Et alors

 Op de Vlaamse tv is Goedele Wachters niet teleurgesteld maar ontgoocheld. En Nederland zet een tandje bij. Het wielrennen en de televisie doen het. Daarom is 'Et alors', de tweede bundel van Max Greyson, een verrijking. Ik weet nog dat ik Els Moors hielp haar eerste bundel te ontvlaamsen. Voorbij, of? Dichters zouden de rijkdom van hun dubbeltaligheid meer kunnen gebruiken. Voor het eerst in België werd mijn vader aangesproken door een man met pech langs de weg: ''k Zijn zonder essence gevallen'. Ik lees 'Les gôuts et les couleurs':

 'Ergens in een straat in de Marollen rollen twee mannen de wereld op 

 op de radio is een koning dood en dertig burgers protesteren/ zinloos tegen geweld,/ beschaamd om de privileges van hun afkomst/ grijs is ook een kleur en ze is aan haar opmars begonnen

 De vrouw die walst met haar overleden man is kwaad/ sinds ze de dans moet leiden, ze briest: staar me niet zo aan met uw pen en papier/ ze is van hem en van niemand anders voor eeuwig/ ik mag het zien maar niet beschouwen

 Ik leerde eerst te glimlachen dan pas antwoord te geven/ weg te kijken wanneer ik verleid tot woorden als nooit en altijd/ denken aan wat overgrootmoeder zei/ tout comprendre c'est tout pardonner/ een sterk huwelijk is weten wanneer het beter/ over mauve bloemen op een dakterras zou gaan

 Ergens in een straat in de Marollen laten twee mannen de wereld vallen

 Mijn Joodse en Palestijnse onderburen spreken dezelfde taal/ ik moet ontrafelen wat er tussen de gesprekken vergaat/ behoed voor woorden als iedereen alles niemand niets/ even vluchtig als de geur van woestijn/ eens ingeademd, nooit meer vergeten

 Waar het om draait is tot een volk behoren, meester zijn/ in tussentaal vloeken met de tongval van een dorpsidioot

Spijkers

 Dit schilderij vond ik, in het zicht van de Luther-viering, morgen 31 oktober aanstaande wordt herdacht wat op dit schilderij van Jan Bartentsz. Muyckens staat afgebeeld. Dat datum dat Luther zijn 95 stellingen tegen de aflaat (het kunnen afkopen van je zonden dat de Roomse kerk toes­tond) in 1517 aan de deur van de slotkerk in Witten­berg spij­kerde.

 Spijkerde? In Duitsland, waar je vanouds ofwel Katholisch of Evangelisch (Luthers) bent bestaat een eeuwenlange discussie over Luthers spijkerpartij. Muyckens vond hem in 1643 ongeloofwaardig, noemde zijn doek ''een droom' en liet Luther de kerkdeur met een onwaarschijnlijk grote ganzenveer beschrijven (95 stellingen ja, maar dan moet die veer wel meters lang geweest zijn, waar vind je zo'n gans?

 Maar goed, 'Vom Ablass' wordt geschreven terwijl vriend Melanchton en zijn kameraden van de universiteit toekijken. (een grote inktpot zie ik nergens). En hoe de tekst aan de kerkdeur zal komen is onduidelijk.

Spijkers? Ik zie er de spijkers waarmee Christus aan het kruis werd genageld in terug, al werd Luther geen martelaar.

En ach, die aflaat is toch altijd blijven bestaan.

Het goede doel wacht overal.

Plukken

 Veel reacties op de 'Boom der vruchtbaarheid' uit Massa Marit­tima. Zelf vond ik dit, in het mooie 'In het hart van het hart van de schrijn', een prachtige verkenning door de fysieke Middeleeuwen van de Franse Anne Kawala, uitgebracht door Perdu en Tijdschrift Terras en vertaald door Kim Andringa. Toen het gebruikelijk was het hart van een geliefde uit te snijden en apart te bewaren in een kostbare schrijn.

