Dali's explosie

 Er waren in de New Yorkse studio van Dali's vriend Philippe Halsman in 1948 vier assistenten en Halsmans vrouw nodig voor het maken van deze foto. Plus de fotograaf en de schilder. Zes uren en achtentwintig worpen later voldeed het resultaat, alles vastgelegd op contactafdrukken, zoals nu te zien in Foam.

 De bedoelíng was 'alle compositionele elementen in een zwevende ruimtelijke explosie' vast te leggen, schrijft Halsman. 'De onbezielde voorwerpen - stoel, ezel, kru­kje, het schilderij waren makkelijk op te hangen aan draden. Het lastige deel was om het statische en toch mobiele moment van animatie van de vloeibare en levende elementen vast te leggen.'

 Hij werkte als volgt. Met militaire precisie begon hij te tellen: bij 'drie' gooiden zijn assistenten drie katten en een emmer water de lucht in; bij 'vier' sprong Dali op en nam Halsman een foto voordat alles op de grond terecht kwam. Meteen na elke opname ontwikkelde Halsman de film en bekeek de foto. Weer mislukt. 

 Tot er na zes uur een lukte: 'Mijn assistenten en ik waren nat, vuil en de uitputting nabij; alleen de katten zagen er nog uit als nieuw.

 Zover even fotografie en manipulatie. 

 

 

 

Tags: 

Ixcanul

 Je zou wensen dat er iets gebeurde. Maar er gebeurt niks, behalve wat je al vreesde. Het Maya-meisje Maria is voorbestemd een goede partij te trouwen, maar wordt zwanger van de luie, dronken dromer Pepe.

 Toverij noch zelfverminking helpen. De dingen nemen hun loop op de barre hellingen van de vulkaan Ixcanul. Eenmaal in het zieken­huis in de stad wordt haar baby haar ontstolen en vermoedelijk verkocht. Is dat erg?

 Het is voornamelijk het gevolg van haar eigen onnozelheid en die van haar ouders. Als ze nu nog Spaans spraken, maar ze kunnen zich als Maya’s niet verstaanbaar maken. Toch klaagt en jammert de moeder maar door.

 Zoals Willem Brakman eens ‑ na lang nadenken ‑ zei 'sommige dingen zijn wel erg, maar niet interessant.'

 Niemand in deze Guatemalteekse film ontkomt aan de voor hem of haar vastliggende patronen. Niemand heeft een ander idee dan het bekende. Van het plan van Pepe naar de Verenigde Staten te komen wordt niets meer vernomen. Het gestolen kindje zal niet teruggevonden worden.  

 Het noodlot, het bijgeloof zegevieren. Het slot onthult dat Maria zal trouwen en met de zelfde lege blik over de vulkaan staren. Is dat erg? Ach, de onontkoombare schilderachtigheid van het noodlot. Het pittoreske leed van Ixcanul werd in filmland alom bekroond.

Fotomagie

 De vellen met contactafdrukken van Magnumfotografen zijn te zien in Foam, zodat je je kunt verdiepen in wat foto's maken was en nog is. De keuze van de keuze van de keuze, vaak gemaakt met hulp van het toeval van het toeval. Zelden gaat er iets volgens plan. Want een fotograaf kan voorbereid zijn, ap­paratuur in de aanslag hebben, de we­rkelijkheid is er ook nog. 

 Het mooiste voorbeeld vind ik in Foam de boompjes van Mark Power. Waar staan ze niet? Mijn jeugd werd getekend door net zulke boompjes. Zelf noemt hij dit zijn Dalmatiërfoto, om de hond. Hij was in Warschau voor een project dat Eurovisions heette. En schrijft:

 'Het was een opmerkelijk staaltje van geluk. Een van mijn objectieven was kapot gegaan en Konrad - mijn gids, chauffeur en assistent - had het weggebra­cht naar een reparateur. Het objectief was na reparatie echter per ongeluk opgehaald door iemand die woonde in de wijk die hier op de foto's te zien is. Op een zaterdagochtend gingen Konrad en ik erheen om het objectief terug te halen. In de wijk lag een lage heuvel, waar enkele mensen aan het sleeën waren. We waren wat aan de vroege kant, dus ik zette mijn statief op om een foto te maken. Je kunt twee sleeënde mensen zien op plaat 687. Toen zag ik rechts van mij een Dalmatiër die precies mijn beeld leek in te lopen. Het was behoorlijk donker en de belichtingstijd zou een seconde bedragen. Ik zou dus geen foto hebben als die hond in het voorbijgaan niet zou stoppen. Maar hij stopte wel. en ook nogeens op de juiste plek. Ik begrijp nog steeds niet waarom hij daar stil hield: er was geen boom of paaltje of wat dan ook te bekennen. Misschien voelde hij mijn wilskracht en deed het gewoon voor mij.'

