zal ik niet de taal der welvoeglijkheid spreken, maar wat is welvoeglijkheid vergeleken met integriteit? Welnu dan, als ik liefhad, als ik vrij was, zou het mij heel moeilijk vallen deugdzaam te zijn. Mijn zinnen zijn als mijn hart en geest: begerig naar genoegens, ontvankelijk voor de hevigste en subtielste indrukken. Geen voorwerp dat zich aan mijn blik vertoont, geen geluid laat na mij een plezierige of een onplezierig gewaarwording te bezorgen zelfs een nauwelijks waarneembare geur streelt me of hindert me, elk verschil in de lucht die ik inadem, of zij iets zoeler is, iets zuiverder, beïnvloedt mij evenzeer.'

  En tja, er bestaat inderdaad een film over Belle van Zuylen, in 1993 geschreven en gemaakt door Digna Sinke. Maar die laat een veel oudere Belle zien. D’Hermenches komt er niet in voor, wel de 27 jaar jongere Benjamin Constant, met wie Belle ook wel bevriend was, maar niet de liefdesgeschiedenis had die deze film vertoont. Zo verdween de plaatsvervangende echtgenoot.    

Liefdesbrieven in Gent

 In oorlog en vrede 1870-1930. Heet de schitterende tentoonstel­ling in het Gents Museum voor Schone Kunsten. Schilderijen, foto's, geliefden.

 Wat is een liefdesbrief? Je ziet de ander niet - het is soms oorlog - en probeert die in arren moede met woorden te bereiken. De moeilijkst denkbare opgave. Hoe breng je onder woorden wat er in je omgaat, wat je wilt zeggen? Het risico dat woorden averechts uitpakken vergezelt je bij iedere zin. Tot aan de brievenbus en daarna als je te binnen schiet wat je eigenlijk had moeten schrijven.

 Blijft de hoop op een goede verstaander of verstaanster. Bij ontmoetingen kun je het aan blikken zien als je een verkeerde toon treft, brieven zijn onherroepelijk.

 De schilderijen in Gent gaan vergezeld van vitrines met brieven, helaas niet in boekvorm te krijgen. Wat de correspondentie achter de schilderijen was moet je bij de meesten raden. Heel veel weten wij niet. En de tijd ging er overheen.

 Brieven blijven woorden onder vier ogen. Daarbuiten, zoals in deze vitrines, staan ze bloot aan oneindig veel misverstand, gissingen en vermoedens. Net als de schilderijen. Maar die spreken voor zich zelf.

 Intussen zie je het beste van de Belgische schilderkunst uit 1870-1930 plus wat erg mooie Fransen, Engelsen, Duitsers en Nederlanders. Van Tytgat tot Vallotton, van Picabia en Arp tot Evenepoel, van Dante Gabriel Rossetti en Khnopff tot Ensor, Van de Woestijne, Brusselmans en De Smet.

Donkere kamers in Gent (2)

 Pas tegen het eind van de 19de eeuw werd het woord depressie gebruikt als aanduiding voor wat heette een ziekelijke 'artistiek-romantische' melancholie. Zwaarmoedigheid kan lamleggen maar ook inspireren, wist men. Aristoteles meende al dat genieën altijd melancholiek waren. Nee, hij had het niet over de genieën die je in cafés ontmoet.

 Toch, het verhaal van genialiteit en waanzin duurt voort.

 Er is eeuwenlang gekletst over hoe het toch kwam. Vooral over de theorie van de vier humeuren, die voortkwamen uit lichaamssappen als zwarte gal - die neerslachtig zou maken, maar door latere medici nooit is aangetroffen.

 Flegmatisch, sanguinisch, cholerisch waren naast melancholisch de andere drie en filosofie is tot op de dag van vandaag het vak waarin je kunt beweren wat je wilt, zonder enige vorm van bewijs. De kunst moest het doen, zodat de prent Melencolia I van Albrecht Dürer eeuwenlang alle wijsheid samenvatte. Muziek, speciaal de luit wekte melancholie op, maar kon hem ook weer bestrijden. Saturnus was de god aan de sterrenhemel der zwaarmoedigen.

 Hoe je te bevrijden van zoveel onzin? De tentoonstelling laat - behalve de kunst - verrassende keus - die melancholie opleverde - zien hoe in de 19de eeuw individuele, medische behandelingen ontstonden. En in de tegenwoordige 'bijbel van de psychiatrie', het DSM 5, gaat het om negen symptomen, waarvan je er op z'n minst vijf moet vertonen.

 Je komt er niet ver mee. Wie iets wil weten over de geestesgesteldheid van een melancholicus kan beter de literatuur raadplegen. En als het om therapie gaat kom ik terecht bij Nietzsche – schrijver en filosoof ineen - die alleen gedachten vertrouwde die in de buitenlucht tot hem waren gekomen. Zie hem lopen in Sils Maria met zijn bekertje, waarmee hij fris bergwater tapte.