 Uit haar 'Gedicht van de bomen met ballen en roeden':

 'In het hart van het hart van de Middeleeuwen kunnen ook vulva's geplukt worden/ in het hart van het hart van de middeleeuwen zijn bomen met opgerichte roeden populair worden verboden tijdens de Reformatie/ van het hart van het hart van de Middeleeuwen tot aan het eind zijn bomen met opgerichte roeden populair, carnavals, processies en pelgrimstochten, bomen met roeden, gevleugelde vulva's en andere vrome badges worden op de kragen van tunieken, capes en wambuizen van pelgrims gedragen.../

 Kawala doorbladert Anna van Bretagne's 'Levens der beroemde vrouwen', geïllustreerde door Jeanne de Montbaston. Waarin een non van een boom de opgerichte roeden plukt. En dan staat er: 'Weerstand bieden aan de natuurlijke drang is zinloos! Zelfs het kloosterkleed zal u niet sterken! Streel de veertiende eeuw, streel. Pluk de genietingen des levens! Streel de nonnen (...)

 PS. In een noot vertelt Anne Kawala over de 'lullenbomen' die in heel Europa verschenen. Ook over die in Massa. Kenner is de uroloog Johan Mattelaer, die ook de Roman de la Rose noemt waarin op de illustraties van De Montbaston jonge nonnen onder hun habijt hun geplukte penissen verbergen.

Bril

 Je kunt lezen om er achter te komen hoe het verder gaat of zelfs hoe het afloopt. Ik lees o zo vaak om te ontdekken hoe de mensen en de dingen waren, toen en daar, of beter, hoe er tegen ze aan gekeken en over ze gedacht werd.

 In 'Levend over levend' vertelt de 18-jarige dichteres Marina Tsvetajeva (1892-1941) over de veel oudere dichters Maximilian Volosjin, met wie ze een onopgeloste affaire had, en Koezmin. Eerst over het mutsje van de eerste: 'Zou het misschien niet... af mogen zodat ik de vorm van uw hoofd kan zien? Niets zegt zoveel over een mens al de vorm van zijn hoofd.'

 'Zoals u wilt.' Maar voordat ik mijn hand omhoog kan brengen heeft hij het al - voorzichtig - zoals mannen en beren kunnen zijn, met beide handen afgezet.

 'U hebt een voortreffelijk hoofd, zeer regelmatig van vorm, ik begrijp niet...'. Hij kijkt met de blik van een beeldhouwer - of zelfs van een houtsnijder naar een houtblok - overigens, zijn ogen zijn precies die van Pan van Vroebel: twee lichtende punten - en, vragend: 'Zou u dan niet meteen ook...'

 Ik: 'Mijn bril af mogen?' Hij, verheugd: Ja, ja uw bril, want weet u, niets verbergt een mens zozeer als een bril.'

 Ik, die hem deze keer voor ben: 'Maar ik moet u waarschuwen, zonder bril zie ik niets.' Hij, rustig: 'U hoeft niet te zien, als ik maar zie.'

 Later meer over de mode in het Petersburg van toen.

(vertaald door Anne Stoffel)

Vruchtbaar

 In Massa Marittima, waar ik meermalen was, werd in 1999, in de openbare fontein aan de Via Ximenes, bij de Dom een fresco ontdekt, van een ooit populair onderwerp, de 'lullenboom', ook wel de boom der vruchtbaar­heid. Er hangen er veel in de takken en op de plaatjes zijn het nonnen die ze plukken.

 Ik denk dat ik weet waar, want ik ken Massa. In de openbare fontein bevindt zich een uniek 13e-eeuw  fresco, l'Albero della fecondita. Deze Boom van Vruchtbaarheid werd bij toeval ontdekt in de Fonti dell'Abbondanza, de open­bare fontein en voormalige wasplaats aan de Via Ximenes, niet zover van de Duomo. De fontein ontleent haar naam aan het Palazzo dell'Abbondanza waar ze deel van uitmaakt.

 Het fresco werd geschilderd op het muurvlak van de arcade van een publieke plaats. De grote symmetrisch geschilderde boom heeft kleine rode puntvormige bladeren, en vruchten die stevige fallu­ssen v­oorstellen, 25 mooi gestrekte penissen en testikels die door een zevental vrouwen onder de boom geplukt of verzameld wor­den. Twee vrouwen vliegen elkaar voor een fallus in de haren.

 Ik kwam daar altijd bij de sigarettenwinkel om de hoek voor de erg mooie eigenares. Maar toen ik er vorig jaar terug­keerde en vroeg of ze me nog herkende zie ze nee, niet. Maar haar zoontje, toen een peuter, nu een hulp in de winkel keek me aandachtig aan en zei 'Maar ik wel mama. Ik herken hem.'

Tags: 

Geloof

 Middeleeuwse Bijbelse voorstellingen werden gemaakt om in te geloven, door kunstenaars die geloofden in wat ze afbeeldden. Wat ze vaak ontroerend maakt is dat hun vaardigheid nog tekortschiet bij hun overtuiging.