 De finishing touch komt in de slotzin: 'Helemaal aan het einde van de opname kwispelde de hond met z'n staart, zodat je bij een grote afdruk een lichte onscherpte in het achterlijf kunt zien. Maar verder is mijn opname haarscherp.' 

Pyjamavaders

 Waar zijn de vaders? In haar boek met kort proza ‘Hier moet ik ingrijpen’ schildert Sylvia Hubers er verscheidene. Een uitstervende diersoort? Hier pyjamavaders op een ziekenzaaltje:

 'Vaders liggen mooi in ziekenhuizen, geven zich over, laten zich in pyjama zien aan hun gezin aan de bezoekers aan de bezoekers van andere vaders. Ze laten zich een pil toestoppen. In de ochtend in de middag in de avond laten ze zich leeftocht brengen, lepelen ze ontbijt lunch en diner uit een kom. Vaders die in ziekenhuizen liggen denken over allerlei dingen na.'

 'Dat moet wel, zie je ze iets anders doen? Soms vertellen ze iets over hun eigen kwalen aan elkaar. Er zijn veel kwalen om vaders in het ziekenhuis te krijgen. Elke vader die met maar een kwaal in het ziekenhuis ligt moet op zijn blote knieën God, het lot of wat dan ook danken dat hij al die andere mogelijke kwalen niet heeft. Als de gezondgeopereerde vaders - een beetje slaperig nog - begeleid door gezinsleden het ziekenhuis verlaten nemen ze kameraadschappelijk afscheid van de vaders die nog moeten blijven liggen. Nieuwe vaders met kwalen treden aan en het lijkt of er altijd genoeg vaders met kwalen zijn om de bedden te vullen en dat het daardoor eigenlijk heel gewoon is dat er vaders met kwalen bestaan.’

 ps. De mijne had een kamer voor zich alleen waar hij bleef roken tot het alarm afging. Steeds weer. Voortijdig nam hij - in pyjama - een taxi naar huis. Een keer maar nam hij deel aan een praattherapie. ‘Doet u thuis ook zo?' vroegen de andere vaders.

Tags: 

Securit

 In koorts zwenkt mijn kop langs afgronden en catastrofen tot hij verlost wordt door de dageraad. In de ontwaakslaap vindt hij soms houvast. Vanmorgen bij Bianca Cas­tafiore.

 Wie vliegangst heeft raad ik Kuifje aan. Verzink erin. Maar welke dagrest bracht me bij de Milanese nachtegaal? Ja, ik las in Kunstschrift over de tentoonstelling in het Rijksmuseum van Oosterse kunst waar onze Gouden-eeuwers mee pronkten. Porselein, gal­joenen vol, uit China en Japan. En dacht 'het kon allemaal kapot'.

 De koortssprong volgde: Bianca Castafiore kon elk kristallen voorwerp of wijnglas kapot zingen met haar hoge noten.

 Weer reed ik over C- en V-wegen lukraak door Noord-Frankrijk en keek van een heuveltop plotseling uit over een dorp dat voornamelijk uit een enorme glasfabriek bestond. Plaatsnaam: Saint-Gobain. Ten Westen van Laon. Het duurde even voor ik begreep dat de Nationale Franse glasin­dustrie aan mijn voeten lag. Een uitzicht dat Hergé had kunnen tekenen.

 Ik stond op en begon - nog maar half wakker - sporen te volgen. Het eerste was Bianca Castafiore. Maar waar moest ik zoeken? Tenslotte vond ik haar in het boek waarin Hergé Castafiore introduceert. Ze zit in een auto naast Kuifje en Bobbie. Ze zijn op weg naar Syldavie. En hij kent haar zangkunst nog niet.

 Deze scene bleek het, in De Skepter van Ottokar (1939). Nu wist ik ook weer het merkje op de ruit: Securit. Het blijkt nog steeds een product van Saint-Gobain. Extra sterk veiligheidsglas. Ooit staatseigendom, zoals de putdeksels van heel Frankrijk gemaakt worden in Pont-a-Mousson (bij Metz), wat er altijd op staat.