 Beweging, nieuwe indrukken, de geest verzetten, dat helpt nogal eens. Zoals de dichter J.J.L. ten Cate - graag geciteerd door Johnny van Doorn - het zei: 'Naar buiten jongmensch!'. Op de tentoonstelling is een mooie afdeling over de wandelaar en het landschap.

Donkere kamers in Gent (1)

 Weer heeft het Museum Dr. Guislain een tentoonstelling waarin kunst en geneeskunde elkaar vinden. ‘Over melancholie en depressie’ laat schilderijen, foto’s en beelden uit vele eeuwen zien van wat de samenstellers noemen ‘de zwakke plek in de liefde’.

 Als de depressie komt, valt je zelf uiteen en zal uiteindelijk je vermogen om liefde te geven of te ontvangen worden wegenomen.’  Aldus Andrew Solomon, die een persoonlijke geschiedenis van depressie schreef onder de titel ‘Demonen van de middag’.

 Of om een vriend aan te halen ‘je voelt niets meer, het is de ijshel’. Wat nog eens iets anders is dan het gangbare ‘je niet goed voelen’, dat gewoonlijk met het woord depressie wordt aangeduid. Die mensen immers beroemen zich erop juist heel veel te voelen.

 ‘Melancholia’ bestaat als begrip sinds de oudheid. Dürer en Cranach schilderden de expressie ervan. Droefenis en inactiviteit is de omschrijving die je al bij Plato en Aristoteles vindt. En ook zij zagen al het verband van zwartgalligheid met kunst. Nog pas gebruikte Erik Lindner Acedia, de oude benaming, als titel voor een bundel.

 Wat me hier in Gent treft is de ongrijpbaarheid ervan. Melancholie is niet het gevolg van een enkele droeve gebeurtenis, maar een magneet. De melancholie trekt alle droefenis die de lijder in zijn leven meemaakte naar zich toe. En er is geen kruid tegen gewassen. Later meer.    

Trapeze

 Heet dit gedicht van Deborah Digges, vertaald dor Anneke Brassinga in haar nieuwe bundel Het wederkerige. De Amerikaanse Deborah Digges (1950-2009) pleegde zelfmoord door van een hoog gebouw te springen op de campus van Amherst University, Massachusetts. Er verschenen van haar vier bundels. Anneke vertaalde verscheidene gedichten.

Zie hoe het eerste donker de stad in de armen sluit

en wegdraagt naar wat wij gisteren de toekomst noemden.

 

O, de stervenden, wat een acrobaten zijn het.

Hier moet je de boot nemen van de ene dag naar de volgende,

 

of de dwarsliggers grijpen van de brug, hand over hand.

Maar zij zeilen als een slinger tussen eeuwigheid en avond,

 

duiken, herwinnen zich, balanceren in de lucht.

Wie kan op dit uur meeuwen onderscheiden van spreeuwen,

 

wind van draaideuren of stromingen buiten de rivier.

Sommigen, als kinderen op schommels, zwoegen hoger en hoger.

 

Roep ze niet terug roep ze niet binnen voor het eten.

Zie, slijtplekken maken ze, als vliegtuigstrepen aan de hemel.

herman de vries

 De man met de iets te zorgvuldig uitgeborstelde grijze baard keek me al weken aan. Ik ging niet. Robert Crumbs antwoord op alle diep­zinnigheid, Mr. Natural droeg zo'n baard en ging gekleed in een hemd.

 Herman de Vries loopt op foto's soms in z'n blote kont door de natuur, zelfs door de snee­uw. Hij stamt uit de nul-beweging, is nu tachtig en schrijft zijn naam nog steeds met schreefloze let­ters, geen hoofdletters ook want ‘hij houdt niet van hierarchie’.

 Ik aarzelde naar zijn grote Schiedamse tentoonstelling te gaan, zeker toen ik wist dat hij Nederland op de Venetiaanse Biënnale 2015 zal vertegenwoordigen.

 Maar ik ging. En vanmiddag beleefde ik in Schiedam een omvattend déja vu. Weer kwam ik in 1967 bij Fluxus-artiest Willem de Ridder binnen die Hitweek layoutte op zigeunermuziek en niet Jimi Hendrix. 'Alle muziek is mooi,' verklaarde hij.

 Alles is bij De Vries niet zozeer mooi als wel, ja wat. Interessant? Nee dat kan niet, zijn werk begon in de tijd dat Willem de Ridder en Wim Schippers 'oninteressante marsen' door de stad hielden, waaraan ook niemand meedeed. En Schippers bij Petten een flesje limonade in zee leeggoot. Dat haalt De Vries nergens, bij hem ontbreekt elke humor.

 Zijn esthetiek is netheid.  

 Een deeltje van de driedelige catalogus is – echt waar - een geheel wit boekje met louter witte pagina’s . Keurige lijsten hangen om wat ‘willekeurig’ moet lijken. Van nadrukkelijk toevallige, maar altijd erg witte houten maaksels tot platgetrapte blikjes en andere vindsels, opgeraapt op vakantie.