 Hoe komt het dat deze buste van de Heilige Maagd zo mooi is? Nog iets anders dan het vakmanschap van deze beeldhouwer uit Praag, die hem uit terracotta maakte en daarna beschilderde, omstreeks 1390. Ze houdt haar hoofd een beetje scheef, ook alsof haar kroon wel erg zwaar is. En draagt een geplooide omslagdoek, waar de haren onderuit komen.

 Haar blik is ingekeerd, als of heel haar verhaal daar binnen zit.

 Het commentaar in dit boek zegt dat rond deze tijd het epitheton 'Onze Maagd' (Nôtre Dame) naar het enkelvoud verhuist en een liefdesgeschiedenis wordt tussen maagd en gelovige. En vandaar is het dan maar een stap naar de hoofse poëzie. 

 Deze is te zien The Cloisters van het Metropolitan Museum of Art.

Het laatste woordje

 Het eerste dat me werd ingeprent was luisteren als mijn grootvader, de ouderling, voorlas uit de familiebijbel - het boek met het roodfluwelen jasje waar ook mijn naam in stond - voor het eten. Ingespannen keek ik naar de kristallen messenleggers op het tafelkleed.

 Het ging niet om luisteren maar om het onthouden van het laatste Bijbelwoord dat hij uitsprak voor er gegeten kon worden. Meestal was dat iets als 'gekomen zijn'. Wist ik dat te herhalen, dan bewees het dat ik goed had opgelet.

 De Bijbel bestaat voor mij nog steeds uit 'gekomen zijn'.

 De maaltijd werd besloten met het rituele toetje en dat was chocoladepudding. Gegoten in de vorm van een vis en oneetbaar. Omdat oma er veel te veel cacao in deed, waardoor het oneetbaar bitter werd. Mijn moeder durfde daar niets van te zeggen. Ze was bang voor haar schoonmoeder.

 En dus eindigde iedere zondagsmaaltijd met oneetbare chocoladepudding omdat ik 'het zo lekker vond'. En daarna met het Onze Vader. 'Uw koninkrijk kome.'

Kleren

 In het 'Over de grens'-nummer van Tijdschrift Terras vond ik dit gedicht van de Mexicaanse Coral Bracho (1951), vertaald door Lisa Thunnissen. Nu stond er kortgeleden een rugzak voor me, lukraak gevuld met oude tot zeer oude, fraai bewerkte kleren.  Veel ondergoed. Het ontwarren van zo'n berg, uitvissen wat wat is, een kraagj­e, een onderrok, een soort bef, een lijfje. Kleren hebben de neiging zich te verstrengelen. Te rebelleren tegen ordening.

Hotelkamer

ZE VERANDEREN STILLETJES VAN PLEK

Daar staat de koffer,

aan de rand van de kamer, aan de rand

van het strand

of van in zee

vallen. Kleren

die in de war raken, die rebelleren. Moeilijk

ze te herkennen. Moeilijk

ze te observeren want ze vormen kluwens, verstoppen zich,

veranderen stilletjes van plek. Moeilijk te zien

waar ze ophouden en wat hun gewoontes

willen zeggen.

Commonwealth

 Wie wil begrijpen waar de grootheidswaan van Boris Johnson vandaan komt moet Ian Buruma lezen. De kern van Brexit is toch dat de Engelsen het zelfstandig beter zullen doen dan de rest. Waarom? Daarom?

 De Commonwealth, het Britse wereldrijk, is de erfenis van het Romeinse rijk. Kijk maar naar de architectuur, de zuilen. En dan naar de talloze Capitolen in de Amerikaanse hoofdsteden, want de Amerikanen zijn de legitieme erfgenamen. Elizabeth is formeel nog steeds koningin van Australië, Canada en zo meer. Bekijk haar kroning nogeens. En heel de wereld speelt cricket. De ruïnes van Rome kregen replica's in de tuinen van Engeland.

 Daar komen de 'Engelse tuinen' vandaan. En Donald Trumps vriendschap met Boris spreekt boekdelen.

 En dan? Dan volgt de keizertijd - goud, veel goud - en onvermijdelijk de corruptie en de morele decadentie. En tenslotte de invasies van de barbaren.

 Decline and fall of an empire, zie Gibbon. Waarvan de bewoners het niet in de gaten willen hebben. De Engelsen zijn de Romeinen van nu.

schoolplaat

Pagina's