 Zover deze omzwerving. Kop noch staart. Maar de koorts zakt.

Tags: 

Stampersgat, Tennessee

 Op de site van de nog steeds spelende groep CCC Inc. vertelt zanger en banjoïst Jaap van Beusekom over zijn treffen met de bassist van J.J. Cale. Jaap trad soms solo op in voorprogramma's van Amerikaanse grootheden als Emmylou Harris.

 'Ergens eind jaren zeventig speelde ik in het voorprogramma van J.J. Cale in theater Carré in Amsterdam. (...) Cale was redelijk bekend in die tijd in Nederland maar Carre was in mijn herinnering niet helemaal uitverkocht. In de band was J.J.Cale praktisch niet te onderscheiden van de rest van de muzikanten, een 'anonieme podiumhouding', die hij de rest van zijn leven zou blijven volhouden.

 'Na het concert had ik een gesprek met zijn aardige bassist die naar bleek uit Stampersgat, Tennessee afkomstig was. Vervolgens vroeg hij naar mijn afkomst, en na het horen van het antwoord 'Amsterdam, Holland' was zijn vervolgvraag of dat aan de westkust of aan de oostk­ust lag.'

 'Toen begon het mij te dagen dat hij niet in de gaten had dat hij zich buiten Amerika bevond. Tijdens het verdere gesprek bleek dat zijn geografis­che voorstelling überhaupt geen ander land dan Amerika bevatte. Dat was nu eenmaal zijn besef van de wereld. Ik deed daarom ook geen enkele poging om hem daar vanaf te brengen. En zo bevond ik mij toch eigenlijk op Amerikaans grondgebied in die kleedkamer.'

 Muzikale geografie. Jaaps verhaal deed me denken aan Sonny Boy Wiliamson, die zong: 'I've been all over the world, to the Gulf of Mexico. I've been everywh­ere, where God has some land.'

 Of zoals Amerikaanse en Engelse muzikanten later zeiden: 'If it's wednesday this must be Kopenhagen.'

Tags: 

Onder de leden

 Volgende week moet ik komen voor de griepprik. Dat lijkt net te laat, maar of wat ik nu heb griep is, geen idee. Ik ga niet internet op.

 Huismiddeltjes worden aangereikt. Johnny van Doorn zwoer bij compressen van ik dacht groene kool. En een vriendin raadt aan: ‘snelverbanden in witte azijn gedoopt en strak om de onderbenen gewonden, dan zakt de koorts als de wiedeweerga.’

 Mijn eerste griepprik kreeg ik lang voor de standaardleeftijd, op aandringen van Gerard Reve, die graag doktertje speelde. Hij was doodsbenauwd voor ziekte maar vond het tegelijk ook spannend:  ‘Je kunt mij altijd wat vragen hoor, want ik weet bijna alles.’

 Zijn darmoperatie in het Schiedamse ziekenhuis zal me heugen.

 Eerst vertelde hij: ‘Er is een rechtstreekse televisieuitzending verzorgd uit mijn achterste. Ik heb het zelf gezien.’ Huh? Het bleek dat er een cameraatje in zijn darmen had rondgekeken. Dit onder leiding van een vrouwelijke arts  - ‘dat zijn de beste’.  De operatie die volgde liep goed af.

 Ik had een dokter, een vrouw, die zei ‘niets doen, niets slikken, alleen water drinken’.

 Het gaat al wat beter.

Koortsbordeel

 Koortslezen. En dan proberen iets te schrijven. Wat er gebeurt is lezen en schrijven tegelijk. Het koortshoofd zit vol slaap, maar resten plichtsbesef roeren zich. Wat er gebeurt is dit: ik probeer Het doodgezegde park van Willem Brakman te lezen, maar ik ga met het boek op de loop en tegelijk gaat het boek met mij op de loop.

 Af en toe zak ik weg en droom Willem verder. Maar na verloop van tijd denk ik, nee dit staat er in z'n boek helemaal niet, dit zou Brakman nooit zo schrijven. dat verzin je maar. Ik m'n  ben ik in z’n verhaal linksaf geslagen. Maar waaf? Ik sta in een enorme parkeergarage in een onbekende stad, misschien Brussel. Willem zou hier nooit inrijden. En ik kan m’n auto nergens terugvinden.

 Brakman is een schrijver die droomschrijft, schrijfdroomt. Van droom naar boek is maar ’n stapje. De hoofdfiguur is bezig samen met mevrouw van Reyne een chic bordeel op te zetten.

