Uit de proloog: 'Kom bij mij adepten/ uit uw boudoir met naaldwerk/ ambtenares van de engelenliga/ waardige ongerepte
die net zo rustig lippen doorbladert/ als uw kok een deel recepten.
Naar keuze ben ik de vleselijk wrede/ uit het hemelse stalenboek,/ naar keus
ook onberispelijk teder-/ geen man, maar een wolk in broek.
Daar is voor mij geen man, maar een wolk in broek.
Daar is voor mij geen Nice, geen bloemrijk lustoord/ Ik verheerlijk als poëtische peter/ manvolk zo belegen als een rustoord/ en vrouwen als een spreekwoord zo versleten.'
En dan barst hij los, de voordrachtskunstenaar, de nieuwe messias. Met regels als: 'De straat torst haar lot verdoofd./ Gekrijs slaat steil uit haar keelgat./ Poezele taxi's met opstaande stekels/ en pezige koetsen stremmen haar strottehoofd. Voetgangers - feller dan tering/ slopen haar borst plat.
De stad heeft de weg met duister vergrendeld'
En iets als: 'Goed is het/ om in het gebit van het schavot gekwakt/ te brullen/ 'drinkt Van Houtens cacao!''
Die hadden nl. een fabriek in Rusland, een symbool van buitenlandse kleinburgerlijkheid. Fondse haalt de grap aan waarin de paus zijn onze vader eindigt met 'Amen, Coca-cola'. Tegen betaling natuurlijk, sponsoring bestond al.