 De tentoonstelling laat zien hoe dit begint - met het toeval en de manipulatie ervan - en ook waar het eindigt.

 In een alomvattende pretentie van veelzeggendheid. Over ‘de mens die bij tijd en wijle dreigt te vervreemden van zijn wortels in de natuur’. Op de Biënnale van Venetië. 

Tags: 

Duivels (2)

 Waar was je op het moment dat? Vanmiddag zat ik bij Helga Ruebsamen in Scheveningen, pas op de terugweg vertelde de autoradio de Charlie Hebdo-moorden.

 Rechts van me de lichtjes van de Scheveningse gevangenis. Het fort waarover Helga in haar jongste boekje 'Ruimschoots de tijd' schrijft hoe ze zich als kind verbeeldde dat ze 'er diepe zuchten uit hoorde opstijgen'. Ze vertelt dan van de schrijfcursussen die ze er aan tbr-klanten gaf. En noteert: 'Alle inzittenden hebben mij verzekerd dat zij aan inrichtingen als deze altijd voorbij zijn gegaan met de gedachte dat het een plaats was voor anderen. Het is een van de overeenkomsten die een gevangenis heeft met de dood.'

 De duisternis viel en de radio vertelde verder. Ik herinnerde me wat ik nog gisteren over terroristen schreef naar aanleiding van Dostojewski's roman Duivels. Maar nu? Zelfmoordterroristen waren dit niet. Ze hadden kunnen ontkomen. Ook waren hun namen nu bekend. Vroeg of laat zullen ze in een tbr-inrichting als deze terecht komen, voor de rest van hun leven. En in Frankrijk altijd zwaarder dan hier.

 Het meest, leer ik bij Helga Ruebsamen, vrezen ze de therapie waarbij je voor de psychiater je eigen leven moet opschrijven. Bij haar eerste les zijn er maar twee gegadigden: 'Hoe kan men zijn eigen levensgeschiedenis op schrift stellen als men deze nauwelijks in het diepst van zijn gedachten onder ogen kan zien, hoe zou men, dag in dag uit, pennend alsof er niets aan de hand was, of tokkelend op een computer, kunnen verdragen dat het onverdraaglijke steeds vaster vorm krijgt, steeds minder herroepbaar zwart-op-wit komt te staan?'

 Hoe erg kan moeten schrijven zijn? Oog in oog met een monster.

 Er zijn er die euthanasie verkiezen boven werkelijk levenslang hoorde ik nog gisteren.

 

Tags: 

Duivels (1)

 Wat een terrorist bezielt kan ik, denk ik volgen. Een groot gelijk, dat hem tot heerser zal maken over ons allen. Maar nu de Islamitische zelfmoordterrorist. Wat bezielt hem? Nog nergens las ik een goede uitleg.

 Zijn beloning ligt in een hiernamaals, waarvan hij geen andere voorstelling heeft dan dat 72 maagden – ik volg het vage cliché dat ze zelf uitdragen - hem daar ten eeuwigen dage zullen vertroetelen. Kortom, hij dient de goede zaak, is even een held binnen zijn groep en is weg.

 Als het om de psychologie van de terrorist gaat zijn er weinig schrijvers. En zo herlees ik nu 'Duivels' - de nieuwe vertaling van Hans Boland van wat Boze Geesten (1872) heette - van Fjodor Dostojewski. En herinner me weer zijn verbijstering over de gretigheid waarmee jonge Russische 'nihilisten' rond 1870 hun leven wilden geven voor de goede zaak - welke dat ook was.

 Waarom toch? Is het een jeugdverschijnsel? Onvrede met zichzelf? Met de wereld? Kennelijk tellen alleen radicale oplos­singen. Iets willen doen. Voor het eigen heil en dat van de wereld ineen. Of er onschuldigen worden getroffen doet er niet toe. Het hogere doel gaat boven alles. Maar wat is dat? Met die gratis vrouwen in de hemel neem ik geen genoegen. De verklaring moet dichter bij huis liggen.

 Bijna altijd gaat het om goed opgeleide jonge mensen, niet arm, die niets liever willen dan hun eigen leven zo weggooien. De Rote Arme Fraction ging ze voor, Bin Laden en nu het Kalifaat.

 Bij Dostojewski worden nihilisten mensen met men­selijke zwakheden. Maar wat had hij aangevangen met zelfmoordterroristen, die familie, vriendinnen, zelfs hun kinderen in de steek laten voor wat zij denken dat Allah en de profeet van ze willen. Die hun verstand en hun lot blind in handen leggen van machthebbers op wie geen kritiek mogelijk is.

 Waar blijft de angst in deze cultus van de dood? Er zijn diersoorten die zich en masse van de kliffen in zee storten. Verder kom ik niet.

Tags: 

Pagina's