 Hoe moet het fond zijn? Een soort bloementuin: 

 ‘Vanuit de hal gaat een trap naar boven, de trap van de zevende hemel: crèmekleurige wand, dik tapijt op de treden, zware koperen leuning, die rond moet zijn en voelbaar massief.’ Waarom?

 ‘Om het fluïdum der vele handen die daar overheen hebben gestreken, een baaierd van kneepjes en strelingen om een dreunende stang, we gekruld, maar zeer erect de tuin verbindt met alle mogelijkheden die zich aftekenen als men zo’n trap beklimt. Ik stel voor dat een nonachtige dame boven aan de trap na en kleine reverence fluistert: “heeft meneer de keuze al gemaakt?’’

 Maar goed typen kan ik nu niet. En mijn kop erbij houden ook niet.

Tags: 

Wat dingen met je doen

 'Hoe de dingen ons bewegen' wordt de bundel stukken van 25 schrijvers over hoe punaises, vloerkleden en aspirines, iPhones en gebouwen met ons zijn vervlochten. Verschijnt eind dit jaar.

 Zondagmiddag om 14.00 uur is er in het Amsterdamse Castrum Perigrini een bijeenkomst over wat dingen met ons doen. Zou Proust ter sprake komen? Het ding dat een heel oeuvre in beweging zette was immers de 'Petite Madeleine', het cakeje waarmee hij Proust het ver­leden, zijn verloren tijd terugbracht.

 Ik logeerde in Commercy, nabij Nancy, waar ze nog steeds vandaan komen en kreeg elke ochtend bij het ontbijt zo'n cakeje. Nogal zoet. Een geri­bde vorm. Proust beschrijft de eerste keer dat ie er een van z'n moeder kreeg, in 'Combray': 

 'Ik drenkte een stukje van de madeleine in de thee en bracht daar even later met een lepel werktuiglijk wat van naar mijn mond. Maar precies op het moment dat de met cakekruimels vermengde slok mijn verhemelte raakte, ging er een huivering door me heen, en iets uitzonderlijks dat in mij plaatsvond trok mijn aandacht. Een heerlijk genot had me overspoeld, volledig op zichzelf staand, zonder duidelijke oorzaak. Het had de wisselvalligheden, de rampen en de kortheid van het leven op slag onverschillig, ongevaarlijk en illusoir voor me gemaakt, op de zelfde manier als de liefde te werk gaat, door me te vervullen van een kostbare essentie of liever gezegd was die essentie niet in mij, ze was mij. Ik voelde me niet langer middelmatig, bijkomstig, sterfelijk. (...) Er volgen nog vele madeleines.

 En dan ontdekt hij dat hij al zoekend, al schrijvend het verleden zal moeten herscheppen, opnieuw zal moeten uitvinden..

Tags: 

Sylvia Hubers

 Dichters weten wat kort is. De ene helft van de lezers turnt pages, de andere helft staart naar zinnetjes en woorden. Ik hoor tot de laatste. Begin achterin te lezen.

 Het zeer korte proza in de Nederlandse letteren was er lang voor het schermpje en voor A.L.Snijders het Japanse handpalmproza toepaste. Sylvia Hubers schrijft behalve gedichten al jaren kort, vreemd proza. Kort wordt bij haar vanzelf vreemd. Wanneer je wat zinnen opruimt botst wat overblijft soms op elkaar en brengt onverwachte kortsluitingen als in een flipperkast.

 Dit is uit De nieuwe stukjesbundel Hier moet ik ingrijpen. Een van de teksten over de stervende vader. 'Ondertussen mijn vader':

 'Ondertussen mijn werk doen. Vader sterft tussen de regels door. Langzaam, elke dag een beetje meer weg. Ondertussen doe ik mijn werk. Tussen de regels door sijpelt mijn vader. Ik kan geen werk meer doen zonder mijn vader. Men vraagt mij een werk te doen en ik denk: dan krijg je mijn vader erbij cadeau. Ik krijg mijn vader niet meer cadeau. En groot deel van mijn vader is al weg. Het mooiste deel is nog gebleven. Waarom is dat het mooiste deel? Omdat het er nog is, denk ik, terwijl ik mijn werk doe. En terwijl ik mijn werk doe, verdwijnt mijn vader, langzaam. Elke dag is er een mooiste deel dat blijft.'

Tags: 

Pagina's